De sterkte van het leger van Irak wordt zwaar overschat

AMSTERDAM, 24 aug. Een ding staat vast zowel voor de beleidsmakers in Washington en in Jeruzalem, als voor de leiders van Egypte en de Golfstaten: Saddam mag onder geen beding ontsnappen aan de wurggreep van de wereld. Daarom heeft de Amerikaanse geheime dienst CIA, volgens de Washington Post, president Bush ervan overtuigd dat 'geheime acties' absoluut noodzakelijk zijn om het bewind van Saddam Hussein ten val te brengen. Daarom eisen zoveel regeringen in en buiten het Midden-Oosten dat Irak onvoorwaardelijk het bezette Koeweit ontruimt. Zij weten dat Saddam die eis na zijn annexatie van Koeweit en na zijn capitulatie voor Iran onmogelijk kan inwilligen omdat hij dan naakt en zonder middelen voor zijn volk zou staan en op termijn zou worden afgeslacht.

Zij weten ook dat als Saddams oorlogsmachinerie thans niet wordt ontmanteld, het te laat is. Dan komt er geen volgende kans meer. Dan kan Saddam over slechts een paar jaar beschikkend over een groot deel van de olie in de wereld, over de atoombom, over chemische en bacteriologische wapens en over nauwkeurig afgestelde lange-afstandsraketten zijn wil opleggen aan het ganse Midden-Oosten en daarbuiten. Dan zullen de moordpartijen die hij in zijn eigen land ongestraft kan uitvoeren, over duizenden kilometer worden uitgebreid. Dan zal voor honderdduizenden, mogelijkerwijs miljoenen, het licht voor altijd doven. Zes jaar geleden sprak de Iraakse president de in Bagdad geaccrediteerde Arabische ambassadeurs toe: 'Zonder Irak en zijn legers van ijzer zouden de heersers aan de Golf niet eens meer de tijd hebben om hun koffers te pakken en hun vrouwen in veiligheid te stellen. Zij zouden nu reeds als krijgsgevangenen door Teheran worden gevoerd.'

Zij geloofden in de waarheid van zijn woorden en zij waren nog meer onder de indruk van zijn dreigement dat hij bereid was om, zo nodig, de Derde Wereldoorlog uit te lokken: 'Als ik moet opstappen, zal iedereen met mij verdwijnen.'

Dus stelden zij hem zuchtend, ten behoeve van zijn nobele doelen, miljarden dollars ter beschikking. Maar drie weken geleden had de emir van Koeweit geen tijd om zijn koffers te pakken. Slechts met behulp van een razensnelle Mercedes slaagde hij er op het laatste nippertje in om niet als gevangene door Bagdad te worden gevoerd.

Haat/liefde

Saddam, die als jongeman werd afgekeurd voor een militaire beroepsopleiding, is altijd hopeloos verliefd gebleven op alles wat militair is. Op 1 april zei hij in een toespraak waarin hij bevestigde dat Irak de beschikking heeft over binaire chemische wapens: 'Kaki is een mooie en goede kleur. En wij zullen het de komende duizend jaar dragen. Als zij (de supermachten) niet willen dat wij burgerkleren dragen, dan doen wij dat niet. Het is geen probleem.' Saddam heeft altijd een haat-liefde-verhouding gehad met de strijdkrachten die hij voor zijn doelen nodig had, maar die hij vreesde. Tot 1979 was de top van het leger niet, zoals in Syrie, identiek met de alleenheerschappij van Saddams Ba'ath-partij. De twee machtscentra werkten voorlopig nauw samen, waarbij de president van de republiek, generaal Hassan al-Bakr die niet alleen een familielid was van Saddam maar ook in het leger zeer populair de rol van nuttige schakel vervulde. In juli 1979 werd Al-Bakr gedwongen zijn ontslag als president te nemen volgens sommigen omdat hij inderdaad te ziek was, volgens anderen omdat Saddam tijdens een onderonsje die eis stelde en tegelijkertijd zijn pistool op hem richtte.

Pas toen kon Saddam echt aan het werk. Hij zuiverde het leger en stelde op de sleutelposten leden van zijn clan aan als vertrouwelingen. Hij bedeelde hen ruim met geld en stoffelijke goederen, zonder ooit in de fout te vervallen hen werkelijk te vertrouwen.

Hij ziet zichzelf als een groot strateeg. Dat hebben zijn bevelhebbers tijdens de Golfoorlog ervaren zeer tot hun schade. Zij moesten blindelings zijn 'adviezen' volgen. Als de door hem gegeven opdrachten mislukten, moesten de plaatselijke commandanten voor de gemaakte fouten met hun leven boeten. Het was hun schuld geweest.

Gevreesd leger

Saddams strijdmacht en zijn militaire middelen zijn op papier groter dan die van enig Westeuropees land. Maar zoals alle legers in de Arabische wereld, staan ook de Iraakse strijdkrachten onder de directe leiding en controle van de hoogste politieke leider en zijn naaste verwanten. Dit centralisme heeft in tijden van crisis desastreuze gevolgen. De commandanten ter plaatse kunnen niet snel genoeg op vijandelijke offensieven reageren omdat zij eerst de bevelen van de opperste leider moeten afwachten.

Een andere organisatie is echter uitgesloten. Want de machthebbers moeten altijd vrezen voor een bonapartistische coup van een legerleider die zich als politiek alternatief aanbiedt. Vandaar, dat het Iraakse leger naar Sovjet-voorbeeld gezegend is met politieke commissarissen die de oren en ogen van Saddam zijn. Vandaar ook dat de commandanten die de grootste successen in de Golfoorlog hadden geboekt, in 1988 en 1989 opzij werden geschoven of in een serie raadselachtige helikopter- en vliegtuigongelukken om het leven kwamen. Op aandrang van Saddams Franse militaire adviseurs hadden de plaatselijke legercommandanten in de laatste fase van de oorlog iets meer vrijheid gekregen om zelfstandig te reageren op Iraanse offensieven. Maar die vrijheid werd onmiddellijk na de oorlog afgeschaft. Het Iraakse leger, dat nu zo gevreesd wordt omdat het volgens de media 'in acht jaar oorlogservaring zo gehard' zou zijn, is dan ook veel minder sterk dan algemeen wordt beweerd. Nog maar drie jaar geleden beschouwden de Westerse en Arabische strategen de Iraakse landstrijdkrachten als zwak. De militairen werden van de grootst mogelijke luxe voorzien, tot en mte airconditioned bunkers. De Iraanse strijders, die onder de armoedigste omstandigheden leefden, waren vele malen geharder. De Iraakse luchtmacht, die aanvankelijk uit veiligheidsoverwegingen op verre afstand in Jordanie werd gestationeerd, kon weliswaar Iran vrijelijk bombarderen. Maar daarvoor had het Westen gezorgd door enerzijds Irak te voorzien van steeds betere raketten en anderzijds zijn wapenembargo tegen Iran steeds verder aan te halen. De eveneens door het Westen gesteunde 'tankeroorlog', die Iran van zijn olie-export afsneed, garandeerde daarenboven dat Iran financieel niet langer in staat was om zich op de zwarte markt van nieuwe wapens te voorzien. De kwaliteit van de Iraakse piloten wordt nog steeds als niet erg hoog beoordeeld. De Iraakse marine stelde tijdens de hele Golfoorlog weinig tot niets voor.

En een van de grootste problemen was en is nog steeds dat de aard van het regime garandeert dat de informatie over de vijand gekleurd en vervalst wordt doorgegeven, zodat de leiding onvoldoende inzicht in haar mogelijkheden en beperkingen heeft.

Gewenst effect

In 1987 heerste er in de VS, Europa en de Arabische wereld nog grote zorg dat de Iraniers elk moment door konden stoten naar Basra en binnen de kortste termijn Saddam ten val zouden brengen. Pas vanaf april 1988 keerde het tij. De aanvallen met gifgassen en de straffeloze bombardementen op de Iraanse burgerbevolking hadden uiteindelijk het gewenste effect. De Iraniers kwamen in zo'n paniek dat zij op de vlucht sloegen, nog voor de echte slag was begonnen. Voordien waren zij bij duizenden bereid geweest hun leven te geven. Maar nu zagen zij geen reden meer zich op te offeren. Zij hadden genoeg van de oorlog en verdwenen van het slagveld.

Een miljoen Iraakse militairen zegt dus niet zoveel, te meer daar velen van hen gedwongen in het leger zijn en tegen het regime. In Koeweit was dat goed te merken. Er zijn volgens de berichten van vluchtelingen al honderden Iraakse militairen gedeserteerd, toen zij merkten dat zij door hun officieren bedrogen waren. Een deel van hen was wijsgemaakt dat zij 'op militaire oefening naar Koeweit gingen', een ander deel had te horen gekregen dat zij 'tegen Israel ten strijde trokken'. Het Iraakse leger is op logistiek gebied altijd zwak geweest. Dat bewees opnieuw de invasie in Koeweit. Westerse militaire strategen prezen de overrompelingstactiek in het holst van de nacht. Maar zo moeilijk was de operatie ook weer niet. De militairen werden vaak met bussen aangevoerd vanaf de grens op 120 kilometer afstand. En zij verrastten de Koeweiti's, die van alle kanten te horen hadden gekregen dat Saddam beloofd had hen niet aan te vallen. Later bleek dat de Iraakse legerleiding bewust of onbewust dat weet niemand verzuimd had voor de bevoorrading te zorgen.

De Iraakse militairen bellen in Koeweit-Stad bij de huizen aan en vragen om water en voedsel. Soms bedanken zij beleefd, een andere keer verkrachten zij, na het genoten maal, de vrouwen. Volgens Amerikaanse militaire deskundigen beschikt Saddam over ongeveer 300.000 man troepen die even goed getraind zijn en evenveel ervaring hebben als hun Amerikaanse tegenstanders. Vandaar dat men in Washington stijf en strak volhoudt dat de opbouw van de Amerikaanse strijdkrachten uitsluitend 'defensief' bedoeld is. De planners in het Pentagon willen duidelijk meer tijd om troepen en materieel naar de Golf te brengen. Toch achten de militaire deskundigen het niet waarschijnlijk dat Saddam zijn grondtroepen tegen Saoedi-Arabie inzet. Hij heeft te veel slechte ervaringen met offensieven buiten zijn grens. En logistiek is een aanval van zijn grondtroepen in Saoedi-Arabie buitengewoon moeilijk. Er moet bijvoorbeeld erg veel water worden aangevoerd, waarmee hij nu al in Koeweit grote problemen heeft. Men acht het dan ook veel waarschijnlijker dat hij zijn raketten gaat gebruiken. Irak heeft de Golfoorlog alleen gewonnen dankzij zijn gifgassen en de fenomenale hulp die het zowel van de Sovjet-Unie en het Westen als van de Arabieren kreeg. Nu die steun er niet langer is, moet Saddam vertrouwen op Scud-raketten die tijdens de 'stedenoorlog' tussen Iran en Irak door beide partijen royaal werden gebruikt om elkaars burgerbevolkingen te treffen. De Irakezen zijn sinds 1987 bezig aan de verbetering ervan. Het bereik moest worden vergroot en de kop van een chemische lading voorzien. De Al Hussein, de door Irak ontwikkelde versie van de Scud, zou een bereik hebben van 600 kilometer. Frankrijk heeft volgens Amerikaanse bronnen de afgelopen twee jaar zelfgeleidingssystemen geleverd, waardoor de Al Hussein nu heel gericht zijn doel kan treffen.

Deze raketten zijn de afgelopen dagen in Koeweit en ten westen van Bagdad opgesteld. De boodschap is duidelijk: zij kunnen op elk gewenst moment tegen Saoedi-Arabie of tegen Israel worden ingezet als Saddams gebruik van de Westerse 'gasten' onvoldoende afschrikwekkend heeft gewerkt.