De opmars van de Duitsers tweede klas

BERLIJN, 24 aug. De Duitse deling zal in sociaal opzicht nog jarenlang voortbestaan, ondanks de op 3 oktober vastgestelde vereniging der beide Duitse staten. Dat blijkt uit het besluit van de Westduitse minister van financien, Theo Waigel, dat de ziektekosten van een Oostduitser voorshands maar veertig procent van die van een Westduitser mogen bedragen. Waigel wil zo voorkomen dat de Oostduitse ziekenfondsen straks worden gesubsidieerd uit de belastinggelden.

De veertig procentsnorm voor ziektekosten houdt in dat tot nader order de Oostduitse artsen niet kunnen rekenen op een salaris van meer dan veertig procent van die van hun Westduitse collega's. De Westduitse farmaceutische industrie heeft van Bonn het verzoek ontvangen de prijs van medicamenten in Oost-Duitsland, die de afgelopen maanden tot een explosie van de ziektekosten in de DDR hebben geleid, drastisch te verminderen.

Westberlijnse ziekenfondsbestuurders betwijfelen inmiddels of de Oostduitse ziekenfondsen het zonder een directe financiering uit de algemene middelen kunnen stellen. Directeur Herwig Schirmer van het Westberlijnse ziekenfonds AOK meent dat overheidsfinanciering ook bij een lager kostenniveau in Oost-Berlijn 'onvermijdelijk is, tenzij de verzekerden in het westelijk deel van onze stad in de toekomst meer gaan betalen om de kosten in het oostelijk deel te bestrijden'.

De AOK, die de opdracht heeft gekregen ook in Oost-Berlijn de ziekenfondsen te organiseren medische zorg was tot nu toe in Oost-Berlijn gratis, maar slecht zal voorshands in beide delen van de stad een geheel gescheiden administratie voeren. Westberlijners betalen 14,7 procent van hun medische kosten uit eigen zak. In Oost-Berlijn, waar de lonen ongeveer de helft zijn van die in het andere deel van de stad en bovendien veel werkloosheid onder overtollige ambtenaren wordt verwacht, zal dat maar 12,8 procent zijn. Meer lijkt het ziekenfonds sociaal onverantwoord. In de straks staatkundig verenigde stad zal het een Oostberlijnse zieke niet zijn toegestaan een arts of ziekenhuis in West-Berlijn te bezoeken. Tenzij hij bereid is de meerkosten van een westerse behandeling zelf te dragen, of wanneer de behandeling in kwestie niet bestaat.

Maar ook met deze restricties neemt de AOK aan dat de Oostduitse ziektekosten-verzekering het niet zulen redden zonder financiering uit de algemene middelen. Dat geldt trouwens al voor meer sociale voorzieningen in de 'Nog-DDR'. Eind juli heeft de regering in Bonn, die de pensioenverplichtingen van de DDR-staat heeft overgenomen, op stel en sprong 2,4 miljard D-mark in liquide middelen naar Oost-Berlijn moeten transporteren om de pensioenen voor augustus te kunnen uitbetalen. Naar verluidt zijn inmiddels al weer grote kastekorten ontstaan bij de pensioenfondsen in de DDR, maar ook bij de fondsen die Bonn ter beschikking had gesteld voor werkloosheidsgeld en arbeidstijdsverkorting.

Zeker lijkt dat bij de sociale verzekeringen in Duitsland nog jarenlang een Duitse deling zal voortduren. De Oostduitsers zijn daarbij duidelijk slechter af dan hun Westduitse landgenoten een situatie die sommige kritici al van 'Duitsers tweede klas' doet spreken. Zo zijn ook de oorlogspensioenen, die naar Westduits voorbeeld in de DDR zijn ingevoerd, op 40 procent van de Westduitse vastgesteld. Een aantal in de DDR nog geldende voorzieningen die gunstig afsteken bij de Westduitse, zullen inmiddels verdwijnen omdat ze niet langer financierbaar zijn. Dat geldt voor de bij bedrijfssaneringen in de DDR nog veel toegepaste VUT-regeling. Vrouwen van 55 en ouder, en mannen van 60 en ouder worden nu nog in staat gesteld tot aan hun pensioen 70 procent van hun salaris te genieten. Hiervoor komt de Westduitse regeling in de plaats: voor alle werknemers van 57 en ouder bestaat de mogelijkheid tot vervroegde uittreding tegen 63 procent van het laatstverdiende salaris, hetzelfde percentage als bij de werkloosheidsuitkering.

Ook zal de huidige ruime verlofregeling verdwijnen, waarbij DDR-werknemers zolang als nodig thuis konden blijven ter verzorging van zieke kinderen. Op dit punt zal voortaan een maximum van vijf dagen per jaar gelden.