Gijzeling burgers schokt westers idee van 'nette' oorlog

ROTTERDAM, 23 aug. Onschuldige burgers zijn al sinds de Oudheid als gijzelaar of schild gebruikt om vijandelijke aanvallen te voorkomen. Maar Irak maakt gijzeling nu voor zover bekend voor het eerst in de moderne geschiedenis openlijk tot regeringsbeleid in een situatie waarin nog niet van een oorlogsverklaring sprake is.

Dat zegt de historicus J. Hoffenaar van de sectie militaire geschiedenis van de landmachtstaf in Den Haag. 'Wat misschien enigszins in de buurt komt is de Bersiap-periode in Indonesie, toen geinterneerde Nederlandse burgers in de Indonesische vrijheidsstrijd door de republikeinen gevangen werden gehouden. Maar zij waren in de eerste plaats onderhandelingsobject', aldus Hoffenaar. De Groningse polemoloog prof. dr. H. Tromp wijst erop dat het nemen van gijzelaars niet alleen in het Midden-Oosten, maar ook in Europa een lange geschiedenis heeft. 'Vrouwen en kinderen voorop, dat zie je al bij Julius Caesar.' Eeuwenlang dienden gijzelaars als garantie voor de naleving van verdragen en overeenkomsten. In de Middeleeuwen moesten leenheren vaak hun zoon als gijzelaar aan de koning afstaan. Zolang hun vader zich in de ogen van de vorst goed gedroeg, werden zij over het algemeen zeer goed behandeld.

In de moderne geschiedenis bedienden de Duitsers zich in de Frans-Duitse oorlog (1870-1871) van 'menselijke schilden'. Om te voorkomen dat hinderlagen zouden worden gelegd voor hun treinen, bonden de Duitsers Franse partizanen op de treinen. In de Boerenoorlog (1899-1902) gebruikten ook de Britten gijzelaars om de bevoorrading van hun troepen veilig te stellen. In beide Wereldoorlogen maakten de Duitsers gebruik van gijzelaars, hoewel het verhaal dat Nederlanders in de meidagen van 1940 bij de Grebbeberg door Duitse troepen als schild werden gebruikt, tegenwoordig door historici wordt betwijfeld.

In de tribale Arabische samenleving was gijzeling een geaccepteerd middel om met enige dwang conflicten uit de wereld te helpen. Tijdens de Libanese burgeroorlog liep het nemen van gijzelaars echter volkomen uit de hand. Steeds meer kwamen financiele motieven voorop te staan en werd gijzeling een middel om politieke druk uit te oefenen.

De vierde Conventie van Geneve (van 1949), waarbij Irak partij is, verbiedt het nemen van gijzelaars. Geinterneerden mogen niet op plaatsen worden vastgehouden die 'in het bijzonder blootstaan aan oorlogsgevaar'.

Artikel 28 stelt dat beschermde personen (diplomaten en buitenlandse burgers) niet gebruikt mogen worden 'om bepaalde plaatsen of gebieden immuun te maken voor militaire handelingen'.

Het gaat hierbij echter om oorlogsrecht, en het is de vraag of Irak in oorlog is met de landen waarvan het burgers vasthoudt.

Drs. L. Wecke, hoofd van het Studiecentrum voor Vredesvraagstukken van de Katholieke Universiteit Nijmegen, acht het 'vanuit Irak bezien ethisch wel verdedigbaar dat buitenlanders bij strategische installaties worden vastgehouden als op die manier vele mensenlevens gespaard kunnen worden doordat de Amerikanen afzien van voorgenomen bombardementen. In die zin heeft Saddam Hussein gelijk: het is minder erg als een groep buitenlanders een paar weken in een ongemakkelijke situatie zit wanneer zo massale bombardementen worden afgewend.'

'De mensen die zich nu zo opwinden over de gijzeling van buitenlanders door Irak, zouden moeten beseffen dat alle regeringen die zich bedienen van nucleaire afschrikking zich eigenlijk ook aan gijzeling schuldig maken', zegt Wecke. 'Dan gaat het om gijzeling van hele bevolkingen en wordt er minder poespas van gemaakt. Maar als je het begrip gijzeling in ruime zin opvat, maken alle kernmachten zich ook nu nog aan gijzeling schuldig.' Oud-hoogleraar krijgsgeschiedenis F. C. Spits wijst erop dat Th. Schellling, een econoom van Harvard, tijdens de Koude Oorlog heeft geopperd Amerikaanse kinderen in de Sovjet-Unie onder te brengen, niet in het kader van culturele uitwisseling maar als gijzelaars, en omgekeerd Russische kinderen in de VS. 'Hij lanceerde dat denkbeeld in zijn boek Strategy of Conflict, maar het is nooit in overweging genomen', aldus Spits.

Polemoloog Tromp verklaart de geschokte reacties in het Westen op de gijzelingspolitiek van Irak uit het onbegrip in Europa en de Verenigde Staten over de ware aard van oorlogen. 'Oorlogen verlopen nu eenmaal niet volgens de normen van de Olympische spelen. Maar wij hebben daar geen begrip meer voor. We beginnen een oorlog netjes, maar dat kan niet uiteindelijk wordt het toch bloedig. Oorlog is niet netjes. Het enige dat echt indruk maakt zijn moordpartijen. Maar ja, dat zijn wij hier nu net ontgroeid.'