Bryan Roy: 'Bij sommige arbiters lijkt het of ik vogelvrijben verklaard'; Trekken en duwen om aan de bal te komen

ROTTERDAM, 23 aug. De balartiesten onder de voetballers hebben het zwaar te verduren. De meest begaafde van allen, Diego Armando Maradona, kon tijdens het laatste wereldkampioenschap geen bal aannemen of van alle kanten werd hij belaagd door tegenstanders. In totaal werden er in Italie meer dan vijftig overtredingen tegen Maradona gemaakt, schandalig veel. Enige spelvreugde viel er bij de kleine Argentijn dan ook niet meer te bespeuren. Na elke 'aanslag' op zijn lichaam was het onbegrip van Diego's gezicht af te lezen. Het is tegenwoordig het lot van de voetbalvedette.

In Nederland wordt Bryan Roy als de grootmeester van het hogeschoolvoetbal beschouwd. Zijn voormalige ploeggenoot Rob Witschge zei ooit dat hij het onvoorstelbaar vond hoe Roy de bal behandelde. 'Hij heeft een soort leermagneet.'

Journalist Cor Snel schreef in zijn voorbeschouwing op deze competitie dat in de kuiten van Roy 'de goden wonen en nog huur betalen ook'.

Zijn benen zijn dus niet voor niets de hoogst verzekerde in de Nederlandse eredivisie. Volgens de experts heeft de pas 20-jarige Ajacied de techniek waarover legendarische buitenspelers als Keizer, Moulijn, Rensenbrink, Gento en Garrincha ook beschikten. Alleen heeft Roy dat nog niet echt aan het grote publiek laten zien. Hij zit vrijwel elke zondag gevangen in het net dat door zijn tegenstanders en zijn eigen trainers met hun tactische opdrachten over hem wordt heengegooid.

Maar Roy klaagt niet. 'Ik weet dat ik in teamverband speel en dat verdedigers aanvallers moeten afstoppen, desnoods met alle mogelijke middelen. Dat is voetbal', zegt de linkerspits. 'Je kan niet je eigen wedstrijd spelen. Je hebt altijd met anderen te maken. Dat weet je', aldus PSV'er Gerald Vanenburg, van origine een ras-pingelaar. Hij heeft er profijt van gehad dat hij in zijn jeugd altijd met oudere jongeren voetbalde op het pleintje voor zijn ouderlijke huis in Utrecht. 'Soms kreeg je dan flinke schoppen. En we speelden op steen. Dus als je viel lagen je knieen open. Daar werd je hard van', aldus Vanenburg.

Harrie van der Laan van Feyenoord, ooit een balverliefde zaalinternational, zegt nauwelijks nog een tegenstander te passeren. Hij zoekt het tegenwoordig in de snelle combinatie. 'Hoe meer schoppen je krijgt hoe simpeler je gaat spelen. Dat gaat vanzelf. Je weet dat het irritatie opwekt als je constant loopt te draaien. Als je drie man passeert juicht het publiek, maar staat bij je tegenstander het schuim om zijn mond.'

'Een tegenstander die keihard ingrijpt mag geen reden voor mij zijn om minder te presteren', zegt Bryan Roy. 'Ook in het huidige voetbal moet een speler zoals ik elke week goed kunnen spelen. Oke, de verdedigers worden beter, gaan je nog strakker dekken. Maar daar moet ik op reageren. Ik moet zorgen dat mijn techniek beter en beter wordt. Daar werk ik bij Ajax dagelijks aan.'

Wat uiteindelijk moet resulteren dat hij de beste voetballer van Nederland wordt. Roy: 'Die verwachting heb ik zelf bij de mensen opgewekt. Door mijn voetballen. Zo simpel is dat. De supporters willen dat ik elke week aan hun verwachting voldoe. Dat is te begrijpen. Daar heb ik geen moeite mee.'

Waakhond

Het moet vervelend zijn om als voetballer elke wedstrijd weer een hijgende waakhond als tegenstander in je nek te hebben die er niet voor waakt rigoureuze maatregelen te nemen. Roy: 'Natuurlijk zijn er momenten dat je er geen trek meer in hebt, dat je het zelfvertrouwen mist. Maar dat heeft iedere voetballer. Dat heeft niets met het type speler te maken.'

Volgens hem is er op zijn tijd altijd weer spelvreugde te vinden. 'Als ik een verdediger te slim af ben heb ik plezier, een heleboel plezier. Ook bij het scoren van een doelpunt en zelfs bij de meest simpele actie waaruit een ander kan scoren. Er zijn genoeg mogelijkheden.'

Van der Laan: Dat ene goaltje dat je meepikt, de waardering die je krijgt na een paar goede acties die heb je gewoon nodig om het voetbal nog steeds leuk te vinden.'

De nummer twee van de Nederlandse topscorerslijst van afgelopen seizoen zegt het verschrikkelijk te vinden als hij tien minuten lang geen bal krijgt. 'Je moet soms zelf trekken en duwen om aan de bal te komen.' De 'artiesten' van de groene mat halen de schade op de trainingen in. Ze zijn dan niet van de bal weg te slaan. Ze staan nog op het veld als ploeggenoten al gewassen en omgekleed naar hun auto's lopen. Toch zeggen ze dat er niets boven de wedstrijd gaat. 'Dat is de climax. Daar leef je elke week weer naar toe', aldus Roy. 'Het is de entourage, de spanning', zegt Van der Laan. 'Als je op de training drie man passeert en de bal in de kruising schiet gebeurt er niets. Dat moet op die plaats iedereen kunnen, vindt men. Maar doe je het in de wedstrijd dan staan de mensen op de banken.' Natuurlijk vinden de meest begaafden onder de voetballers dat ze door de arbitrage te weinig in bescherming worden genomen tegen de 'slagers' op het veld. Er moet volgens hun strenger en consequenter worden gefloten. Roy: 'Bij sommige scheidsrechters lijkt het net of ik vogelvrij ben verklaard. Dan denk ik weleens van: jezus, mag dat allemaal.'

Men hoopt nu dat de strakkere richtlijnen die de arbiters wat betreft ruw spel hebben gekregen zullen helpen. 'Maar', realiseert Van der Laan zich, 'de verdedigers worden steeds slimmer. Ze spelen tot op de grens, soms zelfs er iets overheen. Je krijgt net even dat duwtje of er wordt snel aan je getrokken. Dan is het moeilijk voor de scheidsrechters om er iets aan te doen.'

Hij zegt geen oplossing te weten. 'Het is', meent Van der Laan, ' frustrerend dat een topper als Maradona door een beperkte voetballer uit de wedstrijd wordt gespeeld. Bij het WK zagen in zo'n geval miljarden tv-kijkers niets. Dat is slecht voor het voetbal.'

Bescherming

Volgens Van der Laan wordt de mandekker extra gemotiveerd door de aanhang van zijn club. Dat zet hem vaak aan tot zijn harde daden. 'Als Bryan Roy ergens met Ajax op bezoek is en daar over de omheining wordt geschopt staat het publiek te juichen.'

Van der Laan is van mening dat de technische voetballers doorgaans door het publiek als, zoals hij het zegt, een watje worden beschouwd. 'Een stoere verdediger is vaak veel populairder.'

Gerald Vanenburg zegt te beseffen dat het irritant ten opzichte van tegenstanders en toeschouwers is als een speler al opspringt of op de grond valt voordat hij wordt getackeld. 'Maar dat doe je voor je eigen bescherming', legt de PSV'er uit. 'Je krijgt een neus voor harde schoppen. Door te reageren komt zo'n tackle minder hard aan.'

Van der Laan: 'Niemand wil drie maanden in de kreukels liggen.'