Antillen in actie tegen cocaine: 't blijft behelpen

ANTILLEN/ ARUBA, 23 aug. Keer op keer beklemtoont de commandant van de Arubaanse politieboot C. Quant de vastberadenheid van zijn sectie kustwacht bij de aanpak van de cocainehandel. Maar na een paar uur patrouilleren in het zeegebied tussen Aruba aan de ene en Venezuela en Colombia aan andere kant is vooral duidelijk dat ook heel veel goede wil niet kan verhelpen dat er met de drugskartels een ongelijke strijd wordt gevochten.

De dertig kilometer lange Arubaanse zuidkust met fijne zandstranden biedt bijna over de gehele lengte mogelijkheden voor speedboten om aan te meren. Aruba ligt op 20 mijl van Venezuela en de afstand tot Colombia is 80 mijl. Dank zij hulp van Antilliaanse loodsen ondervinden de drugssmokkelaars geen hinder van de hier en daar venijnig opduikende rotsen.

Als de enige patrouilleboot van Aruba die door een gebrek aan deskundig personeel maximaal zestien uur per dag operationeel is de haven in Oranjestad verlaat om naar het oosten te varen, ligt de westkust bloot. 'Smokkelaars worden waarschijnlijk exact getipt wanneer we uitvaren', zegt een rechercheur. Vanuit de verkeerstoren op het prinses Juliana vliegveld is 's nachts regelmatig gesignaleerd dat speedboten net buiten de territoriale zone van 12 mijl ronddobberen. Is de politieboot uit de buurt dan komen de bootjes opeens in beweging.

Voeg daaraan toe dat de Colombiaanse drugshandelaren schepen hebben met professionele radarinstallaties en de politieboot van Aruba niet verder dan 30 mijl uit de kust mag komen omdat Lloyds het schip dan niet meer verzekert en het is duidelijk waarom de voornaamste wapenfeiten van de kustwacht zijn het wegjagen van heimelijk vissende Venezolaanse garnalenvissers en het redden van afgedreven windsurfers. 'Soms is het wel een beetje saai werk', verzucht een medewerker op het achterdek. Het enige verdachte object dat vandaag voor enige opwinding zorgt is een zeeschilpad die zich bij het vallen van de avond naar de kust spoedt om eieren op het strand te leggen.

Anderhalf jaar is de patrouilleboot, die in Nederland voor 2,5 miljoen gulden is gebouwd, in de vaart. Het indrukwekkende .50 machinegeweer met een bereik van 3 kilometer is alleen nog in oefeningen van pas gekomen. En ondanks de gestaag toenemende drugstransporten is er nooit een boot met cocaine onderschept. De kustwacht heeft om een extra schip gevraagd om uitgebreider en verrassender te kunnen patrouilleren. 'Een boot, is geen boot', moppert een rechercheur.

Commandant Quant zegt desgevraagd dat het goed zou zijn als de Nederlandse marine het formele standpunt laat varen om alleen Defensie-taken uit te voeren en ook in de strijd tegen drugs zou assisteren. 'Ze zouden enorm goed kunnen helpen maar ik vrees dat de regering het niet wil. Het is slecht voor het imago van Aruba en dus voor het toerisme als het beeld ontstaat dat het leger voor de kust op cocainehandelaren jaagt'. Voor de kust van Curacao en Bonaire zijn twee identieke patrouilleboten beschikbaar. Het schip voor het 900 kilometer noordelijk gelegen Sint Maarten ligt evenwel al twee jaar ongebruikt voor anker in Curacao.

De formele reden hiervoor is dat er nog geen beveiligde aanlegsteiger is op Sint Maarten. Binnen het Korps politie van de Antillen is het verwijt dat het bestuur van Sint Maarten ook geen enkele poging heeft gedaan om zo'n steiger aan te leggen omdat men juist zeer gesteld is op het huidige douaneloze klimaat van het eiland.

Op Sint Maarten zijn de mogelijkheden om de cocainehandel te bestrijden buitengewoon pover. De afdeling verdovende middelen van de politie op Curacao (170.000 inwoners) telt twintig rechercheurs, die op Aruba (64.000 inwoners) negen, op Sint Maarten (40.000 inwoners) is narcotica-bestrijding de taak van twee agenten. Sinds een jaar telt Sint Maarten een door Nederland uitgeleende officier van justitie, H. Wesselink. De man kwijt zich met grote overgave en met een onnederlands aandoend flegmatisme van zijn taak. Van de aversie die Nederlandse ambtenaren op de Antillen nogal eens ten deel valt wegens vermeende koloniale bemoeizucht, is tegenover Wesselink niets te bespeuren. Een wandeling op straat is voor hem een voortdurende oefening in het vriendelijk terugknikken en groeten. Agenten springen in het gelid als ze de public prosecutor tegenkomen.

Ondanks zijn ernstig vermoeden dat Sint Maarten als overlaadstation voor grote hoeveelheden cocaine steeds belangrijker wordt, moet Wesselink tot zijn spijt bekennen dat hij de drugsmisdaad nauwelijks kan aanpakken. Voorlopig heeft hij zijn handen vol aan de 'direct confronterende criminaliteit' als inbraken en roof.

Toch worden in samenwerking met buitenlandse justitiele diensten af en toe speldeprikken uitgedeeld aan de cocainemafia. Begin deze maand heeft de politie op Sint Maarten na een tip van de Amerikaanse Drugs Enforcement Administration (DEA) 90 kilo cocaine onderschept. Het spul is vorige week met veel vertoon op houten vlonders en temidden van met benzine besprenkelde autobanden verbrand op het strand.

De vondst bood goed inzicht in de wijze waarop de cocainesmokkel zich voltrekt. De 90 kilo waren vanuit Colombia naar Trinidad gebracht en vandaar uit per vliegtuig naar Sint Maarten. De koffers met cocaine bagage wordt op Sint Maarten niet gecontroleerd werden in de haven in een plezierjacht geladen. Daar werd het spul onderschept net voordat de boot vertrok naar Puerto Rico (VS). De Antilliaanse en Arubaanse politie prijzen ook de samenwerking met de collega's in Nederland en met de twee CRI-rechercheurs die in Caracas in Venezuela inlichtingen verzamelen. Jules Sambo, hoofd narcotica-brigade op Aruba, vertelt dat de vondst in februari in IJmuiden van 3.000 kilo cocaine een Europees record in het geheel niet zo toevallig was als de Nederlandse politie steeds heeft beweerd. In januari al heeft de Arubaanse politie op verzoek van Nederland de twee Nederlandse hoofdverdachten geschaduwd die in het Golden Tuliphotel op Aruba definitieve afspraken maakten met hun Colombiaanse trawanten.

Sambo betreurt het dat er tot nu toe in het geheel geen Justitiele samenwerking is met Colombia. 'Af en toe krijgen we een brief uit Colombia met een anonieme tip maar met de autoriteiten hebben we geen contacten'. Op Curacao en Aruba krijgen alle bezoekende Colombianen speciale aandacht. Op Aruba wordt elke Colombiaanse bezoeker zelfs apart geregistreerd. 'Als ze regelmatig slechts voor een paar dagen komen, krijgen ze onze speciale aandacht', zegt Sambo.

Binnen de politie is men voortdurend alert op pogingen tot omkoping van de Colombianen. 'Corruptie is steeds een bron van zorg', zegt Sambo. De narcotica-brigade is daarom een vrij afgesloten eenheid binnen het korps en Sambo houdt dat ook liever zo. 'Intern noemen ze ons wel de CIA. Ik werk liever met te weinig mensen dan dat ik agenten er bij krijg waarvan ik niet absoluut zeker ben dat ze integer zijn'. Maar het blijft behelpen in het uitputtende gevecht met de cocainebaronnen. 'We strijden vaak met gebonden handen', zegt Russel Ursula, hoofd recherche op Curacao. Want ook al is er wijziging van de wet in de maak, tot nu toe is het afluisteren van telefoons op de Antillen en Aruba verboden. En die andere nuttige opsporingsmiddelen als het observeren en volgen van verdachten, hebben op de kleine eilanden geen zin, zegt Sambo. 'Na een achtervolging van vijf minuten gaan ze naar je zwaaien'.

Dit is de tweede reportage over de rol van de Nederlandse Antillen en Aruba bij de handel in cocaine. Het eerste artikel verscheen in de kant van dinsdag 20 augustus.

Colombiaanse bezoekers krijgen speciale aandacht