Pleidooi voor gevoelige 'voorloper' moderne vleugel

Achtereenvolgens laat pianist Stanley Hoogland horen hoe de eerste akkoorden van Beethovens Sonate pathetique klinken op een oude Weense fortepiano en op een moderne Steinway. Wie nog niet overtuigd was van het belang van (reconstructies van) historische instrumenten om oude muziek op uit te voeren, zal het waarschijnlijk na die paar akkoorden wel zijn. Op de fortepiano ontstaat een gedifferentieerde klank waarin de tonen van de samenklank afzonderlijk hoorbaar lijken, op de Steinway versmelten ze tot een ondoordringbare brij. In een documentaire van de NOS over fortepiano's, gemaakt tijdens het Utrechtse Festival Oude Muziek 1988, houden zes bespelers van de oude instrumenten een pleidooi voor de gevoelige, helder klinkende voorloper van de moderne vleugel.

Zelf zien de musici hun instrument liever niet als een voorloper, maar als een volwaardig instrument naast de hedendaagse Steinways, Yamaha's en Bosendorfers. In gesprekken met de musici komen de voordelen van hun instrumenten voor oude muziek een voor een aan de orde, onder meer de heldere articulatie en frasering en de mogelijkheid om melodische lijnen te 'kleuren'. De 'authentieke' uitvoerders zijn minder rigide anti-modern dan in het verleden. Zoals blijkt uit een opmerking van een van hen, dat kennis over de manier waarop Mozart en Beethoven hun muziek hoorden Steinway-pianisten kan helpen om de intenties van de componist beter te benaderen. Nog niet zo lang geleden waren de klassieken taboe voor een moderne vleugel.

Het hoge niveau dat de historische uitvoeringspraktijk inmiddels heeft bereikt, blijkt uit de opname van het Eerste pianoconcert van Beethoven dat fortepianist Melvyn Tan vorig jaar tijdens het Festival Oude Muziek uitvoerde met The London Classical Players onder leiding van Roger Norrington. Zowel solist als dirigent zijn zich over het algemeen zeer bewust van de registrerende televisiecamera, wat dit concert niet alleen muzikaal, maar ook visueel de moeite waard maakt.