Akkoord Theunisse en Post over scheiding

ROTTERDAM, 21 aug. Ploegleider Peter Post van Panasonic en wielrenner Gert-Jan Theunisse hebben in onderling overleg besloten het driejarige contract met onmiddellijke ingang te ontbinden. Theunisse ging gisteravond akkoord met de financiele regeling die de Stichting Continuiteit Beroepswielersport Nederland, waarin de Post-ploeg is ondergebracht, hem bood. De wielrenner zit een schorsing uit van een jaar wegens overtreding van de dopingreglementen. Eddy Beugels, die namens de Europese belangenvereniging van profrenners AICPro de belangen van Theunisse behartigt, zegt dat de renner begrip heeft voor de houding van de werkgever.

Peter Post ontkent dat hij met het stopzetten van het interne onderzoek in de dopingzaak en de ontbinding van het contract te kennen geeft niet langer in de onschuld van Theunisse te geloven. 'Het is beter voor de ploeg en voor Theunisse met een schone lei te beginnen. Er moest weer rust in de tent komen en Theunisse is nu ook verlost van de druk van de firma's.'

De Stichting CBN zette enige tijd geleden de betalingen aan de geschorste renner stop. Beugels spreekt na het gesprek van gisteravond van een 'vertraagde betaling'.

Berusting

Ook binnen de formatie van Post overheerst een gevoel van berusting. Steven Rooks, de sportieve wederhelft van de Theunisse, zegt al enige tijd te hebben geweten dat deze beslissing zou worden genomen. 'Voor Gert-Jan is het een beroerde zaak, maar vanuit het standpunt van van de sponsor gezien is het wel te begrijpen. Hij maakt geen publiciteit meer. Iedere sponsor zou zo gereageerd hebben. Een schorsing is duidelijk iets anders dan een blessure, waarvan je niet weet hoe lang de genezing duurt.' Theunisse, die een miljoenencontract had bij Post, is tot 13 juni 1991 geschorst nadat in betrekkelijk korte tijd enkele malen bij dopingcontroles een te hoge verhouding tussen epitestosteron en testosteron in zijn urine werd aangetroffen. De renner vecht de schorsing, die hem werd opgelegd, aan maar het zal zeker nog tot oktober duren voordat de arbitragecommissie van de internationale wielren unie UCI zich buigt over de juridische en medische aspecten van deze affaire. De werkgever van Theunisse, die had aangekondigd 'de onderste steen boven te krijgen' om de onschuld van de renner te bewijzen, heeft het onderzoek inmiddels overgederagen aan de AICPro van Beugels.

Tijdens de Ronde van Frankrijk in 1988 werd Theunisse voor de eerste keer beschuldigd van overtreding van het dopingreglement. Een jaar later leek hij zich te rehabiliteren met een ritoverwinning op Alpe d'Huez en de eindzege in het bergklassement van de Tour de France, maar dit seizoen kwam hij opnieuw in opspraak. Hij keerde na een verblijf in de PDM-ploeg van Jan Gisbers met zijn ploegmaat Steven Rooks terug naar de equipe van Peter Post, die door het vertrek van Erik Breukink verlegen zat om een goede klassementsrenner. Dit voorjaar werd bij een controle na de wielerklassieker Waalse Pijl opnieuw vastgesteld dat de verhouding tussen testosteron en epitestosteron in een urinestaal van Theunisse de vastgestelde norm overschreed. Peter Post haastte zich te verklaren dat de medische staf van zijn formatie de coureur tijdens de Ronde van de Vaucluse per abuis een 'verboden' geneesmiddel had gegeven, waardoor de positieve reactie op de controle was veroorzaakt.

Vormfout

Theunisse leek een onvoorwaardelijke schorsing, die reglementair had moeten volgen op deze tweede overtreding binnen twee jaar, te ontlopen omdat de Franse wielerbond een vormfout had gemaakt bij het melden van de eerste controle in de Tour van 1988. Tijdens de Ronde van Italie bundelde het verzet van zijn tegenstanders zich echter en werd de internationale wielerbond onder zware druk gezet om de 27-jarige renner uit te sluiten. Het doek voor Theunisse viel definitief toen hij in de Ronde van Eibar in Spanje opnieuw een urinemonster afleverde dat de criteria, die in de dopingvoorschiften zijn opgenomen, overschreed. Theunisse is er van overtuigd dat de te hoge testosteronspiegel een gevolg is van een lichamelijk proces. Hij wil met de hulp van medici aantonen dat dit ook bij hem het geval is. De sportieve toekomst van Theunisse blijft echter zeer ongewis. Hij zal de UCI vragen hem zijn straf vanaf 1 januari 1991 kwijt te schelden. Peter Post sluit niet uit dat hij Theunisse in dat geval opnieuw in dienst neemt. De renner zelf heeft laten weten tal van aanbiedingen uit binnen- en buitenland te hebben.