'Twee schorpioenen opgesloten in een fles'

'Washington voert een overhaaste politiek, zeker nu de Amerikaanse troepen er in Saoedi-Arabie niet in de eerste plaats zijn om te vechten, maar om te intimideren.'

Enkele fragmenten uit de uiteenlopende meningen van drie Amerikaanse commentatoren, zoals verschenen in de International Herald Tribune van afgelopen zaterdag.

Twee scenario's Volgens het optimistische scenario biedt het beleid van de Amerikaanse president in de crisis in de Golf de verantwoordelijke leiders in Saoedi-Arabie, de Golf, Egypte en de Maghreb de mogelijkheid zich te ontdoen van de mythe dat de islamitische of Arabische eenheid verplicht tot het gedogen van buiten de wet staande figuren als Saddam Hussein en Moammar Gaddafi. Modern denkende Arabieren worden geacht vrij te zijn hun landen te leiden naar een nieuwe weg van pragmatische vriendschap met de Westerse wereld. Het is waar dat vernedering of afzetting van Saddam Hussein een belangrijke overwinning zou betekenen voor Hosni Mubarak, de man die verantwoordelijk is voor de van gematigdheid getuigende Arabische beslissing om Irak te weerstrevn.

Er is ook een pessimistisch scenario. Het gaat uit van de toenemende macht van fundamentalistische krachten, die de oorlog hebben verklaard aan 'wereldlijke' regeringen en verwesterende stromingen. De vooraanstaande Amerikaanse islam-kenner Bernard Lewis van de Princeton Universiteit ondersteunt de interventies die Bush heeft gedaan, maar waarschuwt tegen de veronderstelling dat de islamitische landen de pragmatische en seculiere politiek die hervormingsgezinde leiders daar sinds 1920 hebben getracht te volgen, makkelijk kunnen handhaven.

De poging om seculiere regeringen te handhaven is mislukt in Iran en Libanon en, aldus Lewis: 'in enkele islamitische landen zou zij ook op haar einde kunnen lopen'. Hij vervolgt: 'De islam verschaft met zijn vele vijandbeelden het meest effectieve systeem voor politieke mobilisering, ofwel om het volk in het geweer te brengen ter verdediging van een regime dat over de noodzakelijke legitimiteit beschikt omdat het islamitisch is, ofwel tegen een regime dat niet over die legitimiteit beschikt omdat het niet of niet langer islamitisch is.' Daarom is de verzoening van vorige week tussen Iran en Irak van zo groot belang. Om die reden moet een grootscheepse en blijvende Amerikaanse troepenmacht in Saoedi-Arabie (een bezetting, volgens de vijanden van Saoedi-Arabie) als potentieel explosief worden beschouwd. Washington voert een overhaaste politiek, zeker als die troepen daar niet in de eerste plaats zijn om te vechten, maar om te intimideren.

William Pfaff Kwetsbaar Irak

Als George Bush meent wat hij bij herhaling heeft gezegd over het omverwerpen van Saddam Hussein, kan hij in de Golfcrisis slagen waar Jimmy Carter faalde en zijn presidentschap verspeelde.

In het begin van de Iran-crisis gaf Carter aan dat hij met Teheran langs de weg van onderhandelen een oplossing van de crisis wilde bereiken, met uitsluiting van alle andere mogelijkheden. Hij moedigde de Europese bondgenoten van Amerika aan om hun ambassades in Iran open te houden, in de verwachting dat dialoog en bemiddeling zouden leiden tot vrijlating van Amerikaanse diplomaten.

Toen hij onder het motto van 'business as usual' een houding tegenover het internationale banditisme aannam die niet werkte, kwam hij terecht in een wirwar van geheime contacten en onderhandelingen met Teheran. Elke volgende ontmoeting met telkens nieuwe, met pruiken en valse snorren uitgedoste tussenpersonen, zou de sleutel zijn tot Khomeiny's 'aangeboren', maar nimmer gebleken redelijkheid. Geen van die bemiddelingen haalde dan ook iets uit.

Met zijn harde voortvarendheid tegenover Saddam Hussein handelt president Bush zowel uit politieke als uit strategische noodzaak. Die harde lijn is nodig om het feit te versluieren dat hij en zijn bondgenoten hebben getalmd toen Irak publiekelijk verklaarde zijn toevlucht tot agressie en terreur te zullen nemen om zijn zin te krijgen. Bush had in de kranten kunnen lezen wat Irak, met de hulp van Amerikaanse en Europese kredieten en technologie, van plan was.

Doordat hij politiek gedwongen is zijn eerdere halfslachtigheid te maskeren, zal de Amerikaanse president zijn ruggegraat in deze crisis overeind kunnen houden. Dat zal hem ook worden vergemakkelijkt door een aantal tekenen van Saddam Husseins kwetsbaarheid. Er is geen duidelijker teken van Iraks wanhopige positie denkbaar dan het verzoeningsgebaar dat Saddam Hussein tegenover Iran heeft gemaakt. Hij is plotseling bereid het gebied, dat Irak in de vruchteloze achtjarige oorlog op Iran veroverde, terug te geven en Iraanse controle op het vaarwater van de Shatt-al Arab te gedogen, als hij Koeweit kan behouden.

Saddam Hussein wil Iraakse troepen op de Iraanse grens bevrijden en, wat nog belangrijker is, Iraanse hulp inroepen om niet van de zee te worden afgesneden. Daarmee legt hij zijn lot in handen van Khomeiny's opvolgers, die zijn vredesoproep begroeten met de grijns van een uitgemergelde kat die zit te loeren naar de dikste kanarie. De mullahs weten dat Saddam Hussein handelt in grote nood. Zij weten dat zijn beloften net zo veel waard zijn als de hunne. Zij zijn als twee schorpioenen, opgesloten in een fles. De een zal de ander moeten vernietigen.

Jim Hoagland De wereldorde

Het is modieus om met cynisme te beweren dat olie het enige excuus is voor een Amerikaanse aanwezigheid in de Golf. Olie is vanzelfsprekend een belangrijke reden, maar niet de enige. Als Koeweit en Saoedi-Arabie vrijwillig hadden besloten met Irak mee te doen aan een leverantiebeperkend en prijsopdrijvend avontuur prijs en levering van olie zijn de enige belangen die op het spel staan zouden de Verenigde Staten niet hebben gereageerd met het zenden van een troepenmacht van 50.000 man. In de Golf speelt op dit moment een ander belang, dat nog groter is dan olie. Het is de wereldorde. We bevinden ons in een eigenaardig situatie. Doordat de Sovjet-Unie afstand heeft gedaan van de macht, is de wereld veranderd van tweepolig in eenpolig. De Verenigde Staten en het door dit land aangevoerde bondgenootschap oefenen een niet eerder vertoonde controle uit over de wereldorde een orde waarvan de juistheid en menselijkheid is bevestigd door de haast waarmee de net bevrijde volken van Oost-Europa erin willen delen.

Als het Saddam Hussein lukt Koeweit op te slokken, zal het duidelijk zijn dat dit een wereld is zonder regels, waar niemand de leiding heeft. Niet alleen zal hij meer eisen, maar iedere tiran met ambitie en een leger zal erin worden gesterkt dat alles is geoorloofd. En ieder potentieel slachtoffer zal de boodschap krijgen zich of tot de tanden te bewapenen of, zoals koning Hussein van Jordanie doet, bescherming te kopen van plaatselijke beroepsmisdadigers.

Omdat de belangen zo groot zijn moeten de Verenigde Staten duidelijk zijn over hun doelstellingen in de Golf. En omdat de inzet niet alleen olie betreft, zal die doelstelling meer moeten behelzen dan alleen de verdediging en instandhouding van Saoedi-Arabie. Er zijn drie andere belangrijke doelstellingen: de onvoorwaardelijke terugtrekking van Irak uit Koeweit, inclusief het herstel van de macht van de emir; het uit de macht ontzetten van Saddam Hussein; en het uitroeien van Iraaks potentieel tot het begaan van massamoorden.

Dit laatste doel de vernietiging van Iraaks niet-conventionele mogelijkheden: fabrieken voor de produktie van chemische wapens, voorzieningen voor lange-afstandsrakketten en nucleaire wapens kan alleen worden bereikt als Irak zo dom is de Amerikanen te beschieten.

Charles Krauthammer