EXPLOITATIE VAN DE ZEEUWSE JONGENS

In 1960 sprak de sportjournalist Aad van Leeuwen in een reisverhaal dat hij voor het spoorwegblad Tussen de Rails schreef de hoop uit dat Zeeland 'nooit door de sport bezeten, nooit door de sport veroverd en nooit door de sport bedorven zou worden', zodat het een paradijs bleef voor wie de sport ontvluchten wil. Het heeft niet zo mogen zijn. Zaterdag werd Zeeland voor het betaalde voetbal ontsloten. Vlissingen debuteerde in de eerste divisie met een 2-0 overwinning op RBC, dat voornamelijk het houtwerk trof. Na maanden van scepsis, roddel en ruzie was de overwinning het eerste positieve dat er over de nieuwkomer te melden viel. Maar het cynisme bleef. 'Vlissingen mag alles wat ze hebben verkopen, als ze die doelpalen maar laten staan', zei een bezoeker.

Zaterdagavond half zes. De eerste nieuwsgierige bezoekers nemen een kijkje op wat vroeger gewoonweg 'het hoofdveld' heette. Het lieflijke amateurstadionnetje, met een kleine overdekte hoofdtribune en verder omringd door een betonnen rand voor de staanplaatsen, heeft een grimmig uiterlijk gekregen door het hoge hekwerk met drie rijen Nato-draad dat tot de veiligsvoorschriften van de voetbalbond behoort. 'Hiervan krijg je een concentratiekamp-gedachte. Ik word daar somber van', zegt wethouder van sportzaken C. de Keijzer.

De gemeente, huiverig voor het financiele avontuur, gaf vC Vlissingen een garantie van negen ton en nog eens zes ton voor verbetering van de accommodatie en de veiligheid. Veel minder dan de initiatiefnemers hadden gevraagd. Van de grootse plannen voor een volledig overdekt stadion met uitsluitend zitplaatsen rest nu alleen nog de maquette. Alleen het minimale was mogelijk. Het voorgeschreven hekwerk werd daags voor het openingsduel opgetrokken en met een paar rijen gehuurde houten klapstoelen werd het aantal zitplaatsen uitgebreid. In oktober komen verrijzen er nog twee toiletgebouwen en een lichtinstallatie. Daar moeten ze het dit seizoen in Vlissingen mee doen. 'We zullen moeten improviseren. Het is nog niet ideaal, maar het komt', zegt hoofdtrainer Jo Jansen.

Sponsorhome

Net buiten de muren van het stadionnetje staat een noodgebouw waar de administratie is gehuisvest, een sponsorhome is ingericht en het kantoor van de technische staf tijdelijk is ontruimd om de deze avond massaal opgekomen persvertegenwoordigers te ontvangen. Technisch manager Philip Krant serveert de koffie en beent een paar keert zenuwachtig naar het kopieerapparaat om te zien of de opstelling van beide teams al gereed is. Enkele minuten voor zeven worden de geheime hersenspinsels van de oefenmeesters prijsgegeven. Na jaren van hoon, hoop en volharding kan er dan eindelijk worden er afgetrapt.

Gepraat werd er in Zeeland al heel lang over profvoetbal. In 1968 wees een enquete onder voetbalsupporters uit dat 62 procent voor een profclub in de provincie was. Maar het bestuurlijk kader aarzelde, bang dat het financiele draagvlak voor een dergelijke ondernemning zou ontbreken. De stap van amateur naar prof werd beschouwd als pure waaghalserij en geen enkele vereniging zou zich daarvoor lenen. Tot zeven jaar geleden Vlissingen-voorzitter Piet de Jong ondanks de teleurstellende positie van zijn club in de tweede klasse van de amateurs aankondigde doelgericht naar de top toe te gaan werken. Met een grenzeloos optimisme bleef hij zijn ideeen verkondigen. De verhouding met andere verenigingen uit de regio werd er niet beter op, omdat Vlissingen daar aan talentvole spelers trok. Het verscherpte de historisch gegroeide tegenstellingen, waardoor de eerstkomende jaren uit de omliggende gemeenten geen massale toeloop van toeschouwers te verwachten is. Een Middelburger gaat niet naar Vlissingen kijken, al denkt De Jong dat het etiket 'betaald voetbal' de grenzen zal openen.

Het geringe toeschouwerspotentieel maakt de bijdrage van het bedrijfsleven alleen maar belangrijker. Dat heeft nooit veel op gehad met voetbal. Tot vorig jaar was een kruidenierswinkel uit de wijk waar de club domicilie heeft hoofdponsor. Grote firma's waren niet te vinden. Op het moment dat de entree tot het profvoetbal een feit werd, ging een sponsorcommissie aan de slag. Die had al voor zo'n zes ton toezeggingen binnen, maar ergerde zich aan de overeenkomst die het bestuur van Vlissingen had gesloten met het bureau Inter Football, dat een shirt- en een hoofdsponsor aanbracht. Het meningsverschil liep uit op een ordinaire ruzie tussen De Jong en de sponsorcommissie, die op last van de voorzitter de activiteiten moest staken. Het kostte geld en goodwill. 'Een aantal bedrijven is door die affaire op het verkeerde been gezet. We moeten het vertrouwen terugwinnen. Dat gaat maanden kosten.'

Zeeuws meisje

Mede voor dat doel heeft de club een part-time commercieel manager (tot 1 december) aangetrokken. Benno Renaud, onbekend met het voetbalwereldje, 'maar' zegt hij welgemoed, 'hiervoor heb ik in de pharmaceutische industrie gewerkt, terwijl ik ook geen medicijnen heb gestudeerd.'

Hij beweert inmiddels een opening te hebben gemaakt naar de oude sponsorcommissie en ziet verder geld in het vernoemen van het stadion of de tribune naar een sponsor, 'exploitatie' van de Zeeuwse jongens die op het veld lopen ('Ik las dat Unilever op zoek is naar een nieuw Zeeuws meisje') en het 'verkopen' van het scorebord. Of al zijn ideeen stroken met de mediawet? 'Ik ken de regels niet, maar ik denk dat de heren sponsors wel weten wat wel en niet mag.' Het plan om Hans Kraay te vragen op sponsorjacht te gaan lijkt Renaud niet met enthousiasme te hebben ontvangen. Kraay, die RKC uit Waalwijk ooit aan een dik pak sponsorgeld hielp, heeft wel een telefoontje gehad maar de toon van dat gesprek moedigde hem niet aan om meteen aan de slag te gaan. Kraay: 'Ik wist niet dat Vlissingen al een commercieel manager heeft aangesteld. In dat telefoongesprek heeft meneer Renaud zich niet als zodanig kenbaar gemaakt. De hele zaak begint me al de keel uit te hangen en ik ben niet van plan iets te gaan doen voor een club waar iemand anders op hetzelfde gebied werkzaam is.'

De sponsorwerving ligt overigens even stil. De crisismanager, die vorige week maandag zijn werkzaamheden begon ging na de openingsduel van Vlissingen voor anderhalve week met vakantie.

Als hij terugkeert is de club al drie competitieduels verder. De eerste verliep boven verwachting. In de eerste minuut scoorde Remco van Keeken, een talentrijke aanvaller, 1-0 en zesentwintig minuten laten bracht hij de stand zelfs op 2-0. De 4500 toeschouwers veerden op, maar begeleidden het duel verder vooral met instemmend of afkeurend gemompel. Het scanderen is in dit deel van Nederland niet uitgevonden. De 34-jarige Jan Poortvliet, 19-voudig international afkomstig uit het naburige Arnemuiden en na een omzwerving via PSV, Roda JC, Nimes, FC Antwerp, Cannes en Eendracht Aalst bij Vlissingen gekomen, weet uit zijn vroegere amateurtijd dat de toeschouwers 'rustige mensen zijn, die een beetje kankeren. Maar het ligt aan ons om ze positief te krijgen. Er wordt te veel gehamerd op de dingen die hier nog niet goed zijn en zelfs het veld is niet op niveau. Als elftal zijn we ook nog niet echt rijp, maar dat moet groeien.' Spectaculaire aankopen deed de club niet, maar Jo Jansen, de als een jeugdherbergvader ogende oefenmeester, denkt een selectie te hebben die mee kan komen in de eerste divisie. De fortuinlijke winst op RBC (dat onder meer een strafschop op de lat schoot) is daarvoor niet maatgevend, maar in het sponsorhome wordt de seizoensopening uitbundig gevierd. Ruim een uur na de wedstrijd springt voorzitter De Jong op een stoel om de aanwezigen toe te spreken. 'Business to business' prijst hij de ontmoetingsruimte van de geldschieters aan. Het is duidelijk dat hier nu andere taal wordt gesproken. Ten slotte ontvangt de voormalige hoofdsponsor, kruidenier Koppejan, de wedstrijdbal met handtekeningen van de spelers. Een symbolisch afscheid van een tijd toen Vlissingen nog kleiner was.