Grote twijfel over rol van de jury bij fraudezaak Guinness

LONDEN, 18 aug. - Hoezeer de verleiding om te zondigen menselijk is, heeft de jury in het Britse 'fraudeproces van de eeuw', de Guinness-zaak, aan den lijve kunnen ondervinden. Niet alleen door observatie van de 'fat cats' in de beklaagdenbank, maar ook in eigen gezelschap. Een van de twaalf juryplaatsen is pijnlijk leeg, omdat een lid van de jury het niet heeft kunnen laten een videocamera en nog wat andere bezittingen uit het Crown Court in Londen-Southwark te stelen.

De elf mannen en vrouwen die geacht worden namens het volk uit te spreken of vier City-topmensen zich aan grootscheepse fraude jegens (kleine) aandeelhouders hebben schuldig gemaakt, hebben daarom de aanmaningen van rechter Henry tot matigheid in hun oordeel waarschijnlijk niet eens nodig. Of ze in staat zullen zijn recht te doen aan de verdachten is veel meer twijfelachtig. Zelfs degenen die de voormalige topman van Guinness, Ernest Saunders, het liefst zien stikken in zijn veronderstelde leugens, geven toe: dit proces kan niet eerlijk zijn.

Inzet van het proces is de vraag of het drankenconcern Guinness in 1986 bij de overname van de Schotse drankenhandel Distillers 25 miljoen pond aan steekpenningen heeft betaald aan vooraanstaande figuren uit de financiele wereld in Londen, om zo de concurrent in de overname, de Argyll-groep te verslaan. Ernest Saunders stond ten tijde van de overname aan het hoofd van Guinness. Hij had dat bedrijf door een aggressief aankoop- en overnamebeleid binnen een paar jaar van een noodlijdend familieconcern omgetoverd in een winstgevend, internationaal vertakt conglomeraat en was daarmee de verpersoonlijking van Guinness geworden. Saunders staat terecht omdat de toenmalig financieel directeur van Guinness, Oliver Roux, tegenover Justitie heeft bekend dat er vlak voor de overname sprake is geweest van het kunstmatig opdrijven van de prijs van aandelen Guinness, waardoor Distillers-aandeelhouders, wier aandelen in die van Guinness zouden worden omgeruild, zijn benadeeld.

Roux heeft met zijn bekentenis vrijwaring van vervolging afgekocht en treedt nu als belangrijkste getuige a charge op. Vanuit die immune positie verklaart de voormalig financieel directeur dat hijzelf weliswaar zijn handtekening onder bezwarende documenten heeft gezet, maar dat Ernest Saunders daarvan heeft geweten en daarmee heeft ingestemd. Saunders ontkent dat in alle toonaarden. Toch is hij in januari 1987 door een nieuwe raad van bestuur gewipt en zonder een cent op straat gezet. De voormalige Guinness-directeur heeft naar zijn zeggen zijn gezin, zijn gezondheid en zijn carriere verspeeld en wil nu alleen nog eerherstel. Die pose maakt zijn vijanden razend. 'Hij is een regelrechte boef, die persoonlijk geld heeft opgestreken bij de overname', houdt een Argyll-topman vol.

Behalve Saunders staan in dit eerste van twee Guinness-processen de miljonair Sir Jack Lyons, de multimiljonair Gerald Ronson (eigenaar van de Heron-groep) en de City-stockbroker Anthony - 'The Animal' - Parnes terecht. Lyons en Ronson behoren tot degenen die op verzoek van Saunders en tegen betaling achteraf grote pakketten aandelen Guinness hebben opgekocht om zo in de aanloop tot de overname de prijs van Guinness op te drijven. Anderen die dat ook hebben gedaan staan niet terecht: de Amerikaanse arbiter Ivan Boesky (investering 41 miljoen pond), het toenmalig hoofd van de Berisford-groep Ephraim Margulies (14 miljoen pond) en Dr. Horst Tiefenthaler, de Londense vertegenwoordiger van de Oostenrijkse Zentralsparkasse und Kommerzial Bank (totale investering 1,872,000 pond). Deverdachte Anthony Parnes, die zich voor zijn adviezen dik heeft laten betalen (3.35 miljoen pond), zou de drijvende kracht achter het idee zijn geweest. Alle verdachten ontkennen de beschuldigingen of zeggen dat ze niet wisten dat er iets illegaals aan de afspraken zat. De aanklager ziet het anders.

Hij noemt de vier 'inhalig, arrogant en vervuld van het idee dat ze boven de wet staan'. De vier verdachten zelf weten maar al te goed dat het in het Guinness-proces ook gaat om het prestige van Justitie en dat van het departement van handel en industrie, dat het toezicht heeft op handhaving van gedragscodes in de City. Vrijspraak of ontslag van rechtsvervolging zou gelijk staan aan een bewijs van incompetentie voor Justitie en de inspecteurs van het ministerie. Maar de vier zijn ook bang dat alle publiciteit de jury van 'gewone' mannen en vrouwen zal aanzetten om hier eens hun verhaal te halen op een stel rijke patsers, die over miljoenen praten alsof het over pennies gaat. 'Denk eraan', waarschuwde Mr. Justice Henry de juryleden deze week, 'U moet niet toegeven aan het heimelijke genoegen dat de meesten van ons beleven bij het zien van een wielklem om een Rolls Royce'. Die uitdrukking mag Gerald Ronson, een van de top-vijftig rijkste mannen van Engeland, zich ter harte nemen. Hij arriveert dagelijks per Rolls Royce met chauffeur voor de rechtbank, doet vaak een beroep op zakelijke bezigheden om dispensatie te vragen en laat zich vergezellen van een lijfwacht. Ronson's volstrekte tegenpool is Ernest Saunders. Die komt met de Ondergrondse en nuttigt tussen de middag op een bankje aan de Thames een meegebrachte boterham. Dat is, zegt hij, omdat hij volstrekt berooid is. Maar de vertoning zal ook zijn uitwerking op de jury niet missen. Saunders komt niet voor niets uit de marketing-hoek van het internationale bedrijfsleven en verkoopt hier in feite zijn huid.

Hij heeft dan ook als enige van de vier het doelbewuste risico genomen in de getuigenbank plaats te nemen en het niet te laten bij zijn verklaringen tegenover de politie. In het Britse rechtssysteem betekent dat onherroepelijk: kruisverhoor. Saunders moest dus antwoord geven op vragen als: bent u een pathologische leugenaar? Hebt u bijna zelfmoord gepleegd? Bent u paranoide? De opzet om een smet te werpen op het karakter van Saunders is begrijpelijk vanuit het gezichtspunt van de openbaar aanklager. Hij is er niet in geslaagd ook maar een document te produceren, waaruit onomstotelijk blijkt dat Saunders heeft geweten van de zwendel die Roux daadwerkelijk heeft gefiatteerd. En, in de opsomming van Mr. Justice Henry, 'De vraag is niet of Mr. Saunders in zijn positie als topman van Guinness had behoren te weten, maar of hij daadwerkelijk wist'.

De jury heeft evenmin vast te stellen of in 1986 de regels zijn overtreden, maar 'of die willens en wetens en oneerlijk zijn overtreden.' De verdedigers van de verdachten zijn er daarentegen wel in geslaagd de twijfel over de integriteit van kroongetuige a charge Olivier Roux te vergroten, door vastgesteld te krijgen dat die aanvankelijk hardnekkig gelogen heeft jegens de inspecteurs van het departement. De aanklager noemde dat verdedigend 'liegen in een beperkte kontekst'. In observaties over het proces komt niet voor niets steeds het woord 'theater' terug. De jury van elf houdt, als ze op 20 augustus in conclaaf gaat, waarschijnlijk vooral de bewust gecreeerde dramatische hoogtepunten in al die dagen van dodelijke saaiheid in gedachten. Of ze van de essentie van het gepresenteerde materiaal iets heeft begrepen, valt te betwijfelen. Zo bezorgd is de hoogste vertegenwoordiger van de rechterlijke macht in dit land, de Lord Chancellor, over dit aspect dat hij niet toevallig juist dezer dagen heeft gepleit voor onderzoek naar de vraag hoe jury's tot hun besluit komen. Transport bij Guinness in de jaren vijftig: vaten bier worden op de paardewagen geladen. (Foto ABC-press)