De gebreide schoen

In de winkel wordt hij door speurende klanten wel aangeduid als 'dat Turkse muiltje', 'de Griekse visserschoen' of 'die Chinese sloffen'. En kennelijk weet het kooplustig publiek nog zoveel andere namen te verzinnen dat de importeur van de bedoelde schoenen in een paar jaar een hele waslijst heeft kunnen aanleggen. Allemaal mis, maar kennelijk verraadt het gebreide schoentje met de plastic zool wel zijn uitheemse - in werkelijkheid Portugese - herkomst. Vijf jaar geleden bracht Marian van Kersen de eerste paren mee naar Nederland. De schoenen, die in Portugal vooral door oudere vrouwen werden gedragen, waren gewoon voor eigen gebruik aangeschaft. Ze vond ze mooi en bovendien bleek het lichte, ongecompliceerde schoeisel uitzonderlijk comfortabel. De voet wordt over de hele lengte goed gesteund door een orthopedisch voetbed, het gebreide nylon bovenwerk ventileert naar behoren en zonder al te veel training leert men er al snel dagenlang op te lopen. Een perfecte zomerschoen, die een zachte winter makkelijk overleeft.

Toch zullen maar weinigen hun eerste paar hebben gekocht omdat ze zo lekker zitten. Aanvankelijk voel je dat namelijk niet; het is eerder vreemd om een schoen te dragen die op geen enkel punt knelt en de eerste stappen door de schoenwinkel moeten er zelfs een beetje lomp uitzien. Alsof je op loshangende zolen loopt: de Dr. Scholl-sensatie. Lang voor de liefhebber in de schoenwinkel heeft plaatsgenomen heeft hij zich echter al ingeprent dat comfort er niet toe doet - de schoen is mooi en moet dus goed zitten. De selecte groep winkels waar de Arcopedico verkocht wordt, is bij uitstek gespecialiseerd in 'mooi en wellicht comfortabel' en hun klanten zijn aan het primaat van de vorm gewend. Forma Natura zit meestal een paar straten verderop.

De vroegste Nederlandse kopers werden uitsluitend door het esthetisch genot getrokken en dat was precies wat Van Kersen wilde: de Arcopedico kon met een paar kleine wijzigingen en wat publiciteit in de luxe bladen een modeprodukt worden. Met die erkenning heeft zij een nieuwe markt gevonden voor een schoen die al sinds het midden van de jaren zestig in produktie is. De gezondheidsschoen van Portugal werd het onderscheidingsteken voor jong-Amsterdam en inmiddels is het kennelijk zo'n vast onderdeel geworden van het nationale kostuum, dat juist Nederlandse toeristen er in het buitenland feilloos door geidentificeerd worden. Meestal vrouwen, die in meerderheid op de zwarte modellen lopen, maar de laatste jaren stijgt het aantal mannelijke dragers en de kleurkeuze wordt breder. Ze zijn er in blauw, rood, groen, wit, beige en bruin en voor de winter komt er dit jaar een gevoerde versie - een harig diertje dat mijn hart nog niet gestolen heeft.

De gebreide schoenen zijn veel sterker dan espadrilles die per kilometer aan substantie verliezen, minder plakkerig dan de full-plasticsandaal, modieuzer dan de plompe bootschoen en eindeloos meer schoen dan hetstoffen gympie, dat geleidelijk weer aan populariteit wint. De 'All Star'basketballschoen van het merk Converse is bijvoorbeeld voor ongeveer vijftiggulden een aardig alternatief voor de kostbaardere varieteit aanjoggingschoenen, maar vergeleken bij het Portugese model, dat amper twintiggulden duurder is, heeft die een te beperkte levensduur. Het rubber scheurt makkelijk, de kleur is weinig bestendig en de All Star wordt in het gebruik al snel een geurige schoen. De Portugees lijdt nauwelijks aan die bezwaren, als is het af te raden ermee het water in te gaan. Onder de binnenzool - aanvankelijk badstof, nu een dunne strook leer - ligt namelijk een laagje kurk, dat bij contact met water verteert. Het loopt minder lekker omdat vooral onder de hiel en de tenen slijtage optreedt en het ruikt onaangenaam. Toch zijn er veel mensen die hun schoenen - zeker de witte en beige exemplaren - van tijd tot tijd in de wasmachine stoppen. Het kan, bevestigt de importeur, maar enige garantie kan ze niet op die behandeling geven.

De zool is langs de randen geperforeerd voor ventilatie en tussen de hiel en de bal van de voet lopen twee ribben, die de voetholte ondersteunen. Met een scherp mesje kunnen de ribben desgewenst worden bijgesneden om de schoenen ook voor doorgezakte voeten 'pas' te maken.

Eigenlijk is de 'Arcopedico' een schoen zonder gelijken. Dat heeft ook de uitvinder, de Italiaanse ingenieur Elio Parodi, zich gerealiseerd. De man die het fascisme in zijn geboorteland ontvluchtte om via Portugal naar de Verenigde Staten over te steken, ontwikkelde onder meer hydraulische systemen, maar telkens vergat hij zijn vindingen te patenteren. De boot naar Amerika miste hij. Na zijn huwelijk met een Portugese vrouw concentreerde Parodi zich op de ontwikkeling van de gebreide schoen; een sok eigenlijk, op een zool van pvc. De uitvinding patenteerde hij wel, en met een breimachine in zijn huis maakte hij de eerste exemplaren voor mensen met voetproblemen. Inmiddels leidt zijn zoon de fabriek die onlangs feestelijk het miljoenste paar afleverde en bij die gelegenheid ook een nieuwe spuitgietmachine in bedrijf nam waarmee de kunststof zool onder de sok wordt gekleefd. Die machine is de beste verzekering tegen plagiaat, want hoewel het bovenwerk met een breimachine eenvoudig te kopieren valt, zijn de machine en de benodigde mallen zo duur dat namaak nauwelijks loont.

Ook bij intensief gebruik kan de Arcopedico, zo is mijn ervaring, twee jaar mee. Koop ze liefst een maat te groot; het loopt beter en het voorkomt dat ze na een tijdje als twee gekromde bootjes in de schoenenkast staan. Bijna iedereen die meerdere paren heeft, hanteert een rangorde. De nieuwste zijn voor selectief buitengebruik, de wat oudere voor in huis en het paar van vier jaar geleden is altijd nog goed genoeg voor schilderen en tuinieren. En dan is er een ander voordeel: koop, als u eenmaal in het bezit bent van de gebreide schoenen, rustig het meest prachtige uitverkoop-schoeisel. Mocht het onverhoopt tot blaren of beknelde tenen leiden, dan zijn er altijd de Portugezen om de moeilijkste dagen door te komen. Wie mooi wil zijn hoeft er niet eens meer voor te lijden. En wie toevallig kleine voeten heeft, doet er goed aan de volgende vakantie in Portugal door te brengen. Prachtig land, naar het schijnt, en voor nog geen vijfentwintig gulden verzorgt u uw eigen import.