Van der Schans gediskwalificeerd

ROTTERDAM, 17 aug. Springruiter Wout-Jan van der Schans is ervan overtuigd dat de organisatie van het CHIO in Rotterdam hem op twijfelachtige gronden heeft gediskwalificeerd. Die uitsluiting plus een boete van 1000 Zwiterse francs werden hem opgelegd omdat Van der Schans zich met zijn paard Valeur D buiten de toegestane paden en oefenruimtes had begeven en er tevens 'niet toegestane handelingen jegens zijn paard' werden geconstateerd. 'Een toeschouwer heeft de controlerende dierenarts verteld dat ik iets misdaan zou hebben en die verklaring is zonder meer overgenomen', zegt de springruiter. Organisatie noch dierenarts, mevrouw M. M. Sloet van Oldruitenborgh-Oosterbaan, wil een nadere toelichting geven op het incident. Van der Schans heeft het gevoel dat het geschonden aanzien van de paardesport, een gevolg van de publicaties rondom de omstreden trainingsmethodes van Paul Schockemohle, een rol heeft gespeeld bij zijn veroordeling. Hij zegt al eerder een aanvaring te hebben gehad met de betrokken dierenarts. Enige tijd geleden werd hij tijdens een concours hippique in Eindhoven door haar berispt omdat hij z'n paard de verharde weg liet loslopen. 'Nu was kennelijk een waarneming van een toeschouwer al voldoende om mij te straffen', aldus de ruiter.

Van der Schans voelt zich in zijn goede naam aangetast, maar overweegt vooralsnog geen juridische stappen tegen de organisatie. 'Ik weet niet of dat mijn zaak goed zou doen. Natuurlijk heb ik een fout gemaakt door mij buiten de, overigens slecht, gemarkeerde routes te begeven. Maar ik heb mijn paard zeker niet geslagen of mishandeld. Dat kan iedereen constateren: er is geen striem te bekennen en bij een schimmel zou dat zeker te zien zijn. Ik had trouwens niet eens een zweep bij me. Het verbaast me dat niemand het paard daarop heeft gecontroleerd. Ik vind deze straf extreem zwaar.' Vragen over de essentiele grens tussen gebruik en misbruik van paarden, zijn niet nieuw. Nationaal is bijvoorbeeld de berechting van Marcel Dufour bekend, de springkampioen van vorig jaar. Hij werd het jaar daarvoor beboet wegens het toepassen van scherpe zalf op de voorbenen van zijn paard, met het oogmerk het paard ver van een pijnlijke aanraking met de springbalken te houden. Een recenter voorbeeld: tijdens het internationale concours Jumping Amsterdam vorig najaar werd de Fransman Herve Godignon met een geldboete gestraft wegens mishandeling op het voorterrein. Saillant detail: Godignon won op zondagmiddag wel de Wereldbekerwedstrijd.

Kaarten

Omdat ook de ruiters zelf inmiddels overtuigd waren van de noodzaak het imago van de springsport te verbeteren, deden zij na Jumping Amsterdam een aantal voorstellen. Een van die plannen was het idee om een systeem van (waarschuwende) gele en (verbiedende) rode kaarten in te voeren en die suggestie heeft de de internationale hippische sportbond FEI overgenomen. Veertien dagen geleden, tijdens het WK in Stockholm, werd voor het eerst met dit kaartensysteem gewerkt. In Rotterdam werd gisteren de eerste gele kaart getrokken voor de Brit Carl Edwards, die zich net als Van der Schans met zijn paard buiten de verplichte route bevond. De straf voor Van der Schans staat dus niet op zichzelf, maar is een logisch gevolg van de ontwikkelingen bij de FEI. Het beleid richt zich op een verscherpte controle op de voorterreinen bij wedstrijden en op een betere garantie van de stalveiligheid. Dat was ook wel nodig. Zelfs tijdens de Olympische Spelen in Seoul gingen er geruchten dat de controle onvoldoende zou zijn geweest. Paul Schockemohle zou zonder probleem de paarden van het Duitse springruiterteam tijdelijk hebben kunnen verwisselen met de door hem beschikbaar gestelde paarden voor het onderdeel zeskamp, zodat de team-springpaarden in afzondering op hun eigen wijze op het springen voorbereid konden worden. Sinds vorig jaar zijn dus ook de verplichte routes tussen stal en oefenterreinen zodanig gemarkeerd, dat er geen ontkomen meer aan is.