Geen premie opgeviste explosieven

DEN HAAG, 17 aug. De premieregeling voor vissers die op de Noordzee een explosief hebben gevangen, wordt niet opnieuw ingesteld. De ministerraad is gisteren akkoord gegaan met een voorstel van minister Maij-Weggen om een andere regeling in te voeren.

Die houdt in dat na melding van de explosieve vangst een schip van de Marine of de Kustwacht zich zo snel mogelijk bij de vissersboot zal melden om de bom of granaat over te nemen dan wel ter plekke onschadelijk te maken. Volgens het ministerie van verkeer en waterstaat moet rekening worden gehouden met een of meer uren wachten voordat de hulp zal zijn gearriveerd. Verder zullen de vissers door middel van een voorlichtingscampagne worden gewezen op de gevaren die aan het opvissen van explosieven en het teruggooien daarvan zijn verbonden. De bommen zijn gewoonlijk overblijfselen van de Tweede Wereldoorlog.

In 1989 gold tot september een premieregeling. Vissers incasseerden 1.000 gulden per ingeleverde bom. Die regeling werd afgeschaft toen bleek dat de premie voor sommige vissers zo lucratief was dat zij, niet gehinderd door quotabeperkingen, op bommen gingen vissen. Ook kwam het voor dat vissers het explosief dagen aan boord hielden alvorens het in te leveren.

De Tweede Kamer drong er vervolgens eind vorig jaar in meerderheid op aan de regeling op een of andere manier toch te handhaven. Minister Maij-Weggen deed een toezegging in die richting. De indiener van de bewuste motie, Esselink (CDA), toonde zich vanochtend ontevreden over de nieuwe regeling, nu daarin geen sprake is van een vergoeding voor de visser. 'Geen visser gaat een paar uur stilliggen in afwachting van de marine. Dat kost hem goud geld.'

Dus bestaat het gevaar dat de visser het explosief terugwerpt in zee. 'Zo is het middel erger dan de kwaal', aldus Esselink. Zijn motie werd destijds mede-ondertekend door VVD, D66 en SGP.