Wraak van comapatient

Even lijkt Hard to Kill af te stevenen op een voor het actiegenre opmerkelijk intelligent scenarioverloop. Als vrouw en kind van een onoverwinnelijke politieman nadrukkelijk in beeld verschijnen, dan betekent dat doorgaans dat het geboefte hen in de op een na laatste acte bedreigen zal, zodat de wraak van paps in de ontknoping geen scrupules meer hoeft te kennen. Maar in deze tweede film van de nieuwe mannetjesputter Steven Seagal (zwarte band in haikido, paardestaartje, vorig jaar de ster van Nico - Above the Law) worden familie en held al na een minuut of tien door handlangers van een corrupte politicus merkwaardig precies gemodelleerd naar vice-president Dan Quayle aan mootjes geschoten. Zeven jaar later ontwaakt hij, officieel dood verklaard, met een Jezusbaard uit zijn coma en komt met hulp van een beeldschone verpleegster (Seagals echtgenote Kelly Le Brock) en wat oosterse mystiek weer genoeg op krachten om eigenhandig de botten van zijn belagers te breken.

Dan wordt de film volstrekt voorspelbaar afgewikkeld en kan men zich nog slechts verbazen over het onverwacht sadistische genoegen dat een door orientaalse filosofieen geleid karakter beleeft aan de afrekening. Een geheide videohit zal Hard to Kill wel worden, al was het maar omdat Seagal een veel mooiere man is dan Charles Bronson of Clint Eastwood.