BERNARD KLIBAN 1935-1990; Kattengeheimen

Zondag 12 Augustus overleed, in een ziekenhuis in San Francisco, de tekenaar Bernard Kliban, twee weken na een hartoperatie.

In 1975 verscheen Klibans eerste boek met tekeningen, getiteld Cat. Het werd in korte tijd een best-seller, en terecht: geen tekenaar is er ooit in geslaagd de geheime eigenaardigheden van dit wonderdier op zo subtiele wijze te achterhalen als Kliban. Zelfs niet Saul Steinberg.

Steinberg was een van de eerste cartoonisten die katten niet tekende als snoezige dieren, maar als vreemde wezens met bijna-menselijke gezichten. Het is die visie die Kliban verder heeft ontwikkeld; zijn tekeningen onthulden hoe katten de gezichten kunnen hebben van generaals en van onderwijzeressen, van joggers op gymschoenen en van gezellige vertellers, van edele vogelbeschermers en van zwoel kijkende gezelschapsdames.

Maar daaronder, dat is het knappe, blijven het katten. Er zou niet veel aan zijn als het gewoon vermenselijkte dieren waren (daar bestaan veel, o.a. negentiende-eeuwse voorbeelden van), maar dat is niet zo: iedere kattenliefhebber herkent onmiddellijk Klibans opmerkingsgave voor de absurde situaties die door de symbiose van katten en mensen kunnen ontstaan, en vooral hoe goed geobserveerd de bewegingen, lichaamshouding, gezichtsuitdrukking etc. van Klibans katten zijn.

Klibans prive-leven is betrekkelijk buiten de publiciteit gebleven; in 1978 verschenen er berichtjes in de pers over de vraag aan wie de katten (Noko, Marie en Burton Rustle) zouden worden toegewezen bij zijn echtscheiding, maar dat waren misschien journalistenverzinsels. Tot het boek Cats aan zijn zegetocht begon (een Nederlandse versie verscheen in 1977 bij de Harmonie) werkte Kliban bij de Posterijen. Zijn eerste cartoons (niet over katten) werden gepubliceerd in Playboy; ook in de New Yorker zijn er enkele verschenen. Bernard Kliban werd helaas maar 55 jaar oud.

Camera obscura

Hij had een bruin met witte vacht en hele trouwe ogen,