'Schrikbarende' krapte op kamermarkt

ROTTERDAM, 15 aug. 'Een kamer, alleen voor jongens', meldt de medewerkster van de Stichting Jongeren Huisvesting in Utrecht (SJHU), als de deur van het riante pand in de Lange Nieuwstraat opengaat. Van de twintig kamerzoekers die al zo'n half uur voor de deur zitten, veert als eerste de mannelijke helft op. Een aankomende eerstejaars studente druipt af. 'Verhuurders van kamers stellen steeds strengere voorwaarden', meent H. Jacobs van de SJHU. 'Sommige kamerbewoners mogen de keuken bijvoorbeeld alleen gebruiken tussen zeven en acht uur 's avonds. Sommigen kunnen maar twee keer per week douchen. Of ze mogen maar beperkt bezoek ontvangen. En er wordt vaak een veel te hoge huur gevraagd. Als het aanbod van kamers klein is, kan de prijs omhoog.' Zo mag David Bruggeman uit Utrecht, die ook voor de deur van de SJHU zit, van zijn hospita niet te vaak loges hebben. Daarnaast vindt hij zijn huur van 350 gulden veel te hoog voor een kamer van viereneenhalf bij drie meter. Toen hij dat aankaartte bij zijn hospita liepen de spanningen op. 'Nu vinden we het allebei beter dat ik zo snel mogelijk wegga', zegt hij.

Aan de hogere eisen die kamerverhuurders stellen, kan de SJHU merken dat de kamermarkt krapper wordt, zegt Jacobs. Het huisvestingsbureau, vertegenwoordigd in de Vereniging voor niet-commerciele kamerbemiddelingsbureaus, heeft met de Nederlandse Woonbond dit jaar voor het eerst de omvang van de kamernood in kaart gebracht. Deze week werd bekend dat 500.000 jongeren tussen de 18 en 25 jaar op dit ogenblik een kamer zoeken. Zo'n 150.000 van hen zullen geen onderdak vinden, tenzij in een caravan, bij een familielid of een kennis. 'Het probleem is natuurlijk niet nieuw', zegt H. Windmuller van de Woonbond. 'Maar het vinden van kamers wordt wel geleidelijk moeilijker.'

Een oorzaak daarvan is het nog steeds stijgende aantal studenten. Vorig cursusjaar waren er 110.000 eerstejaars in het hoger onderwijs, het komende jaar zullen dat er 114.000 zijn. Het aantal ingeschrevenen bij de Stichtingen voor Studentenhuisvesting (SSH's) is volgens Windmuller dit jaar met vier procent gestegen.

Het aanbod van kamers wordt tegelijkertijd kleiner. De maatregel die sinds 1985 'voordeurdelers' kort op hun uitkering heeft het enthousiasme om een kamer te verhuren doen afnemen, meent Windmuller. Volgens hem staat daarnaast permanent tien procent van de oudere kamers van de SSH's leeg door een renovatie die tot 1994 duurt. 'Bovendien maakt de stadsvernieuwing oude huizen minder geschikt voor kamerverhuur. Nieuwbouw, met open keukens en weinig slaapkamers, leent zich daar helemaal niet voor.' C. Kemps van de SSH in Tilburg en secretaris van het Gemeenschappelijk Overleg Studentenhuisvesting (GOS), waarin alle SSH's zijn verenigd, merkt aan zijn collega's in de Randstad dat er tegenwoordig 'gedurende heel het jaar een schrikbarend tekort aan kamers is'.

In Utrecht, Leiden, Amsterdam, Delft en Rotterdam neemt de kamernood toe, aldus Kemps, zoals de woningnood in het algemeen. 'Maar dat is zeker niet in alle studentensteden van Nederland het geval. In Tilburg bijvoorbeeld zijn vraag en aanbod behoorlijk in evenwicht, hoewel ook bij de SSH daar de wachtlijsten steeds langer worden.' Het ministerie van volkshuisvesting wil de kamernood onder andere oplossen via de woningcorporaties. Die moeten meer doen aan huisvesting voor kamerbewoners: de zogenaamde sociale kamermarkt. Volgens Windmuller van de Nederlandse Woonbond zorgen de woningbouwverenigingen en de gemeentelijke woningbedrijven samen voor een procent van het aantal kamers. 'Dat percentage is sinds 1979 gelijk gebleven.' D. Hamersma van de Nationale Woningraad (NWR) in Almere, waarbij 900 woningcorporaties en gemeentelijke woningbedrijven zijn aangesloten, vindt dat de sociale kamermarkt pas kan worden uitgebreid als de overheid besluit meer huurhuizen te laten bouwen. 'Nu wordt het aantal nieuwe huizen voor de lagere inkomens jaarlijks met 5.000 beperkt.' Volkshuisvesting wil verder de particuliere kamerverhuur stimuleren door de huurbescherming, die huurders beschermt tegen plotselinge uitzetting, af te zwakken en de huur voor de verhuurder minder belastbaar te maken.