Sausedlitz mag blijven, maar dat is geen reden voor feest

SAUSEDLITZ (Saksen), 15 aug. De driehonderd bewoners van het Oostduitse Sausedlitz, een Saksisch dorp vijftig kilometer ten noorden van Leipzig, zijn blij dat hun woonplaats op het laatste moment is gespaard voor de bruinkoolafgraver, maar tot een uitbundig feest is het niet gekomen. Integendeel: 'Er waren grote ruzies toen de ontruiming van het dorp niet doorging', verzekeren dorpelingen, na even over hun schouder te hebben gekeken of er niemand meeluistert.

Wie zich door de bruinkoolmijn al had laten uitkopen en zich met staatssubsidie elders had gevestigd, gunde soms de achterblijvers niet dat zij alsnog op hun oude grond konden blijven wonen. En wie blij was dat hij niet meer hoefde te verhuizen, maakt zich nu grote zorgen. De ontruiming was al in 1980 aangekondigd en sindsdien was er aan het dorp weinig meer gedaan. Met name de grote schuren staan op instorten.

En dan: 'Waarvan moeten de boeren leven', vraagt een boer zich af. Alle LPG's, de DDR-kolchozen waarin de boeren zich van de regering in de jaren vijftig moesten verenigen, gaan in Oost-Duitsland sinds de invoering van de D-mark vorige maand failliet. Die van Sausedlitz, die zich in het kader van de 'socialistische arbeidsdeling' alleen maar met veeteelt mocht bezighouden, heeft in arren moede alle koeien verkocht.

Kort na de oorlog telde Sausedlitz heel wat meer dan driehonderd zielen, wel vijfhonderd. Dat kwam door de komst van boeren uit de toen net Pools geworden gebieden, vertellen de huidige inwoners. De grafstenen op het kerkhof spreken duidelijke taal. Op elke tweede steen staat trots dat de overledene 'een Oostpruisische boer' was. Met het oog op de verdwijning van het dorp mocht het kerkhof sinds 1981 niet meer worden gebruikt, nu gaat het weer open. Een dorpswinkel, de Konsum, is er nog. De uitbater van het enige cafe (het Volkshuis) is daarentegen al twee jaar geleden naar elders vertrokken.

Op een kilometer van Sausedlitz begint de onwaarschijnlijk grote bruinkoolafgraving met zijn onwezenlijke graafmachines, waarin het dorp ten bate van de energievoorziening van de DDR had moeten verdwijnen. De DDR is bijna zelf verdwenen, en de nieuwe deelstaat Saksen zal op een andere, het landschap minder verstorende manier in de energiebehoeften voorzien. In afwachting van definitieve sluiting is in de groeve 'Rosa' van de Braunkohlwerke AG niemand meer te bekennen.

Eigenlijk had Sausedlitz al vorig jaar ontruimd en verdwenen moeten zijn. De boodschap waarmee in februari van dit jaar een medewerker van het ministerie van energie in het dorp zijn opwachting maakte, kwam dus nogal onverwachts. Na de 'omslag' in de landspolitiek, berichtte de ambtenaar, had men zich gerealiseerd hoe asociaal en schadelijk voor het milieu het was om hele dorpen op te offeren aan de bruinkoolwinning. Nader onderzoek had bovendien uitgewezen dat de bruinkoolvoorraad onder het dorp de afbraak in het geheel niet rechtvaardigde. 'Het was een slimme man', herinnert zich een boer. 'Toen hij merkte dat degenen die al vertrokken waren het de anderen niet gunden dat zij konden blijven, heeft hij gezorgd dat het niet tot een stemming kwam.'

Maar daarvoor waren alle dorpsruzies en veten van de laatste vijftig jaar nog wel even opgehaald, meldt de zegsman glimlachend.

Zelf heeft hij vorige week een brief geschreven aan de bruinkoolmijnen om eens te vragen hoe dat in zijn werk gaat, het terugkopen van grond en opstallen. Want op twee of drie hardnekkige weigeraars na, hebben allen inmiddels hun boerderijen verkocht. En het moet gezegd: voor prijzen die de boeren tot tevredenheid stemden. Een grotere boerderij bracht wel bijna 150.000 Ostmark op, en van de staat nog eens subsidies tot 90.000 Ostmark om ergens anders weer opnieuw een huis te kunnen bouwen en een nieuw leven te beginnen.

Na de eerste aanzegging tot ontruiming, in 1980 dus, hadden de boeren aanvankelijk wel handtekeningen verzameld, vertelt de secretaresse van de burgemeester in het piepkleine gemeentehuisje. Zij vormt, samen met de in een opvallend geel karretje rondrijdende gemeente-wegwerker, het ganse ambtenarenapparaat van de gemeente Sausedlitz. 'Maar je kon er niets tegen doen natuurlijk', en de plaatselijke notabelen de voorzitter van de LPG en de plaatselijke secretaris van de communistische partij SED zetten zich ijverig in voor de verwezenlijking van de overheidsverlangens.

Die partijsecretaris, tevens burgemeester, is toen het begin dit jaar tot de dorpelingen begon door te dringen dat er in de DDR iets grondig was veranderd de laan uitgestuurd. Maar de nieuwe burgemeester was jarenlang de rechterhand van zijn voorganger en ook voormalig SED-lid. 'Er was gewoon niemand anders die zich voor de functie verkiesbaar stelde', vertelt de secretaresse, zonder al te veel liefde voor haar huidige werkgever.

Hoe het verder gaat met de grond en de huizen weet ook zij niet. 'De bruinkoolmijn heeft beloofd de groeve tot een natuurpark in te richten.' Er hebben zich al veel kooplustigen voor grond en huizen gemeld, weet zij, ook uit het volle en vuile Leipzig, waar de mensen naar een buitenhuisje verlangen.

Dat begrijpt ook de boer die gisteren in antwoord op zijn brief van de mijn vernam dat men daar helaas nog geen uitgewerkte plannen heeft voor de terugkoop van grond en boerderijen. De tijd dringt een beetje, omdat veel dorpelingen al een begin hebben gemaakt met het opnieuw investeren van de afkoopsom en de subsidie in de bouw van een nieuw huis of de verwerving van grond in een ander dorp.

Officieel kan dat wel niet, bij een andere LPG grond kopen, maar aan veel valt een mouw te passen. 'Je maakt gewoon wat afspraken en dan bezet je een stuk land en je begint te bouwen.'

Maar liever blijft hij natuurlijk in het huis waarin hij is geboren. Zijn vrees, en die van vele dorpelingen, is dat de mijn het eigendom niet teruggeeft en ten eigen bate verkoopt aan stedelingen op zoek naar een buitenhuisje. 'U moet weten, we hebben hier al het een en ander meegemaakt.'