Plan-Brady werpt resultaten af; Bankschuld Derde wereld isaanzienlijk verminderd

ROTTERDAM, 15 aug. De schulden van Derde-wereldlanden (Opec-landen niet meegerekend) aan Westerse banken zijn in het eerste kwartaal van dit jaar drastisch verminderd. De alom verwachte verschuiving van fondsen naar Oost-Europa is niet opgetreden.

Dat meldt vandaag de Bank voor internationale betalingen (BIB: 'centrale bank der centrale banken') in haar overzicht van het eerste kwartaal. Volgens de bank zijn de vorderingen van Westerse banken op Derde-wereldlanden met 23 miljard dollar gedaald tot 700,9 miljard dollar, verreweg de grootste daling die in een kwartaal ooit is bereikt.

Tegelijkertijd namen de deposito's van Derde-wereldlanden bij Westerse banken verder toe met 12,3 miljard dollar tot 585,2 miljard dollar. Bijna de helft van de groei kwam van China, wiens deposito steeg met 5,1 miljard dollar, terwijl China voor 1 miljard nieuwe leningen afsloot.

Per saldo is zodoende de netto schuld van deze Derde-wereldlanden bij Westerse banken in het eerste kwartaal gedaald met 35,3 miljard dollar. 'Een fantastisch resultaat', aldus vanmorgen een woordvoerder van de bank.

De vorderingen op Mexico daalden in het eerste kwartaal van dit jaar met veertien miljard dollar (20 procent) tot 55,6 miljard dollar. Dat gebeurde in het kader van het schuldenplan van de Amerikaanse minister van financien Brady.

Mexico ondertekende begin dit jaar als eerste schuldenland een overeenkomst met de banken op basis van het plan-Brady. De banken hadden de keus tussen vermindering van de hoofdsom van oude leningen, verlaging van de rente en verstrekking van nieuwe leningen. Volgens de BIB kozen de meeste banken voor het eerste. Daarbij werden vorderingen omgewisseld in gegarandeerde obligaties met een korting op de hoofdsom van 35 procent.

De bankvorderingen op geheel Latijns Amerika waren vorig jaar al met 16,5 miljard dollar afgenomen. In het eerste kwartaal van dit jaar verminderden die, inclusief het Mexico-pakket van 14 miljard dollar, nog eens met 18,6 miljard dollar. De vorderingen op Brazilie verminderden met 2,7 miljard dollar en die op Argentinie met 1,2 miljard dollar. De totale bankvorderingen op Latijns Amerika waren aan het eind van het eerste kwartaal gedaald tot 130 miljard dollar.

Volgens de BIB is de alom verwachte verschuiving van fondsen naar de Oosteuropese landen niet opgetreden. De uitstaande bankleningen aan deze landen daalden licht, van 100 tot 97,8 miljard dollar.

In de rijke landen trad een aanzienlijk daling op van de activiteiten tussen de banken en verminderde de 'interbank market' van 176,4 miljard dollar in het vierde kwartaal van 1989 tot 48,7 miljard dollar in het eerste kwartaal van dit jaar. Uitzondering hierop was West-Europa, waar de activiteit tussen banken toenam van 38,5 naar 73,7 miljard dollar.

De totale internationale financiering steeg in het eerste kwartaal netto met 105 miljard dollar tot 3,627 biljoen dollar, aanmerkelijk minder dan in het laatste kwartaal van 1989, toen de expansie nog 139 miljard dollar bedroeg. Volgens de BIB komt dat doordat er minder fusies waren en door de inkrimping van de 'interbank market'. De Japanse banken verminderden in het eerste kwartaal hun activiteit wegens de daling van de yen en de daling van de koersen van aandelen en obligaties op de beurs van Tokio.

De Amerikaanse banken zagen hun activa dalen met 47 miljard dollar en hun verplichtingen met 36 miljard dollar, 'de scherpste inkrimping ooit geregistreerd', aldus de BIB. Deels komt dat door de Brady-overeenkomst met Mexico, deels door 'de grotere voorzichtigheid van banken nu het Amerikaanse financiele systeem kwetsbaarder wordt'.