Industriele produktie in DDR 9,5 procent lager in 2e kwartaal

FRANKFURT, 14 aug. De industriele produktie in de DDR neemt in een steeds sneller tempo af.

In het eerste kwartaal was er sprake van een vermindering van 4,5 procent en in het tweede kwartaal bedroeg de achteruitgang al 9,5 procent.

Dit schrijft de Bundesbank, de centrale bank van West-Duitsland, in haar jongste maandverslag.

De bank geeft twee hoofdoorzaken aan voor de achteruitgang van de produktie. In de eerste plaats noemt zij de uittocht van personeel en in de tweede plaats de toeneming van de afzetproblemen als gevolg van de opmars van Westerse produkten in de DDR. In juni telde de Oostduitse industrie 240.000 werknemers minder dan in dezelfde maand van vorig jaar. Dat komt neer op een vermindering van 7,5 procent. In mei waren er in de bouwsector 30.000 mensen minder aan het werk dan een jaar ervoor. Deze achteruitgang komt neer op zeven procent.

De Bundesbank constateert dat in de laatste paar maanden de bouwactiviteiten in de DDR sterk zijn afgenomen. Ze wijst erop dat er in de Oostduitse statistieken nog steeds veel onzekerheden zitten. Zo ontbreken betrouwbare gegevens over de orderontvangst in de bouwindustrie.

Groei viel alleen te nemen in de particuliere bestedingen in de detailhandel, aldus de bank. Dat komt onder andere door de forse loonsverhogingen eerder dit jaar. Niettemin was de omzet in geld van de Oostduitse detailhandel in juni 9,5 procent kleiner dan in juni vorig jaar. Volgens de Bundesbank komt dat door de afschaffing van de heffingen die aan de staat moesten worden betaald. Daardoor werden veel produkten goedkoper.(DPA) De Westduitse regering heefternstige kritiek uitgeoefend op een plan van de Deutsche Bank, de grootste bank van de Bondsrepubliek, de schulden van Oostduitse bedrijven die zij via een dochter in beheer heeft gekregen, over te dragen aan de 'Treuhandanstalt', die belast is met de privatisering van de Oostduitse staatsbedrijven.

Dat meldt vandaag het Westduitse Handelsblatt. De Deutsche Bank heeft een belang van 85 procent in een onlangs opgerichte gemeenschappelijke dochter van haar en de Deutschen Kreditbank en daarmee tweederde van de bankfilialen van deze Oostduitse bank in handen gekregen. Volgens de Deutsche Bank kan de 'Treuhandanstalt' de schulden desgewenst gewoon afstoten zonder dat het 'netto-volksvermogen' hierdoor verandert.

Volgens regeringskringen in Bonn onttrekt de Deutsche Bank zich met de geplande overdracht aan haar medeverantwoordelijkheid voor de sanering van de Oostduitse economie. De bank wist bij de oprichting van de dochter, Deutsche Bank-Kreditbank genaamd, wat ze in huis haalde, zo zegt men in Bonn, waar men al spreekt van machtsmisbruik.