Kok voelt niets voor verlaging van accijnzen op alleolieprodukten

DEN HAAG, 13 aug. Minister van financien Kok voelt er niets voor de in 1986 doorgevoerde tijdelijke verhoging van de accijnzen op olieprodukten ongedaan te maken. De VVD-fractie drong vorige week aan op een accijnsverlaging. 'Een forse verlaging van de accijnzen voor benzine of diesel past nu niet in de prioriteiten van het kabinet', zei Kok gisteren voor de VARA-televisie. Het kabinet vindt een goed milieubeleid, openbaar vervoer, behoud van werkgelegenheid en een goede koopkrachtpositie voor de lager betaalden volgens hem belangrijker. De accijnzen op benzine en diesel (naast die op huisbrandolie en petroleum) gingen vier jaar geleden 'tijdelijk' met respectievelijk 9 en 7 cent omhoog om de door de lage olieprijzen gedaalde aardgasinkomsten te compenseren. CDA'er Van Amelsvoort (nu staatssecretaris van financien) bedong destijds in een motie dat de accijnsverhoging ongedaan zou worden gemaakt bij een aardgasprijs die 3,5 cent boven het niveau van 1 juli 1987 ligt. De aardgasprijs is inmiddels 3,2 cent hoger. Volgens Kok is de motie 'in belangrijke mate achterhaald' door de verlaging van de loon- en inkomstenbelasting volgens het plan-Oort. De motie-Van Amelsvoort hield de mogelijkheid open de accijnsverhoging te compenseren door een verlaging van de loon- en inkomstenbelasting. Kok gaf aan dat de koppeling tussen lonen en uitkeringen ook gehandhaafd moet blijven, als er door de crisis in de Golfregio slechtere economische tijden zouden komen. 'Als er wat schade zou ontstaan in termen van minder economische groei, komen we natuurlijk allemaal in een krapper jasje te zitten', aldus Kok. 'Het gaat niet aan om dan de lager betaalden daarvoor de prijs te laten betalen.'

Kok zei dat een 'buitensporige' ontwikkeling van de olieprijzen per saldo negatief is voor de economie, ondanks de te verwachten stijging van de aardgasinkomsten voor de schatkist.