D66 vraagt opheldering over boycot diensten Irak

DEN HAAG, 13 aug. De Tweede-Kamerfractie van D66 wil van minister Van den Broek (buitenlandse zaken) opheldering over de vraag of Nederlandse baggeractiviteiten in Irak in strijd zijn met de handelsboycot tegen dat land.

Volgens het D66-Kamerlid D. Eisma bestaat tussen minister Andriessen (economische zaken) en minister Van den Broek een verschil van interpretatie over de door de Verenigde Naties ingestelde boycot. Andriessen zou in tegenstelling tot Van den Broek van mening zijn dat dienstverlenende activiteiten gewoon door kunnen gaan. De D66-fractie wil dat dit punt door Van den Broek wordt voorgelegd aan de boycotcommissie van de Veiligheidsraad van de VN. Eisma vindt dat de activiteiten van de Nederlandse baggerbedrijven Boskalis en Volker Stevin in de monding van de Eufraat en Tigris door hun strategische karakter onder de boycot vallen en dat het baggerpersoneel daarom zo spoedig mogelijk moet worden teruggeroepen.

Volgens een woordvoerder van Buitenlandse Zaken wordt nog overlegd met andere landen over de vraag hoe de resolutie van de Veiligheidsraad moet worden geinterpreteerd op het gebied van dienstenverlening. Dat overleg zal binnen enkele dagen worden afgerond.

De baggerwerkzaamheden zijn volgens de boycotregeling niet expliciet verboden, aldus het ministerie van economische zaken. Volgens een woordvoerder kan het werken op den duur in de praktijk wel buitengewoon moeilijk worden vanwege het import- en exportverbod en de bevriezing van het betalingsverkeer.

Andere Nederlandse dienstverlenende instellingen in Irak en Koeweit hebben hun activiteiten inmiddels stopgezet, zoals het Waterloopkundig Laboratorium De Voorst, dat door Verkeer en Waterstaat, Economische Zaken en Onderwijs en Wetenschappen voor 10 miljoen gulden wordt gesubsidieerd. Volgens medewerkers van het laboratorium zijn de activiteiten in Irak opgeschort, omdat De Voorst niet meer op betalingen uit Bagdad kan rekenen. In opdracht van het Iraakse ministerie van industrie en militaire bedrijven wordt gewerkt aan onderdelen van de bouw van drie elektriciteitscentrales.

Ook andere Nederlandse ingenieursbureaus waren tot voor kort in het Midden-Oosten actief. Euroconsult, een dochter van de Heidemij, en het Amersfoortse bureau Dwars, Heederik en Verhey werkten twintig jaar lang aan een gigantisch, anderhalf jaar geleden beeindigd irrigatieproject van 100.000 hectare in Irak. Nederlandse ingenieursbureaus zijn nu nog werkzaam in diverse Golfstaten en Jemen op het gebied van kusten waterwinningswerken en bij de aanleg van vliegvelden in Saoedi-Arabie en Jemen.