Bankbiljetten en hazen bepalen tempo van atleet

HENGELO, 13 aug. Hazen als gangmakers en een dik pak bankbiljetten als extra duwtje in de rug: organisatoren die knappe tijden willen zien op hun meeting lijken in de hedendaagse atletiek de voortstuwing van de atleet te kunnen regelen. Op de Adriaan Paulen Memorial in Hengelo werd er flink met geld gewapperd, ook al behoort die wedstrijd niet tot de meest kapitaalkrachtige van Europa. Bonussen voor records, premies voor opzienbarende verrichtingen moesten prestaties ontlokken aan een deelnemersveld waarvoor het publiek ditmaal niet warm liep. De Keniaan Peter Koech zorgde er in ieder geval voor dat Hengelo in atletiekkringen even genoemd zal worden. Zijn 8.10,95 op de 3000 meter steeple chase was de beste wereldseizoenprestatie.'Hengelo' had tevoren op meer gehoopt. Koech zou een aanval doen op zijn eigen wereldrecord van 8.05,35 en daarvoor een bedrag van 25.000 dollar bovenop zijn startgeld toucheren. Gezien de weersomstandigheden was dat te hoog ingezet, maar twee dagen nadat zijn landgenoot William Mutwol in Brussel zich met 8.12,75 de snelste van dit seizoen op die afstand mocht noemen, nam Koech die status van hem over. Vanzelfsprekend ontving hij daardoor ook een fikse financiele beloning.

Organisator Rob Kerkhoven had ook anderen aangemoedigd toch vooral grootse daden te verrichten. Zo zegde hij de Jamaicaanse sprintster Merlene Ottey een bedrag toe als ze in Hengelo onder de 11 seconden zou duiken en Leroy Burrell, die woensdag in Zurich een aanval wil doen op het wereldrecord van Carl Lewis op de 100 meter (9,92), wist eveneens dat er een bonus wachtte als hij de afstand binnen tien seconden zou afraffelen. 'Met of zonder wind', was er nog bij gezegd. Ottey kon na afloop haar hand ophouden, want de sierlijke atlete kwam met 10,96 tot haar tweede snelste tijd van dit jaar, nadat ze in mei in Sevilla al 10,78 had neergezet.

Burrell (dit jaar tweemaal goed voor 9,96) ondernam niet eens een serieuze poging om het extraatje in de wacht te slepen. Hij liet er geen twijfel over bestaan dat Hengelo, net als voor zovele anderen, slechts een lucratieve tussenstop was tussen de Ivo van Damme Memorial in Brussel van afgelopen vrijdagavond en de GP van Zurich. Hij benutte de wedstrijd in het Fanny Blankers Koenstadion om een eens 'rechte' start te maken, in plaats van de ietwat scheve manier waarop hij uit de blokken pleegt te komen. Het werd geen groot succes. Zijn belangrijkste belager Calvin Smith kwam angstig dichtbij, 'al heb ik geen moment het gevoel gehad dat mijn overwinning in gevaar was', zei Burrell.

Rustpuntje

De Adriaan Paulen Memorial werd een welkom rustpuntje in dit seizoen, waarin hij onder zware druk leeft. Sinds zijn overwinning op Carl Lewis tijdens de Goodwill Games in Seatlle voelt Burrell de hooggespannen verwachtingen van publiek en organisatoren. 'Overal waar je komt rekenen mensen er op dat ik grote dingen doe. Dat voel je en ik raakte er zenuwachtig door.'

Na in Sestriere 9,96 te hebben gelopen en vrijdagavond in Brussel 10 seconden rond te hebben neergezet was zijn 10,11 van Hengelo duidelijk de minste in dat rijtje.

Het liet hem koud. Het gemak waarmee hij wint heeft hem mentaal in balans gebracht. Met een zekere onverschilligheid leeft hij toe naar Zurich. 'Een wedstrijd die door zijn bezetting en zijn ambiance het dichtst in de buurt komt van een wereldkampioenschap of Olympische Spelen. Daar is het voor mij erop of eronder en daarna... maakt het voor mij verder niet zo veel meer uit.'

Smakelijk beleg

Met een boeiende 800 meter race (zonder de geblesseerde Paul Ereng, maar met de Braziliaan Barbosa en de Amerikaanse winnaar Johnny Gray), een uitstekende 2.00 meter sprong van de Westduitse Heike Henkel en het sterk bezette verspringen bij de mannen waren er heel wat aardige onderdelen te bekijken in Hengelo. Maar gezien de duur van de hele meeting, zo'n vier uur, had het toch iets van smakelijk beleg dat dun was uitgesmeerd op een veel te grote boterham. Of daarin de verklaring ligt dat er dit jaar slechts de helft (9.000) van het aantal toeschouwers kwam dat de voorgaande twee afleveringen de tribunes bevolkten valt te betwijfelen, maar de manier waarop Kerkhoven er zich vanaf maakte ('de mensen zitten met dit weer liever met hun voeten in een teiltje water voor de televisie') was wat al te gemakkelijk.

Onder zijn leiding zal het programma in Hengelo in elk geval eerder langer ('misschien wel een meerdaagse wedstrijd') dan korter worden. Dat laatste is voor het publiek aantrekkelijker, maar de terreur van de sponsors is zodanig dat de mening van de gewone toeschouwers die samen slechts vijftien procent van het budget ophoesten nauwelijks telt. Een langduriger programma vergroot de kans om de reclameboodschappen die langs de baan staan opgesteld vaker op de televisie te laten komen. En dat 'Hengelo' veel sponsors heeft is wel duidelijk. Het aantal Sperrgebieden, waar het gepeupel door potige functionarissen van een particuliere veiligheidsdienst wordt tegengehouden, neemt er toe.

Gelet op de financiele wensen van Jos Hermens, de atletenmakelaar die verantwoordelijk is voor de samenstelling van het veld, kan dat in de toekomst alleen nog erger worden. Om de concurrentie met de grote buitenlandse wedstrijden aan te kunnen blijven gaan wil Hermens volgend jaar een budget van een miljoen gulden, anderhalve ton meer dan dit seizoen. In de toekomst vindt hij, moet er naar het voorbeeld van de Rotterdam Marathon een professionele kracht komen. Bovendien wil hij dat de meeting in juni wordt gehouden, waardoor de felle concurrentie met de Grand Prix wordt vermeden en Hengelo een aanloop in plaats van een tussenstation wordt.