AVR: extra stortplaats chemisch afval nodig

ROTTERDAM, 13 aug. Het afvalverwerkingsbedrijf AVR in Rotterdam wil nog dit jaar besprekingen aangaan met het ministerie van VROM over een tweede stortplaats voor onverwerkbaar chemisch afval.

De eerste opslagplaats voor zwaar chemisch afval op de Maasvlakte, met een capaciteit van 230.000 ton, zal over vier a vijf jaar vol zijn, in plaats van over de berekende tien jaar. In de zogenaamde C2-deponie is sinds de opening in april 12.000 a 15.000 ton onverbrandbaar chemisch afval opgeslagen. Gerekend was op 20.000 a 23.000 ton per jaar. 'We zitten nu dus al over de helft', zegt L. Chevalier van AVR. 'In april vermoedden we al dat de opslagplaats eerder vol zou zijn dan in tien jaar.'

Volgens Chevalier is het aanbod van chemisch afval 'gigantisch'. 'We moeten tijdig maatregelen nemen, want de bouw van een stortplaats duurt ongeveer anderhalf jaar.' Volgens VROM zullen er spoedig gesprekken plaatshebben met AVR en eventueel met andere afvalverwerkers over een uitbreiding van de opslag van onverwerkbaar chemisch afval. Ook het ministerie verwacht dat de C2-deponie binnen vier a zes jaar vol zal zijn.

De C2-deponie is de enige opslagplaats in Nederland voor onverwerkbaar chemisch afval dat vrijkomt bij industriele processen, zoals vervuild slib, filterresten en afvalslakken. De betonnen stortplaats van 320 meter lang, 50 meter breed en 11 meter hoog, zal worden afgedekt zodra ze vol is, met onder andere zand. Daarna kan de voormalige opslagplaats worden gebruikt voor recreatie.

Volgens Chevalier is er naast de C2-deponie op de Maasvlakte ruimte voor een tweede opslagplaats. Onderdelen van de C2-deponie kunnen opnieuw worden gebruikt. Daardoor kunnen de kosten van de nieuwe stortplaats 'enkele miljoenen minder' zijn dan de 33 miljoen die de C2-deponie heeft gekost. A. Staatsen, burgemeester van Groningen, heeft in maart minister Alders (VROM) geadviseerd ook de capaciteit voor het verwerkbaar chemisch afval na 1994 uit te breiden. AVR-Chemie begint deze week met de bouw van een derde verbrandingsoven voor chemisch afval, waarmee de totale capaciteit op 205.000 ton per jaar komt.

Staatsen stelt de bouw van een tweede verbrandingsbedrijf voor, omdat het aanbod van chemisch afval de komende tijd zal blijven stijgen en de afhankelijkheid van een bedrijf te grote risico's oplevert.