Weekstaat der Nederlandsche Bank; Kasreserve op nul

AMSTERDAM, 8 aug. Dat De Nederlandsche Bank de geldmarktkasreserve de afgelopen week op nul stelde, bleek geen overbodige luxe. De betalingen aan het Rijk van fl.8591 miljoen, zorgden voor een forse toeneming van het geldmarkttekort. De betalingen aan het Rijk vielen iets hoger uit dan werd verwacht, waardoor de nieuwste speciale belening enigszins aan de krappe kant bleek te zijn. Jongstleden donderdag wees De Nederlandsche Bank fl.4934 miljoen toe op de zevendaagse belening, tegen het onveranderde tarief van 8 procent.

Dat de belening aan de krappe kant was, blijkt uit het verloop van het tarief voor interbancair daggeld, dat de afgelopen dagen circa 83/8 procent noteerde. Ook de ontsparing op het contingentsverbruik met 2 punten wijst op enige ademnood op de geldmarkt.

Dat rood aangelopen gezichten echter niet zozeer in geldmarktkringen moesten worden gezocht, maar vooral op de obligatie- en aandelenmarkten, is evident. De olieschok die volgde op de inval van Irak in Koeweit, zorgde voor een fors vermogensverlies voor obligatie- en aandelenbezitters. Aandelen daalden als gevolg van hogere rentes, vrees voor een Amerikaanse recessie en neerwaarts bijgestelde winstverwachtingen. Obligaties betaalden de tol voor het verslechterde inflatoire klimaat.

De stijging van de geldmarkttarieven bleef achter bij de stijging van de rentes op de kapitaalmarkten. In Nederland noteerde driemaands interbancair geld circa 20 basispunten hoger dan een week geleden. In de Verenigde Staten, waar beleggers gebiologeerd zijn door het thema van de (naderende) recessie, daalde de geldmarktrente zelfs.

De olieprijsstijging werpt nieuw licht op de aanpassingsproblematiek van het economische beleid van de Verenigde Staten, Japan en Duitsland. De inflatoire dreiging die uitgaat van de hogere olieprijzen zou door Japan voor een aanzienlijk deel kunnen worden ontlopen, door een appreciatie van de yen ten opzichte van de dollar te bewerkstelligen (bij voorbeeld met 20 procent, tot 120 yen per dollar). De sleutel daarvoor is een forse discontoverhoging. De consequentie van deze stap zou een additionele koersval op de Amerikaanse obligatiemarkt zijn. Na deze aanpassing (lagere dollar ten opzichte van de yen en hogere Amerikaanse kapitaalmarktrente), zou de financiering van het Amerikaanse handelstekort geen probleem hoeven op te leveren. In West-Duitsland zou de Bundesbank onder de geschetste omstandigheden kunnen overwegen het beleid niet te verkrappen, waardoor ook een appreciatie van de yen ten opzichte van de D-mark zou optreden. Ten einde het inflatoire effect van de hogere olieprijzen en de tegenvallende ontwikkelingen in de DDR te mitigeren, zou tegelijkertijd in Duitsland de belastingen moeten worden verhoogd. Aldus zou de aanpassingslast op een redelijke wijze worden verdeeld tussen de drie grote landen.

Coordinatie van het beleid is gewenst. Anders zouden de volgende versregels van Shakespeare actueel kunnen worden: 'I could a tale unfold, whose lightest word would harrow thy soul'. Bron: NMB Bank