Verhoogde paraatheid in Egypte

KAIRO, 8 aug. Een deel van het Egyptische leger is gisteren in verhoogde staat van paraatheid gebracht, aldus militaire waarnemers in Kairo. Verloven voor parachutisten en leden van de luchtlandingsbrigade zijn ingetrokken. Dezelfde waarnemers noemen echter berichten uit Washington als zou Egypte zich bereid hebben verklaard troepen naar Saoedi-Arabie over te brengen 'zeer onwaarschijnlijk'. Op vliegvelden en andere bases is geen extra activiteit waarneembaar. Egypte beschikt over twee parachutistenbrigades en een eenheid luchtlandingstroepen, tezamen ongeveer 7.000 man, maar niet over voldoende transportvliegtuigen om deze strijdkrachten in een keer over te brengen.

De Amerikaanse minister van defensie Dick Cheney was gisteren in Alexandrie, waar hij in een ongeveer een uur durend gesprek met president Mubarak naar alle waarschijnlijkheid om militaire steun heeft gevraagd. Behalve het inzetten van troepen zou die kunnen bestaan uit het beschikbaar stellen van vliegvelden voor tussenlandingen van militaire toestellen en uit het afsluiten van het Suezkanaal voor olietankers uit Irak.

Wanneer de Saoediers in navolging van Ankara besluiten deze doorvoer stop te zetten en de weg door het Suezkanaal ook wordt afgesneden, is de blokkade zo goed als volledig.

De Amerikanen vroegen en kregen, gisteren ook toestemming om het nucleair-aangedreven vliegdekschip Eisenhower met een escorte van zeven kleinere schepen door het Suezkanaal naar de Golf te laten varen. Deze versterking van de Amerikaanse marine in de Golf maakt een effectieve blokkade op zee mogelijk en brengt bovendien 75 gevechtsvliegtuigen binnen het bereik van doelen in Saoedi-Arabie en Irak.

Vlak voor het bezoek van Cheney sprak president Hosni Mubarak met een delegatie uit Irak onder aanvoering van Izzat Ibrahim, een naaste medewerker van Saddam Hussein. De Irakezen werden begeleid door een zwaar gewapend escorte, brachten hun eigen voedsel mee en verlieten het zomerpaleis van Mubarak in een sfeer die door de Egyptische media als 'somber en zeer gespannen' werd omschreven. Daar was ook reden toe, na het grote diplomatieke succes dat de Verenigde Staten hebben behaald met de toestemming om troepen op het grondgebied van Saoedi-Arabie te stationeren.

Nu vrijwel de hele wereld zich tegen Irak keert en een Amerikaanse interventie dreigt, lijkt het erop dat ook de Arabische landen die tot dusver steun gaven aan Bagdad voorzichtig afstand beginnen te nemen van hun bondgenoot. Hoewel de publieke opinie in Jordanie sterk pro-Iraaks is, herhaalde premier Mudar Badran gisteren dat zijn land het nieuwe regime in Koeweit niet zal erkennen. Hij bevestigde dat dit betekent dat de verdreven emir ook voor Jordanie nog steeds de wettige heerser van Koeweit is. Ook Jemen, dat vorige week nog weigerde een afkeurende resolutie van de Arabische Liga te steunen, liet gisteren weten dat de Iraakse troepen zich zouden moeten terugtrekken uit Koeweit. Alleen in Libie en de PLO heeft Saddam Hussein nu nog redelijk trouwe bondgenoten.