Stakers Britse offshore meedogenloos

ABERDEEN, 8 aug. 'As always', zegt Donald Bain en klapt net als de andere 300 ontslagen platformwerkers om het hardst in de klassiek Engelse Music Hall van Aberdeen. Bain kan het weten. Want met zijn 52 jaar zit hij al net zolang in de offshore-industrie als er platforms in de Noordzee staan.

Het applaus is voor Ronnie Mcdonald. Niet de clown van het gelijknamige hamburger-imperium maar de kleine, onverzettelijke stakingsleider van de niet-officiele vakbond, OILC. In de wat donkere Music Hall maakt Mcdonald een entree als een vorst. Camaralampen belichten hem als een filmster. Het applaus is oorverdovend. 'Good boy, Ronny!', 'Victorie!', 'Gerechtigheid!'.

De Schotten weten wat staken is: hard en meedogenloos. Tot het bittere einde en zonder tranen. Ook al betekent het ontslag of maanden geen geld. De oliebaronnen kunnen doodvallen. En die van Shell liefst het eerste. Na de bijeenkomst in de Music Hall brachten zo'n tweehonderd ontslagen werkers met twee dubbeldekkers een bezoek aan het kantoor van Shell in Aberdeen. Shell wordt algemeen gezien als de slechtste werkgever in de Noordzee. 'As always', zegt Bain nog eens met een mysterieus lachje om zijn lippen. Hij werd al zo vaak ontslagen dat hij de tel is kwijtgraakt. 'Als vee de helikopter ingejaagd. Get in, and piss-off'. Het conflict op de olieplatforms heeft zich gisteren opnieuw verscherpt. Wilden beide partijen al niet met elkaar rond de tafel zitten, nu wil blijkbaar iedereen bloed zien. 'Dertienhonderd van onze mannen staken op de platforms, en het is een knappe jongen die ze eraf krijgt', zegt Mcdonald, vragend om nog een applausje in de Music Hall. Eerder op een persconferentie had hij soortgelijke strijdlustige uitspraken gedaan. Op de vraag hoe het nu verder moet antwoordde hij onverbloemd: 'Escalatie'.

En zo zal het zijn. Voor morgen is opnieuw een 24-uurstaking uitgeroepen op de ongeveer 148 platforms onder de 20.000 meest Britse werknemers. Werkgevers worden er van beschuldigd stakingsbrekers uit Nederland, Maleisie en de Filippijnen in te vliegen.

Wellicht gesterkt door de crisis in het Midden-Oosten wordt in het arbeidsconflict 'the old fashion way' zoals dat nu op het continentale plat gaande is, een ding duidelijk: het is hard tegen hard. Het Schotse Lagerhuislid G. Wilson heeft inmiddels de regering gevraagd in te grijpen in het nu al zeven dagen slepende conflict. Wilson beseft dat met een aanhoudende en nu verscherpte crisis in Irak de olie in de Noordzee meer dan ooit nodig is. De huidige totale produktie is maar net genoeg voor de binnenlandse behoefte. En met de stijgende olieprijzen is het geen aantrekkelijk vooruitzicht olie te moeten invoeren, zo die olie al verkrijgbaar is.

Overigens ontkennen de stakers dat zij de oorlogssituatie rond Irak hebben aangegrepen voor hun acties. Dat is zeer aannemelijk want de voorbereidingen voor een staking offshore vragen in verband met de communicatieproblemen maanden.

Steeds meer wordt duidelijk waar het conflict nu eigenlijk om draait. Dat is niet meer loon, betere arbeidsomstandigheden of uitbreiding van de veiligheidsvoorzieningen. Dat zijn slechts de secundaire eisen. Het gaat voornamelijk om de erkenning van de vakbond en om een 'secret ballot'. De stakers willen dat onder het personeel een stemming wordt gehouden waaruit moet blijken dat de bonden hun belangen mogen vertegenwoordigen. Stemt vijftig procent voor de vakbond dan moeten de werkgevers met hen om de tafel zitten en onderhandelen over de arbeidsvoorwaarden.

De werkgevers voelen daar vooralsnog niets voor. Zij sluiten liever contracten af met individuele werknemers zoals dat tot nu toe in de offshore-industrie gebruikelijk is. Ronny Mcdonald van de vakbond OILC claimt met brieven in de hand dat de werkgevers vorig jaar al een 'secret ballot' hebben toegezegd. Maar die belofte is tot op de dag van vandaag niet nagekomen. David Odling van de werkgeversorganisatie van onderaannemers in de offshore-industrie (OCC) maakte de zaak gisteren nog ingewikkelder toen hij zei dat hij met niet-gekozen lichamen zoals de OILC niets te maken heeft. Shell verschuilt zich achter deze onderaannemers die de catering en het onderhoud op de platforms verzorgen en zegt dat zij niets tegen een ballot hebben. Het is een vicieuze cirkel die schijnbaar niet te doorbreken is.

Ondertussen gaan de verdachtmakingen en beschuldigingen over en weer in verhevigde mate voort. Werkers die gisteren na twee weken arbeid in Aberdeen weer aan wal stapten, waren volledig onwetend van het conflict. Nu pas realiseerden ze zich dat het niet toevallig kan zijn geweest dat vorige week woendag plotseling de televisie uitviel en zij op dat moment volledig geisoleerd van de buitenwereld leefden. Van de invasie in Koeweit wisten ze ook niet. 'Sabotage', was de eensluidende conclusie. 'As always', zegt Bain nog een keer voor hij waggelend de pub uitloopt.