Olie uit Irak en Koeweit moeilijk te identificeren

ROTTERDAM, 8 aug. In allerijl heeft het District Douane Rotterdam gisteren monsters getrokken uit de voorraden ruwe olie die in het havengebied liggen opgeslagen. Nu nog is precies bekend wat de herkomst is van de olie en kunnen monsters dienen als vergelijkingsmateriaal bij het identificeren van ruwe olie van onbekende herkomst. Het Laboratorium van het Ministerie van Financien in Amsterdam, dat tezijnertijd olie uit Irak en Koeweit moet kunnen herkennen, bezit nu nog geen enkel standaardmonster en zou onbekende monsters alleen met literatuurgegevens kunnen vergelijken. Een procedure die waarschijnlijk geen uitsluitsel zal geven.

In eerste instantie zal de douane bij het vaststellen van de herkomst van aangevoerde ruwe olie afgaan op de 'bill of lading' (vrachtbrief of laadmanifest). Blijft twijfel bestaan dan geeft het scheepsjournaal verdere aanwijzingen. Dat daarmee geknoeid zal worden acht de douane onwaarschijnlijk. Ook bij het opsporen van steenkool uit Zuid-Afrika is bestudering van 'de papieren' steeds voldoende gebleken.

Mocht er toch onduidelijkheid blijven dan worden monsters getrokken uit de olie en moet analyse bij het Laboratorium van Financien de doorslag geven. (In 1978 zocht men daar ook naar ijzererts uit Rhodesie.) Sinds gisteren bereiden de chemici zich op de nieuwe taak voor, tot dusver analyseerden ze uitsluitend olieprodukten als benzine en diesel, nooit ruwe olie. Men is goed geoutilleerd voor het verrichten van de olie-analyses maar is bevreesd niet makkelijk tot een eenduidige uitspraak te kunnen komen. Tussen de oliesoorten uit de verschillende velden binnen Irak worden al grote verschillen gevonden. Besluit Irak deze soorten te mengen dan wordt analyse een probleem. Raffinage-produkten van olie uit Irak zijn helemaal niet als zodanig te herkennen.