Coalitie Gorbatsjov en Jeltsin is staaltje Realpolitik

MOSKOU, 8 aug. Michail Gorbatsjov, president van de Sovjet-Unie, en Boris Jeltsin, president van de Russische republiek, hebben een gewapende vrede gesloten. Met de instelling van een gemengde economische commissie die in een maand tijds het definitieve plan voor de overgang naar een markteconomie moet opstellen hebben zij de handen ineen geslagen en besloten samen verder te gaan. Beiden dragen persoonlijk verantwoordelijkheid voor het welslagen van de commissie, beiden controleren persoonlijk de voortgang van de werkzaamheden.

In de commissie zitten drie typische Gorbatsjov-economen, drie Jeltsin-adepten en nog een aantal 'ongebonden' economen. De commissie moet tot een synthese komen tussen de in het parlement gekraakte plannen van premier Ryzjkov en het radicale zogenaamde 500-dagen-plan voor de overgang naar een markteconomie van Jeltsins nieuwe regering.

Gorbatsjov heeft met de overeenkomst met Jeltsin toegegeven dat hij zonder steun van de Russische republiek, de grootste en de rijkste aan grondstoffen, geen stap verder komt. Het belang van de commissie reikt dan ook veel verder dan een zuiver economisch: het is het begin van serieuze politieke samenwerking tussen de twee rivalen, die elkaar de laatste paar jaar verbaal meermalen naar het leven hebben gestaan. Volgens de opdracht van de commissie moet het economisch plan tegelijkertijd de basis vormen voor het nieuwe Unieakkoord tussen de vijftien Sovjet-republieken. Het moet uiteindelijk de grote Sovjet-markt gaan vormen waar alle republieken vrijelijk met elkaar kunnen handelen en onderhandelen in een nieuw staatkundig verband.

Gorbatsjov is tot deze stap gedwongen door de gebeurtenissen. Nu praktisch alle republieken zich soeverein hebben verklaard en steeds meer republieken onafhankelijk van Moskou bi- of trilaterale onderhandelingen beginnen afgelopen weekeinde ontmoetten vertegenwoordigers van Estland, Letland, Litouwen, Moldavie, Rusland en Wit-Rusland elkaar in Tallinn mag Gorbatsjov wel oppassen dat hij zichzelf in de binnenlandse politiek binnenkort niet overbodig maakt.

Gorbatsjovs liaison met Jeltsin betekent het einde van premier Nikolaj Ryzjkov. Het is niet goed voorstelbaar dat Ryzjkov te handhaven is als zijn economische plannen hemelsbreed afwijken van de op snelle privatisering en decentralisering van de economie gerichte voorstellen van de nieuwe Russische regering. In een laatste poging zijn geschonden imago op te poetsen reisde Ryzjkov vorige week naar het platteland om de reuzenoogst te bekijken die niet kan worden binnengehaald bij gebrek aan benzine, vervoersmiddelen, opslagruimte. Als remedie tegen dit jaarlijks terugkerende probleem kon hij alleen maar de oude methoden bedenken: het leger inzetten, studenten het land opsturen en het wagenpark van instellingen en bedrijven vorderen.

Gorbatsjovs slogan was jarenlang: sterke republieken met een sterk centrum. De republieken beginnen inderdaad steeds aan kracht te winnen, maar het centrum heeft als gevolg daarvan steeds aan kracht ingeboet. Pas als de republieken inzien en bijvoorbeeld de Baltische doen dat niet dat ze belang hebben bij een gemeenschappelijke landelijke politiek, zal het centrum in staat zijn een gecoordineerde politiek te voeren. De samenwerking van Gorbatsjov en Jeltsin is daarom vooral voor Gorbatsjov van levensbelang en kan de aan alle kanten vastlopende hervormingen een nieuwe impuls geven. De eeuwige vraag is of dit alles niet te laat komt. De Russen verkeren langzamerhand in een staat van verbijstering over het steeds sneller voortschrijdende economische verval. In Tallinn dreigt wodka het nieuwe betalingsmiddel te worden nu de roebel haar waarde steeds sneller verliest; de wodkafabrieken plaatsen wanhopige advertenties in de kranten waarin de bevolking wordt opgeroepen lege flessen in te leveren omdat de fabrieken door hun flessenvoorraad raken, maar de bevolking houdt hele kratten met wodka als betaling in natura achter de hand.

Democratiseren kost tijd en die is er niet. De Leningradse burgemeester Anatoli Sobtsjak klaagde laatst in een televisieinterview steen en been over het getraineer in de Leningradse gemeenteraad, de Lensovjet, waar over elke minuscule beslissing urenlange proceduredebatten plaatsvinden en de burgemeester is gereduceerd tot een ambtsdrager die protocollaire ontvangsten mag houden, maar nauwelijks enige beslissingsbevoegdheid heeft. Het parlement van Litouwen gaat de Litouwers ook langzamerhand op de zenuwen werken en volgens een laatste opiniepeiling is de populariteit van president Landsbergis aanzienlijk gedaald. De Moskouse burgemeester Gavriil Popov waarschuwde de Moskovieten dat er de komende vijf jaar geen verbetering in de situatie te verwachten is omdat de nieuwe gemeenteraad is opgezadeld met een wanhopige erfenis van jaren wanbeleid. En dan spreken we nog niet eens van de echte probleemgebieden als Armenie, Azerbajdzjan en Georgie, waar de machtsverhoudingen tussen parlement, oppositiegroepen, communistische partij en gewapende volksmilities nog lang niet zijn uitgekristalliseerd.

In dat conglomeraat van problemen is het verbond van Jeltsin en Gorbatsjov een lichtpuntje: het getuigt van Realpolitik. Het lijkt er inderdaad op of Gorbatsjov, na de partij duidelijk te verstaan te hebben gegeven dat zij gehouden is zijn politiek te steunen, naar links is opgeschoven. Helaas weet niemand precies wat dat is, naar links opschuiven, en of dat goed is, of slechts een noodgedwongen toegeven aan de steeds groter wordende chaos.