Jeruzalem put hoop uit reacties op Saddam Hoesseins agressie

Met de nodige terughoudendheid begint Israel vertrouwen te krijgen in de vastberadenheid van het Westen paal en perk te stellen aan de Iraakse agressie. Voordat de veiligheidsraad gisteravond verrassend eensgezind president Saddam Hoessein de duimschroeven aandeed werden de westerse reacties in Jeruzalem door een sceptische bril bekeken. 'Woorden brengen geen oplossing', schreven de kranten.

Deze voor de Israelische mentaliteit kenmerkende reactie op de nog te zwak geachte reactie op de Iraakse bezetting van Koeweit verraden Israels ongeduld om gebruik te maken van deze 'gouden kans' om met de in grootheidswaan badende Hoessein af te rekenen. 'Een kleine Hitler' zei de minister van defensie Moshe Arens om de tiran van Bagdad niet machtiger te doen lijken dan hij is. Maar de vergelijking tussen beide dictators kenmerkt in elk geval de vurige Israelische wens de Iraakse tiran zo snel mogelijk van het toneel te zien verdwijnen.

Nog voordat president Saddam Hoesseins troepen Koeweit overvielen was hij voor de Israeliers een obsessie aan het worden. Had hij niet gedreigd de helft van Israel met op ballistische raketten gemonteerde chemische wapens van de kaart te vegen? Liet hij niet koortsachtig een nieuw atoombomprogramma draaien nadat premier Menahem Begin in 1981 in een toen scherp gekritiseerde, maar nu beter begrepen strategische zet de atoomreactor bij Bagdad liet platleggen? Voor Israel was en is het onaanvaardbaar dat de onberekenbare Saddam Hoessein ooit zijn vinger aan de trekker zou kunnen leggen.

Het handhaven van de 'Begin-doctrine' is hier een zaak van leven en dood. Dat de Iraakse leider naar het chemische raketwapen heeft gegrepen om 'tegenwicht te geven' aan Israels atoomcapaciteit is wel een rationeel maar voor Jeruzalem irrelevant argument. Israels strategen breken zich niet het hoofd over Hoesseins motieven maar over de effectiviteit van zijn dreigementen.

Vertrouwen heeft Saddam Hoessein in Israel nooit genoten. Jeruzalem negeerde Iraks vredessignalen toen dat land in moeilijkheden kwam in de zelf begonnen oorlog tegen Iran. Vrij kort na de Iraakse 'zege' op Iran voorspelden Israelische strategen dat Iraks in de oorlog opgebouwde, indrukwekkende militaire macht uiteindelijk als teken van Saddam Hoesseins leiderschap van de Arabische wereld tegen de 'zionistische vijand' zou moeten worden beschouwd. De agressie tegen Koeweit werd volgens deze in Jeruzalem wijd verbreide opvatting dan ook onmiddellijk uitgelegd als een volgende fase in Iraks oorlogsinspanning tegen Israel.

Verrijkt met de Koeweitse olieschat zou Irak zijn militaire macht verder kunnen uitbreiden en het Midden-Oosten zijn wil kunnen opleggen.

Hoe vaak hebben Israelische politici en militairen zich niet beklaagd over de gretige bereidheid van westerse landen om Irak ook na de beeindiging van de oorlog met Iran tot de tanden te bewapenen. Israels waarschuwingen tegen de grenzeloze ambities van Saddam Hoessein werden tijdens het verzilveren van de door hem uitgeschreven cheques genegeerd. Niet het verstand maar de petro-dollars regeerden.

Nu Saddam Hoessein zich in zijn 'ware' gedaante heeft laten zien en de oogkleppen in de westerse hoofdsteden afvallen groeit begrip voor de manier waarop Israel zijn houding tracht te rechtvaardigen. Niets zou Israel liever zijn dan dat de westerse mogendheden, de VS voorop, om redenen die meer met de olieprijs en de verdediging van de westerse oliebelangen in de Arabische wereld te maken hebben dan met Israels veiligheid president Saddam Hoessein de doodskus geven. Het resultaat is belangrijker dan de aanleiding. Op de achtergrond wil Israel in het raam van de nauwe strategische samenwerking met de VS best een steentje bijdragen om dit doel te bereiken.

Voordat gistermiddag bekend werd dat het belangrijk geachte bezoek van de minister van buitenlandse zaken David Levi aan Washington wegens een spoedmissie van diens Amerikaanse collega James Baker naar Turkije naar september is verplaatst kwam de onderminister van buitenlandse zaken Binjamin Netanyahu met een interessante verklaring voor de Iraakse aanval tegen Koeweit op te proppen. President Saddam Hoessein, zo legde hij uit, had moed geput uit het feit de Israelisch-Amerikaanse 'idylle' door de Palestijnse kwestie is ondermijnd.

Het leek op een goed ingestudeerd argument dat in Washington door de Israelische bezoekers binnen- en buitenskamers zou worden uitgespeeld. De Israeliers hadden eindelijk weer het zekerheid gevende gevoel in Washington als de 'good guys' uit het Midden-Oosten te worden ontvangen. Wie kon nog inredelijkheid beweren dat het Israelisch-Palestijnse conflict de wereldvrede en olievoorziening bedreigt ? De tv-beelden schetsten immers een andere realiteit.

Het is nog te vroeg om de winst- en verliesrekening van de nieuwe crisis in het Midden-Oosten op te maken. Met Irak, Israels gevaarlijkste vijand in de klem van de woede van het Westen en zelfs in het vizier van de Russen, die er spijt van hebben Saddam Hoessein te hebben bewapend, lijkt Jeruzalem voorlopig echter te ontkomen aan de zware Amerikaanse en Europese druk om aan de Palestijnen tegemoet te komen.

De nauwe diplomatieke coordinatie tussen Moskou en Washington kan echter het voorspel zijn van een door beide supermogendheden te regisseren internationale tangbeweging voor de oplossing van het Palestijnse vraagstuk indien de huidige crisis in het Midden-Oosten op welke manier dan ook tot een oplossing komt.

Ook Israel zal er zich op moeten instellen dat de Koude Oorlog met nieuwe muziek is begraven.