Veiligheidsraad bereidt embargo tegen Irak voor

NEW YORK, 6 aug. - De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties zal waarschijnlijk vandaag al besluiten tot een vergaand handelsembargo tegen Irak. Deze verwachting werd gisteravond in New York uitgsproken door de Amerikaanse en Britse ambassadeur bij de VN. Dit ongebruikelijke optimisme volgde op een vergadering achter gesloten deuren. De Veiligheidsraad hervat het overleg om half twaalf lokale tijd (17: 30 uur Nederlandse tijd). De Britse ambassadeur, Sir Crispin Tickell, zei: 'Ik heb goede hoop dat we morgen tot actie kunnen overgaan, en misschien zelfs stemmen.'

Hij zei dat iedereen daartoe bereid leek, op een land na dat hij niet met name wilde noemen.

Ambassadeur Thomas Pickering van de Verenigde Staten, die breed grijnzend uit de wandelgangen stapte, zei min of meer hetzelfde. Hij voegde eraan toe dat de gehele Veiligheidsraad 'een gevoel van urgentie' heeft.

Volgens uitgelekte voorstellen zouden de VS hebben voorgesteld om alle commerciele transacties te verbieden, inclusief de aankoop van olie en het overmaken van geld naar wie dan ook in die twee landen. Ambassadeur Pickering zei dat er gisteravond ongeveer zes of zeven veranderingen waren voorgesteld, zodat niet zeker is of het uiteindelijke voorstel zo veelomvattend zal zijn als de VS willen.

Individuele landen en de EG hebben al beperkte embargo's ingesteld; maar een VN-embargo zou voor de hele wereld en alle soorten economische activiteit gelden. Tot een handelsembargo door de lidstaten van de VN wordt besloten door de Veiligheidsraad. Voor zo'n beslissing zijn tien van de vijftien stemmen nodig. De lidstaten moeten zich eraan houden, maar niet iedereen vindt dat de Veiligheidsraad voldoende machtsmiddelen heeft om leden in het gareel te houden.

Handelsembargo's zijn in de geschiedenis van de VN nog maar tegen twee landen uitgevaardigd: Rhodesie, gedurende de periode 1966-77, en een (wapen-)embargo tegen Zuid-Afrika, in 1977 opgelegd en nog steeds van kracht.

Er zijn duidelijke verschillen met 1977. Rhodesie was een klein land met weinig supporters; Irak heeft een machtig leger en bange buren. Maar de unanimiteit onder VN-leden is een stuk groter dan destijds; de unieke coalitie omvat nu al de VS, de Sovjet-Unie, China en Japan.

De Veiligheidsraad wil de Secretaris-Generaal vragen om bij te houden welke leden het embargo doorbreken. Het onuitgesproken dreigement is: dan kunnen de VS en zijn bondgenoten beslissen wie hun vijanden zijn, en tot hun eigen straffen besluiten.

Koeweit en Irak leveren op dit moment 20 procent van de OPEC-produktie; een succesvol embargo zou de prijs van olie sterk opdrijven. Dat is volgens sommigen test van de wilskracht van de VN-leden, vooral de geindustrialiseerde landen die het meest afhankelijk zijn van olie. Dezelfde experts zeggen dat het niet erg moeilijk is om het embargo te handhaven. Met behulp van satellieten en doodgewone waarnemers op de kade kan worden nagegaan welke schepen olie inladen uit de pijplijnen van Irak, die uitmonden in Yanbu in Saoedi-Arabie en Ceyhan in Turkije.