Arabieren kunnen geen vuist maken tegen Irak

KAIRO, 6 aug. De Iraakse invasie van Koeweit was een ouderwetse frontale aanval die dank zij een enorme militaire overmacht in een paar uur was beslist. Voor het diplomatieke naspel heeft president Saddam Hussein de guerrilla-tactiek gekozen en wie na vijf dagen het slagveld overziet moet constateren dat hij daarmee op zijn minst zo effectief is geweest. Het hele afgelopen weekeinde koersten bevlagde limousines hier in Kairo van het ene luxe hotel naar het volgende ministerie of ambassadegebouw, terwijl het op het vliegveld een komen en gaan was van staatshoofden en speciale gezanten. Het is echter zondagavond geworden en maandagochtend zonder dat de Arabische wereld er in is geslaagd ook maar een besluit te nemen dat de druk op Irak vergroot om zich terug te trekken uit de bezette gebieden.

Zelfs verwoede pogingen om met spoed een Arabische topconferentie te beleggen in Kairo, of, in afgeslankte vorm, in Jeddah werden door behendig manoeuvreren van de Iraakse leider en zijn bondgenoten onschadelijk gemaakt. Saddam Hussein heeft met een reeks verwarring zaaiende berichten zijn collega's aan het lijntje gehouden en kon intussen zijn aanwezigheid in Koeweit consolideren. 'It's final', zei zaterdag een hoge Saoedische ambtenaar in Kairo, sprekend over de nieuwe situatie in het Midden-Oosten. 'Koeweit hoort voortaan bij Irak en de overige landen in de regio zullen zich daar bij neerleggen. Als ze in staat waren geweest iets te doen, dan was dat al gebeurd.' Grote verliezer in het spel van de afgelopen dagen is de Egyptische president Hosni Mubarak, die in een nacht veranderde van de gematigde, vrede stichtende leider van de Arabische wereld in de Neville Chamberlain van het Midden-Oosten. Minder dan een week voor de aanval op Koeweit keerde hij terug uit Bagdad met de verzekering dat Saddam Hussein niet van plan was het buurland binnen te vallen noch een oorlog te beginnen met enig ander land. Peace in our time. In een gesprek met verslaggevers gaf de Egyptische president zaterdag toe dat hij 'persoonlijk geschokt' was door de onverwachte invasie. Naar verluidt wilde Mubarak zelfs onmiddellijk naar Bagdad vliegen om zijn ambtgenoot tot bezinning te brengen, maar Saddam Hussein liet weten dat hij zelf wel uitmaakte wie hij op dat moment wenste te ontvangen. Daarmee maakte hij duidelijk wie voortaan de orders geeft in het Midden-Oosten.

Egypte en de meeste andere Arabische landen spraken aanvankelijk geen veroordeling over de inval uit. Volgens buitenlandse diplomaten in Kairo hoopte men daardoor ruimte voor Irak te scheppen om zich na twee dagen weer terug te trekken uit Koeweit, alsof de inval een strafexpeditie was geweest en geen veroveringsoorlog. Daarnaast konden Mubarak en de Saoedische koning Fahd deze tijd gebruiken om de rest van de landen in de regio op een lijn te krijgen en een koers voor gezamenlijke actie af te spreken.

Pag.5: Vervolg