Snelle aanpassing benzineprijs gevolg handel speculanten

NEW YORK, 4 aug. Amerikaanse consumenten stellen zich dezer dagen dezelfde vraag als Nederlandse: waarom, als de prijs van ruwe olie omhoog schiet, moet ik dat volgende week al merken aan de pomp? Die olie moet toch eerst worden verscheept, geraffineerd, en gedistribueerd? Deel een van het antwoord is dat de groothandel zijn prijzen baseert op de koersen op de New York Mercantile Exchange. Deel twee is dat een groot aantal handelaren misbruik maakt van dit systeem.

Sinds president Reagan in 1981 de prijsstelling van olie vrijliet, is de handel op zoek gegaan naar een betrouwbaar prijssysteem; de 'Merc' bleek het meest liquide, en daarom hewt snelste en meest accurate systeem dat beschikbaar was. 'Een groot aantal distributeurs is tegenwoordig zelfs per computerterminal aangesloten op de Merc, ' zegt Christopher Dyson. Hij is research-directeur van 'Buyers Up, ' een non-profit organisatie die namens consumenten stookolie inkoopt bij groothandelaren. Buyers Up is onderdeel van Ralph Nader's 'Public Citizen' groep, die consumentenbelangen behartigt, en werd in 1983 opgericht. De groep heeft nu 12.000 'klanten' die door Buyers Up een soort volumekorting krijgen. 'Gisteren ging de prijs voor ruwe olie 3,5 cent (per gallon) omhoog; toen wij twaalf handelaren belden, hadden ze vrijwel allemaal hun prijzen al verhoogd met ongeveer dat bedrag.' Het prijssysteem van de Merc is verre van ideaal. Om te beginnen is het een 'papieren' markt waar voornamelijk termijncontracten worden verhandeld, contracten voor levering op een bepaald tijdstip voor een bepaalde prijs. Een vat olie wordt tientallen keren verhandeld. Dat heeft als voordeel dat de prijzen snel reageren op verschuivingen in vraag en aanbod, maar als nadeel dat zij erg sterke schommelingen vertoont.

Die schommelingen worden verhevigd doordat een groot deel van de handel wordt gevoerd door speculanten. De gevolgen waren deze week te zien: terwijl de wereld nog steeds een overvloedige voorraad ruwe olie heeft, vlogen de prijzen in New York in twee dagen met bijna vijf dollar (25 procent) omhoog.

Verder wordt ook de prijs van olie die niet via de 'spotmarkt' wordt gekocht bepaald op basis van prijzen daar.

Toch heeft Christopher Dyson geen bezwaar tegen de manier waarop benzine- en stookolieprijzen tot stand komen. 'Het werkt twee kanten op, ' zegt hij. 'Als je een maand geleden olie hebt gekocht voor 50 cent, en de prijs is nu 70 cent, dan maak je flinke winst. Als je daarentegen geen voorraad meer hebt, nu voor 70 moet inkopen en de prijs zakt naar 55 cent, verlies je.' Dat is waar; maar onderzoek door de American Automobile Association, de Amerikaanse ANWB, toont aan dat pompstations en distributeurs ook misbruik maken van dit systeem. Vuistregel is dat iedere dollar prijsstijging voor een vat ruwe olie zich vertaalt in 2,5 cent per gallon aan de pomp. De prijzen hadden dus ongeveer 12,5 cent kunnen stijgen. Uit een onderzoek van de AAA onder 4000 pompstations blijkt dat de prijzen sinds woensdagochtend met 8 tot 18 cent per gallon zijn gestegen.

Zelfs het American Petroleum Institute, belangengroep van de olie-industrie, erkent dat. 'Je kunt nooit uitsluiten dat bepaalde zakenlieden misbruik maken van een situatie, ' zegt Bill Taylor, een woordvoerder.