Strijd Koeweit gaat door, crisisberaad

KOEWEIT/BAGDAD, 3 aug. Terwijl Iraakse militairen vanmorgen de laatste haarden van verzet in Koeweit probeerden op te ruimen, wordt op verschillende plaatsen in het Midden-Oosten koortsachtig diplomatiek overleg gevoerd over de crisis die is ontstaan na de Iraakse inval van Koeweit.

De tweede man van Irak, Izzat Ibrahim, is vanmorgen voor overleg over de crisis in de Golf naar Saoedi-Arabie gevlogen. Bijzonderheden werden niet bekendgemaakt. Intussen is koning Hussein van Jordanie naar de Iraakse hoofdstad Bagdad gereisd om te bemiddelen. Izzat Ibrahim leidde begin deze week de mislukte onderhandelingen tussen zijn land en Koeweit in het Saoedische Jeddah.

Koeweitse troepen vochten vanmorgen nog steeds hier en daar tegen de Iraakse invasiemacht die gisteren het land binnenviel. Er werd vooral nog fel gestreden bij barakken van het Koeweitse leger in de noordelijke buitenwijk Shuwaikh van de hoofdstad. Zo'n 200 tanks patrouilleerden door de straten van Koeweit. Herhaaldelijk werd de stad opgeschrikt door explosies en het geratel van automatische geweren. Ook zou er worden gevochten op 25 kilometer ten noorden van de hoofdstad langs de Golfkust. Afgezien van enkele hardnekkige verzetshaarden zijn de Irakezen echter verder heer en meester in de kleine oliestaat, aldus waarnemers. In de hoofdstad Koeweit was het vanmorgen grotendeels rustig. Over de gebeurtenisssen in Koeweit en Irak sinds de tweede helft van de morgen is overigens weinig bekend, omdat alle verbindingen met beide landen werden verbroken. Nog steeds bestaat geen duidelijkheid over het aantal slachtoffers van de gevechten. Diplomaten in Koeweit spraken gisteren al van ten minste 200 doden. Tot de doden behoort ook sjeik Fahd al-Ahmed al-Sabah, een broer van de emir van Koeweit.

Volgens plaatselijke bewoners en het Londense verzekeringsconcern Lloyds zijn Iraakse eenheden inmiddels doorgedrongen tot de olievelden in het zuiden van Koeweit, dicht bij de grens met Saoedi-Arabie. Ook zouden haveninstallaties in de belangrijke zuidelijk olieplaats Ahmadi in brand zijn geschoten.

Volgens Amerikaanse functionarissen heeft Irak veel meer manschappen in Koeweit en bij de grens dan nodig zijn om de kleine oliestaat te bezetten. Sommige waarnemers zijn op grond hiervan bezorgd dat de Irakezen wellicht ook een aanval op Saoedi-Arabie overwegen. Irak en Saoedi-Arabie hebben in het verleden een non-agressiepact met elkaar gesloten.

De Koeweitse kroonprins en premier, sjeik Saad al-Abdulla al-Sabah, hield gisteren voor de nationale radio en televisie een toespraak waarin hij de Koeweiti's op het hart drukte om te vechten 'tot we het land van hun verraad (van de Irakezen) hebben schoongemaakt'.

'Onze Arabische broeders staan aan onze zijde. Onze Moslim-broeders staan aan onze kant. En bovenal is God met ons', aldus de premier. Het was niet duidelijk hoe de toespraak werd uitgezonden, want de gewone zenders zijn in handen van de Irakezen.

De door Irak geinstalleerde 'voorlopige' regering maakte gisteren de inbeslagneming bekend van de omvangrijke bezittingen van de emir, sjeik Jaber al-Ahmed al-Sabah, en zijn familie.

Ook het bezit van de Koeweitse gezanten in de Verenigde Staten, de Verenigde Naties en de Arabische Liga werden geconfisqueerd. Zij waren volgens de 'voorlopige' regering 'huurlingen van een regime dat niet langer in functie is'.

Opmerkelijk is dat nog geen namen bekend zijn gemaakt van leidende figuren van het gisteren opgezette nieuwe bewind.

De emir is gisteren kort na het begin van de invasie gevlucht naar Saoedi-Arabie. Zijn regering heeft aangekondigd de strijd te zullen voortzetten. Via de radio, die vanaf een onbekende plaats uitzendt, maakte ze bekend dat de emir het verzet 'vanuit een veilige plaats' zal leiden.

Ook de ambassadeur van Koeweit in de Verenigde Staten onderstreepte dat de Koeweitse regering niet is ontbonden. 'Nee, de regering is niet afgezet. De natie bestaat nog. Ze is bezet maar verzet zich tegen deze brutale bezetting', aldus sjeik Saud Nasir al-Sabah in Washington.

In Washington maakte gisteren het ministerie van buitenlandse zaken bekend dat zes Amerikanen die werkzaam waren bij olie-installaties in Koeweit worden vermist. Ze zouden in handen van Iraakse troepen zijn.