Flintstone villa's, neo-gebouwen en mooie boerderijen

Tussen l'heure du berger en het uur van de waarheid ligt Heure-le-Romain. Een paar uur naar het zuiden, naar rechts, nee nog iets lager, ja daar. Ah! En weer hoger, naar links, een paar uur naar het noorden en het is voorbij. Alsof er in werkelijkheid niets is gebeurd.

He jij daar! Hoe komt Heure-le-Romain hier terecht tussen de kolommen van de werkelijkheid? Met welk recht leidt dit dorpje onze aandacht af van het Amazone-gebied en van Sofia? Wat is daar gaande? Probeer het te begrijpen. In een druk bevolkt vertrek doemde opeens het landschap op. Er werd een vraag gesteld, er werd een antwoord verwacht, maar ik dacht opeens aan Heure-le-Romain. En ik dacht het te kennen: de gebarsten beeltenis van de Horae op het stille plein, ruines van een Romeins landhuis rustend onder de kerk in de ertslaag tussen woekering van kobaltbloesem en koper, en te middernacht Romeinse kaarsen met het licht der sterren sissend in de sassen. En ik stelde me voor hoe ik er aan zou komen: stuivend over de landweg (attention aux enfants), de klok zou juist het hele uur slaan, en dan in de diepte het dorp zien liggen: flonkerend als een strijkkwartet, schitterend als een diamant. Tussen requiem en csardas; tussen flawless en pique.

Nou ja, als dat eens waar was, verbeeld je. Op een zonnige morgen op vrijdag de 13de juli ben ik op weg gegaan. Zingend. Vandaag de dag van het noodlot. Morgen de dag van de glorie. Ga dus alvast maar, kinderen van het vaderland, zet de kleine wijzer op de zon, de grote op de sterren, de kilometerteller op 29174 allons, allons, naar Heure-le-Romain. (Dat is naar Maastricht, de grens over, negeer de Voerstreek, spreek je moerstaal, rechts de weg af, de brug over, links, rechts, drie maal in de rondte:) 'Heureka', zing ik. En het valt niet tegen. Ver is het Amazone-gebied en ver Sofia. Nu is het Heure-le-Romain en nu komt alles goed.

Bent u een van diegenen die in een onbekend dorp altijd eerst naar het kerkhof gaan, stop dan in rue Janssen waar het naar koeien ruikt en waar de kerk ligt. Ze is opgebaard tussen voorname hoeven met hun binnenplaats achter trotse poorten, naast een woonhuis in 't klimop verscholen, op de beweerde resten van het Romeinse huis. Het kerkhof met al zijn familiegraven is droevig naar behoren. Je wordt er niet oud in Heure-le-Romain, maar och, je wordt er diep betreurd en nooit meer vergeten. Ik loop wat rond, rammel vergeefs aan de kerkdeur en rijd dan het dorp weer uit om in het boerenland van een afstand nogmaals mijn opdracht te bezien. Hoe meet je een mythe af tegen het maaiveld? Want op de grens tussen romeinen en handelingen, en eeuwig in dubio, weet ik niet hoe ik het dorp objektief benaderen zal.

Zolang Heure-le-Romain alleen nog in gedachten bestond, was het dorp grijpbaar genoeg om in te verblijven. Ik kon er naar believen feesten aanrichten en monumenten afbreken, kinderen verwekken, een man langs de deuren doen gaan met garen en band. Kortom, er zat lijn in: ik regeerde alleen en ik wist wat ik deed. Maar nu Heure-le-Romain onder handbereik lonkt, blijkt het beangstigend wispelturig te zijn. Vandaag schijnt de zon en dus stralen de huizen. Maar wat als het morgen eens regent? Het blinkende dorp aan het eind van de weg bestaat alleen maar vandaag, alleen voor een dagblad. Het bestaat niet voor mij.

Doch plichtsgetrouw rijd ik terug, zet mijn auto in de straat die ik straks slechts met moeite weer vind en wandel langs de aanprijzing 'CHOUX' kalm en beheerst de fata morgana binnen. 'Heure-le-Romain, gezien op 13.07.90, is een grappig dorp en een rommelig dorp. Een onsamenhangend front van talloze bouwstijlen die je na iedere bocht in de weg een cultuurschok bezorgen. Je hebt daar de zo typische Belgische smakeloosheid van Flintstone villa's met krullerige hekken en voordeuren als kerkportalen. Er zijn neo-gebouwen met torentjes en grote ronde erkers. Je ziet jaren-vijftig gevels van gele baksteen met dikke glazen tegels in de muren en langgerekte ruiten in de spijlen van een Frans balkon. Mooie boerderijen staan er en er is namaak-vakwerk, er zijn gewone huizen met uitstallingen achter het woonkamerraam: Tailleur Dames et Hommes.

En heel die wonderlijke wirwar wordt bijeengehouden door weidegrond en ontembare tuinen. De hellende straatjes met knoestige bomen geven een zuidelijk beeld waarin het vanzelfsprekend lijkt dat men elkaar door de tuinen iets toeroept over 'siesta'. Mensen die over hun vensterbank leunen groeten wanneer ik voorbij ga. De winkels zijn dicht.' Is dat alles? En toen? Was het toen middernacht? Bracht de revolutie deze illusie toen terug tot muizen en pompoenen, zodat je de vlucht nam naar 't vaderland onder het suizende licht van de sterren? Maar nee, natuurlijk niet, fantast. Het was gewoon vier uur en ik kende Heure-le-Romain inmiddels als geen ander. Van de tekstplaats 'Fruit d'Heure' tot de herdenkingswoorden over la Barbarie Teutonne. De schimmen van zon- en van schaduwzijde. Het was genoeg. Genoeg.

Heure-le-Romain is een onbekend dorp. Behouden weergekeerd in mijn huis heb ik er nog wat boerderijen opgeknapt en de kerk ontsloten, een paar aardige mensen extra over de vensterbank laten leunen om glimlachend naar me te wuiven. En ik denk dat ik er nog wel eens heen ga. Bij zon en bij regen. Tot noodlot of glorie. Met vriendelijke groeten. In een te druk bevolkt vertrek. M. Februari debuteerde in oktober 1989 met de roman De zonen van het uitzicht