Apothekers mogen met merkloos geneesmiddel van receptafwijken

ASSEN, 3 aug. Een apotheker mag een patient een goedkoop, merkloos geneesmiddel leveren, ook al heeft de arts een merkgeneesmiddel voorgeschreven. Dat heeft de president van de rechtbank in Assen, mr. E. J. Anneveldt, gisteren bepaald in een kort geding.

De uitspraak staat haaks op de huidige jurisprudentie. Het Benelux-gerechtshof in Brussel bepaalde op 9 juli 1984 dat een apotheker alleen een merkloos middel (een 'loco') mag afleveren als hij daarover de betrokken arts heeft geraadpleegd en de patient ermee heeft ingestemd.

Het hof deed die uitspraak in twee zaken, waarvan een diende tussen het farmaceutisch bedrijf Ciba-Geigy en een apotheker, de ander tussen Gist Brocades en het ziekenfonds Haaglanden in Den Haag. Het fonds had voorbedrukte recepten gemaakt voor artsen, waarop stond: 'of loco'. Het hof was van mening dat dit in strijd is met het merkenrecht.

Het kort geding in Assen was aangespannen door het Haarlemse farmaceutische bedrijf Merck, Scharp and Dohme (MSD). Aanleiding vormde een klacht van een patient in Hoogeveen, die door een oogarts Timoptol van MSD oogdruppels tegen staar voorgeschreven had gekregen. Een assistente van apotheker I. P. R. Pijpers vertelde de man dat hij in plaats daarvan het loco 'timololum' kreeg van Pharmachemie BV, een loco-fabriek van de apothekerscooperatie OPG. Die fabriek was op dat moment in het nieuws wegens fouten bij de verzending van medicijnen. De patient schreef een woedende brief aan MSD, dat de apotheker daarna om opheldering vroeg. Toen de apotheker niet reageerde spande MSD een kort geding aan.

De advocaat van de apotheker liet vorige week weten weinig heil te zien in de zaak, maar MSD wilde hoe dan ook een vonnis. Beide partijen lieten ter zitting verstek gaan. In een dergelijk geval is het gebruikelijk dat de president de vordering van de eiseres toewijst en niet overgaat tot de beoordeling van de zaak, omdat geen van beide partijen kennelijk wenst te pleiten.

De president heeft echter anders besloten. Hij meent, anders dan het gerechtshof in Brussel, dat er geen sprake is van inbreuk op het merkrecht, omdat 'de eiseres immers niet beweert dat gedaagde haar merk op een of andere wijze ongeoorloofd gebruikt'. Bovendien vindt de president het aannemelijk dat het de voorschrijvende arts niet uitmaakt of het ene dan wel het andere produkt wordt afgeleverd. Ten slotte 'ligt het voor de hand dat de (meeste) patienten het loco-preparaat zullen prefereren omdat dit kennelijk goedkoper is'.

MSD gaat tegen het vonnis in hoger beroep.