Universiteiten moeten vier miljoen per jaar betalen voorkopieren

ROTTERDAM, 2 aug. De universiteiten moeten per jaar drie tot vier miljoen gulden aan auteursrechten gaan betalen voor het kopieren door studenten en docenten van korte gedeelten uit boeken en tijdschriften.

De stichting Reprorecht, door de overheid aangewezen om een deel van het auteursrecht te bewaken, wil dit bedrag ook met terugwerkende kracht tot 1988 ontvangen. Dat zou neerkomen op maximaal twaalf miljoen gulden.

De universiteiten willen niet meer dan 800.000 gulden per jaar betalen. Zij zijn het oneens met de berekening van de claim. Met het voortgezet onderwijs heeft Reprorecht wel overeenstemming bereikt over een kopieervergoeding, voorlopig jaarlijks 300.000 gulden. Reprorecht wil binnen een maand van de Vereniging van samenwerkende Nederlandse universiteiten (VSNU) weten of deze bij haar bod blijft. Zo ja, dan zal de stichting proberen met de afzonderlijke universiteiten tot een vergelijk te komen. Indien dit niets oplevert, stapt Reprorecht naar de rechter.

Reprorecht wil de universiteiten houden aan een overeenkomst die de stichting in 1988 sloot met de VSNU. Daarin werd afgesproken dat een onafhankelijk onderzoek zou plaatshebben naar hun kopieergedrag. De partijen werden het eens over de opzet van het onderzoek. De VSNU vindt het onderzoek, uitgevoerd aan de Amsterdamse Vrije Universiteit en aan de Technische Universiteit Delft, echter onvoldoende representatief om er een claim op te baseren.

Een woordvoerder van de VSNU noemt het vreemd dat Reprorecht nu dreigt de onderhandelingen af te breken. 'Over een redelijke vergoeding kan altijd worden gesproken.' De universiteiten kwamen eerder in botsing met de Koninklijke Nederlandse Uitgeversbond (KNUB) over het kopieren van langere gedeelten uit boeken. Via een kort geding dwong de KNUB in juli 1988 een overeenkomst af over vergoeding van de auteursrechten. Bij de universiteiten ligt nog een claim van de uitgeversbond van 1,2 miljoen gulden.