'Ik was net binnen toen de hel hier losbrak'

KOEWEIT/ ROTTERDAM, 2 aug. Het gebouw van de Nederlandse ambassade in de hoofdstad Koeweit heeft vanochtend omstreeks zeven uur (plaatselijke tijd) in het kruisvuur gelegen van aanvallende Iraakse infanteristen en een detachement Koeweiti dat het nabijgelegen werkpaleis van de emir bewaakte. Na een strijd van een ruim half uur hadden de Irakezen het complex veroverd en lagen Koeweitse soldaten dood op straat, aldus de Nederlandse ambassadeur J. Veling. In de Nederlandse ambassade, gelegen in de wijk Jabriah, is niemand gewond geraakt.

Veling heeft de naar schatting zestig Nederlanders in Koeweit vanochtend opgeroepen tot nader order binnenshuis te blijven. Via het actieplan dat elke ambassade voor dergelijke noodsituaties heeft, wordt die boodschap door contactpersonen aan alle Nederlanders overgebracht. In Koeweit wonen 120 Nederlanders, maar de ambasadeur schat dat ongeveer de helft van hen met vakantie in het buitenland is. De meeste Nederlanders in Koeweit werken voor Nederlandse bedrijven (de KLM, NKF) of voor Koeweitse banken of winkelconcerns.

Ambassadeur Veling werd vanochtend vroeg wakker van het geluid van laag overvliegende straaljagers. 'Ik ben naar de ambassade gegaan, waar ik om ongeveer 6.40 uur aankwam. De Irakezen waren toen al druk bezig met het veroveren van strategische punten in de stad. Er waren tanks en ook veel pantserwagens in de straten. Net op tijd was ik binnen, toen brak de hel hier los.' Veling onderhoudt zo nauw mogelijk contact met zijn Europese collega's en weet te melden dat enkele andere ambassades, vooral de Britse, nog heviger onder vuur hebben gelegen. Telefonisch was de Britse vertegenwoordiging vanochtend niet te bereiken.

Vorig jaar bekoelde de relatie tussen Nederland en Koeweit als gevolg van een vordering die de Staat en het staalbedrijf Hollandia Kloos van de familie Lubbers op het emiraat hebben. Veling wil op de zaak niet ingaan. 'Ik ga ervan uit dat we normale betrekkingen hebben. Onze eerste zorg geldt nu de Nederlandse gemeenschap hier. We moeten zien hoe wij op de een of andere manier uit deze agressieve tang van de Iraakse troepen kunnen worden bevrijd.' De Nederlander J. P. H. Verberk, directeur van de Nederlandse Kabelfabriek (NKF) in Koeweit, meldt per telefoon omstreeks 11.30 uur vliegtuigen en wat explosies op het vliegveld te hebben gehoord, maar verder zou alles rustig zijn. 'Het is hier 51 graden, ik hoop dat de air-conditioning niet uitvalt. Maar tot nu toe is de stroomvoorziening normaal. We zitten nu aan een heerlijke garnalensoep.' Als onderdeel van het Nederlandse noodplan verblijven twee landgenoten in het huis van Verbeek nabij het stadscentrum. Het plan voorziet in het aanstellen van blokhoofden die voorraden aanleggen en mensen in huis nemen. Verbeek: 'De tweede secretaris van de ambassade belde me vanochtend om half zeven uit mijn bed. Ik ben een van de blokhoofden en heb nu twee secretaressen van de ambassade in huis.' Verbeek wil niet terug naar Nederland: 'Oh nee, ik ga niet terug. We slaan ons er wel doorheen'.