De Renault 4? Bah, namaakblikkoek!

BRENGUES, 2 aug. In een land als Frankrijk hoef je niet te plannen, linksaf of rechtsaf, beide richtingen geven meestal even mooie en verrassende landschappen en dorpjes, behalve in het noorden. Maar daar maakt het eigenlijk ook niet uit, want tussen Lille en Duinkerken of rondom Longwy is alles even lelijk, ook de bevolking. Toch aarzel ik of ik mijn route zal vervolgen richting Mitterrand of richting Chirac. Mitterrand dat is de cognac-streek, een lieflijk land en een kleinburgerlijke katholieke bevolking, Chirac betekent de Correze, een woest, mooi heuvelgebied en mensen met een gesloten, harde herdersmentaliteit. Het wordt Chirac. Eerst naar Miramont via de D668. Meteen al in Allemans stap ik uit bij de plaatselijke Renault-garage. In zijn biografie van Andre Citroen, de geniale en eigenzinnige stichter van het bedrijf dat ondanks het faillisement in 1935 nog altijd zijn naam draagt, veegt J. A. Gregoire, zelf een auto-ingenieur, de garagevloer aan met Louis Renault. Een geniepige bedrijfsspion en nabootser. Alles wat Citroen introduceert, stalen carrosserie, zwevende motor, voorwielaandrijving, kopieert Renault, zonder een cent aan octrooien te betalen.

Na al die dagen van vereenzelviging met mijn Lelijke Eend voel ik een weerzin tegen de Renault 4, die na de Eend kwam en vanuit dezelfde filosofie ontworpen is: nuttigheidswagentje, open dak, goedkoop, voor iedereen bestuurbaar. Al voor de oorlog bedreef Renault oneerlijke concurrentie en dat gaat nog altijd door dank zij staatssubsidie. Ik wil wel eens weten hoe deze Renault-adept in Allemans over de Deux Chevaux denkt. Een aardige man, daar niet van, deze Michel Courtiade, maar uiteraard een Renault-praatje. 'De R4 is sterker, economischer, veiliger. Pas maar op dat u geen ongeluk krijgt', zegt hij bij het starten. Dat gebeurt overigens een beetje genant voor de nagedachtenis van Andre Citroen, die nota bene de zoon van een Hollander was, want de motor van een 2CV slaat niet makkelijk aan. 'Tja, dat heb je met een platte boxermotor, die moet tegen de olie indraaien. Kan je beter een V-motor nemen, daar ligt het oliebad onderin.

'

Zoals de R4 zeker. Bah. Namaakkoekblik. Het wordt een rijke 2CV-tocht. Ik stop bij mevrouw Pilott. Haar witte Deuche staat in de tuin. Uit 1972. Bravo. Achter tussen de groentekassen staan nog twee 2CV's, een zelfs dertig jaar oud. 'Heerlijke auto voor mijn werk' zegt de schoolverpleegster. Maar nogal ontrouw gaat zij met haar man in de Opel Ascona op vakantie. Ik snel voort, tussen velden vol zonnebloemen, de nieuwe overproduktie van de EG, via Cancon en het Toscaansachtige dorp Monflanquin naar de wijnroute van Cahors. Om de honderd meter staat wel een huis met een toren. Burchten-mode in het land van de musketiers. Bij de waard van de Auberge de Touzac informeer ik of er geen chateau met een 2CV is. 'Ach, mijnheer, misschien als vijfde auto. De eerste is een Jaguar, als het wijnkasteel ook al niet van een Engelsman is, want die Engelsen kopen de laatste tijd alles op.'

Op Chateau Cayrou tref ik wijnknecht Pierre Lannes met een Besteleend. Als kneus heeft hij hem voor een paar honderd franc gekocht. Op de Camping van Puy l'Eveque staat een weelderig blauw en groen beschilderde Eend. Rijdende reclame voor de camping. 's Winters staat ie op stal. Beheerster Monique Baron: 'Aan schilderwerk heb ik meer uitgegeven dan aan de auto.' Tweedehands is de 2CV een zeer gewild autootje. Op straat in Puy ligt een knutselaar onder zijn Eend. Hij steekt zijn kop te voorschijn op mijn motorgeronk. 'Ik moet wel, de garage is onbetaalbaar.'

Puy is overigens een prachtig stadje, met een zware donjon hangend boven de rivier de Lot en natuurstenen huizen als paddestoelen er tegenaan gebouwd. Rondom groeien blauwe en witte seringen tegen de muren. In Luzech houd ik op het centrale plein een man in zijn witte Deuche aan. Door zijn ontslag als verzekeringsagent is Daniel Faugere filosofisch en cynisch geworden. In het plaatselijke zwembad, niet groter dan een flinke stadstuin, voert hij nu de bar. Hij herhaalt een bekend thema: 'Het is niet normaal dat de Deux Pattes (de Tweepoot) verdwijnt, Europa mag belangrijk zijn, onze traditie is nog belangrijker'.

Volgens hem is de 2CV het meest typische produkt van de Franse 'modestie', finesse d'esprit en rationaliteit. 'Op het moment dat de Amerikanen auto's als zeeschepen maakten, begonnen wij met de zuinige, kleine en handige 2CV.'

Renault krijgt ook op zijn kop. 'De R4 is te nerveus. De 2CV is de meest beschaafde en kalmste auto. Maar hij verdwijnt. La France est fichu. De Engelsen en Hollanders kopen alles op. We verzinken in Europa.' Een gedenkwaardige ontmoeting. Hij wil me nog in contact brengen met een oude dame, die haar Eend vertroetelt, maar ik moet even uitrusten van de boodschap die in mijn hersens gedrild wordt: de EG-robot vermoordt de Franse Tom Poes. En het land van Chirac ligt nog ver weg.

Ik haal een jongen op een Solex-brommer in en rijdt het Cele-dal in. In Hotel de la Vallee in Brengues zet ik de ramen open, de Franse lucht is zuiver en het maisveld zoemt. De hoteleigenaar is ook bakker. Hij laat vol trots zijn biologisch-dynamische bakkerij zien. 'Over vijftien jaar bestaat dit niet meer. De jonge jongens komen niet graag vroeg uit de veren en bedienen liever, in witte jassen, knoppen.'

De volgende morgen laat hij mij een rekening betalen voor slapen, dineren, ontbijten en drank van 210 franc (70 gulden). Hoe treurig zou het zijn als het pittoreske Frankrijk moest verdwijnen. Dit is de zesde aflevering over de teloorgang van de Lelijke Eend. De vorige verschenen op 26, 27, 28, 31 juli en 1 augustus.