Chinese leger houdt keihard van het volk

PEKING, 1 aug. 'Eenheid is kracht, die kracht is ijzer, die kracht is staal, harder dan ijzer, sterker dan staal!' Deze aan Hitler en Krupp herinnerende hyperbool was het refrein in een twee uur durende glitterende gala-voorstelling ter viering, gisteren en vandaag, van de 63ste verjaardag van het Chinese Volksbevrijdingsleger. Het schouwspel moest voor even de fictie van eenheid en liefde tussen volk en leger creeren. Afgewisseld door acrobaten en jongleurs dreunden de hyper-revolutionaire liederen door de zaal. Het was als een koor in een Griekse tragedie: onbezielde, inhoudsloze rituelen die de tragische afloop toch niet kunnen afwenden.

Maoistische pamflettisten, die zich jarenlang hebben moeten omscholen in soberder proza, beleven weer gouden tijden met hun oude stiel. 'Het leger heeft het volk lief, het volk steunt het leger in een vriendschap die even intiem is als tussen een vis en het water', aldus het Volksdagblad. Het Dagblad van het Volksbevrijdingsleger overtrof alles: 'De geluidsgolven (van het ijzer- en staal-lied, red.) geven de vastbeslotenheid van honderden miljoenen soldaten en burgers weer om zich nauw aaneen te sluiten onder het centrale partijcomite met kameraad Jiang Zemin als harde kern, en van de ene overwinning in socialistische opbouw voorwaarts te gaan naar de andere. De echo's van deze geluidsgolven zullen tot in lengte van jaren weergalmen onder de nachtelijke hemel boven de hoofdstad'. De feestelijkheden omvatten verder een toespraak tot de natie van Jiang Zemin in zijn hoedanigheid van voorzitter van de centrale militaire commissie. Jiang bezwoer het leger dat het de 'absolute' leiding van de communistische partij moet aanvaarden. 'Alleen onder de leiding van de partij kan het leger zijn proletarische karakter bewaren, het volk dienen en een correcte politieke koers varen gedurende een langdurige gecompliceerde strijd.'

Minister van defensie Qin Jiwei heeft gisteravond een receptie en banket gegeven die door Westerse militaire attaches werden geboycot.

Een hoofdartikel in de legerkrant zegt dat er twee soorten eenheid op het spel staan, die tussen het leger en het volk en die binnen het leger. Niets toont overtuigender aan dat de eenheid tussen volk en leger onherstelbaar is ondermijnd dan een omvangrijke legerpublikatie zelf. Een tweedelig boek 'Een dag tijdens de staat van beleg' van de Dienst Welzijnszorg van het leger passeerde vorig jaar oktober om onverklaarbare redenen de censuur en was een paar dagen te koop, voordat het door commissarissen in beslag werd genomen. Ongeveer 90 procent van het boek is gezwollen propaganda, maar 10 procent niet. Het meest vernietigend is het relaas van generaal-majoor Wu Jiamin (57): 'In 1949 was ik een 17 jaar oude infanterist. Onze divisie nam deel aan de slag om de bevrijding van Peking.

(...)

Toen wij binnenmarcheerden werden wij overladen met boeketten en linten. De mensen lachten en huilden van vreugde. Het was pure eer en glorie voor ons. Veertig jaar later marcheerde ik als commandant van dezelfde divisie weer de hoofdstad binnen, via dezelfde route. Maar deze keer staarden de mensen naar ons met ijzige vijandigheid. Zij schreeuwden scheldwoorden en smeten stenen en flessen naar ons.' Hoe wijdverbreid de verdeeldheid binnen het leger zelf is en hoe groot het gevaar is voor een scheuring, staatsgreep of zelfs burgeroorlog, is moeilijk in te schatten. Maar dat er scherpe regionale, ideologische en generatie-conflicten in het leger bestaan is evident. De kloof binnen de club van bejaarde generaals die vorig jaar mei aan de dag trad toen een honderdtal van hen, onder wie ex-ministers van defensie en ex-chefs van staven de uitroeping van de staat van beleg veroordeelden, is sindsdien alleen maar dieper geworden. Gedurende de jaren tachtig was het een van Deng Xiaopings centrale hervormingsideeen het leger om te vormen van een gepolitiseerd guerrilla-partijleger tot een neutraal, technologisch staatsleger. De juni-catastrofe, maar ook de drastische wijzigingen in de internationale strategische verhoudingen hebben die trend volledig omgekeerd.

Voorheen was de belangrijkste preoccupatie van het Chinese leger de Sovjet-dreiging, nu is het de interne veiligheid: hoe houd je het eigen volk eronder, door middel van bezettings- en andere preventieve functies, ideologische controles en zonodig door hernieuwde militaire campagnes? Na zijn aftreden als voorzitter van de militaire commissie in november vorig jaar heeft Deng Xiaoping het opperste militaire gezag in naam overgedragen aan partijleider Jiang Zemin, maar dat is een klucht. De twee machtigste militairen zijn nu de gebroeders Yang, president Yang Shangkun (83) en Yang Baibing (70), hoofd van de centrale politieke afdeling van het leger. Onder de dagelijkse leiding van Yang Baibing voltrekt zich sindsdien een systematische gelijkschakeling, 're-maoisering' en vormt zich een homogene generaalskliek waartegen volgens Westerse militaire specialisten het verzet van het gematigde deel van de oude garde en van jonge technocraten steeds feller wordt. De omwentelingen in Oost-Europa hebben geleid tot een verdere verscherping van de politiek-ideologische controles in het leger.

Een Oosteuropese militaire attache zei bijvoorbeeld dat de Chinezen omstreeks januari, vlak na de omwentelingen, systematisch om informatie vroegen over de relaties tussen het leger, de veiligheidsdiensten, de politie en de civiele machtsstructuur. In paniek gebracht door de reuzezwaai in het Roemeense leger, begonnen staatsveiligheidsorganen een onderzoek naar mogelijke KGB-connecties van alle officieren die in de jaren vijftig in de Sovjet-Unie waren opgeleid. Op het ideologische front lanceerde Yang Baibing in februari een nieuwe campagne met een oud Mao-thema uit 1962, het trainen van Lei Feng, een opofferingsgezinde model-soldaat die door zijn altruisme sneuvelde. Een hele reeks communistische pseudo-helden is sindsdien gecreeerd om niet alleen soldaten, maar de hele jongere generatie tegengif tegen 'bourgeois-liberalisering' toe te dienen. Elke Chinees die men naar zijn mening hierover vraagt, haalt spottend zijn schouders op over zulke onnozelheid. Maar Yang Baibing roemt in elke redevoering de 'schroef-geest' van Lei Feng het besef een klein schroefje in de grote socialistische machine te zijn. Een ander stokpaardje van Yang Baibing is het promoveren van ideologisch 'superieure' soldaten tot officier 'om te verzekeren dat de geweerlopen in handen blijven van hen die absoluutloyaal zijn aan Marx-Lenin-Mao'.

Dit is een antwoord op de protesten en deserties van academisch gevormde officieren tegen het militaire bloedbad vorig jaar. Yangs grootste wapenfeit tot dusver is de overplaatsing van regionale militaire bevelhebbers, die in het diepste geheim in mei plaatshad. Het patroon was hier dat die generaals die vorig jaar zonder aarzeling de bevelen opvolgden en zich het meest onderscheidden in het neerschieten van ongewapende burgers, de grote promoties maakten. Militaire specialisten menen dat de meeste van China's 17 generaals gekant zijn tegen de machtsusurpatie van de gebroeders Yang, maar dat zij niets kunnen uitrichten zolang het regime zich belegerd voelt en zolang het tweetal de steun van Deng Xiaoping heeft.