Bijenkorf koopt de droom van Amerikaans kind

NEW YORK, 1 aug. Toen Tom Hanks in de film Big werd gevraagd wat hij in zijn vrije tijd het liefste deed antwoordde hij: 'Winkelen in FAO Schwarz'. En in de daaropvolgende minuten rende hij als een groot kind (wat hij volgens de film ook was) door de winkel: spelend met de zebra, schietend met straalpistolen en een wijsje dansend op een gigantisch pianotoetsenbord.

Hanks hoefde niet 'speelgoedwinkel' te zeggen: iedere Amerikaan weet dat FAO Schwarz, gisteren gekocht door Koninklijke Bijenkorf Beheer (KBB), de speelgoedwinkel van het land is, de droom van ieder kind en van veel volwassenen. Prinses Diana bracht er vorig jaar een bezoek, evenals Raisa Gorbatsjov.

Wat maakt FAO Schwarz zo uniek? Om te beginnen is de naam 128 jaar oud, en dat is in dit land methusalemiaans. Als je al zo lang bestaat word je al snel een legende. De winkel is ondanks zijn respectabele leeftijd altijd met zijn tijd meegegaan en staat nog steeds in de voorhoede van de speelgoedwereld: de nieuwste spelletjes staan bij FAO Schwarz.

De winkel is groot (ongeveer 4.500 vierkante meter), heeft hoge plafonds en doet er alles aan om het winkelen tot een gebeurtenis te maken.

Er lopen mensen rond verkleed als clowns of houten poppen. Autoracebanen en modeltreinsporen staan opgesteld en de treinen draaien hun rondjes. Bezoekers mogen overal aanzitten en alles proberen (behalve de treinen). De piano van Hanks staat er nog steeds; zij kost 3.000 dollar. De meeste cadeaus kosten tussen 15 en 50 dollar, het duurste is een giraffe van vier meter hoog die 8.000 dollar kost. Een model Jaguar is tweede, met een prijskaartje van 6.000 dollar. Ouders kunnen regelen dat een bediende ongemerkt achter het kind aanloopt en noteert wat het mooi vindt; de cadeautjes worden dan ongemerkt van de plank gehaald en ingepakt en bij het verlaten van de winkel als verrassing overhandigd door een clown.

Voor de drukbezette klant is er de 'two-minute shop', waar cadeautjes kant-en-klaar verpakt klaarliggen. Er is een grootmoedershoek voor u raadt het al.

De oorspronkelijke winkel opende in 1862 in Baltimore en verhuisde na vier jaar naar New York. De winkel had lange tijd maar drie filialen en pas 30 jaar geleden zijn nieuwe filialen geopend, waarvan er nog steeds 17 zijn. De catalogus zorgde voor landelijke verkoop en naamsbekendheid.

Alweer is in de Verenigde Staten een klassieke naam in het nationale geheugen opgekocht door een buitenlander. Eerder al gebeurde dit met Columbia Pictures, Rockefeller Center, Saks Fifth Avenue, Burger King, Brooks Brothers en RCA, om er maar een paar te noemen. Toch is er (nog) geen storm van sentiment opgestoken, zoals gebeurde na de verkoop van Rockefeller Center. Europese kopers zijn minder controversieel dan Japanse en tot nu toe durft niemand zich publiekelijk op te winden over een speelgoedwinkel.