Restanten van het verleden in foto's van Wijnanda Deroo; Devergankelijkheid vastgelegd

De interieurfoto's van de 35-jarige Wijnanda Deroo gaan over de afwezigen, over mensen die al jaren geleden stierven en over mensen die een seconde terug passeerden. Ze waren in kamers en zalen, in kantoren en winkels, werkplaatsen en ontspanningslokalen. Soms verbleven ze er een leven lang, in dagelijkse werkroutine oud wordend, soms kwamen ze alleen maar even langs. In alle gevallen deelden ze iets aan de ruimte mee, bleven hun schimmen bespeurbaar voor wie daar gevoel voor heeft.

Door BAS ROODNAT

Wijnanda Deroo dwaalt nu al een jaar of tien door de verlaten vertrekken en luistert naar de verklonken stemmen. Zij ontwikkelde een speciale techniek om de sfeer die zij tussen het verval en de afbrokkeling van ontruimde leefcentra aantreft fotografisch te conserveren. Haar zorgvuldige statieffotografie gaf de in de beeldende kunst beproefde vanitasgedachte nieuwe vorm en inhoud, de tot ongeveer een meter in het vierkant vergrote zwart-wit-foto's hebben te maken met het voorbijgaan van alle dingen en met onstuitbare vergankelijkheid die desondanks bestreden moet worden. Ze stralen altijd een tot meditatie uitnodigende melancholie uit.

In het Joods Historisch Museum in Amsterdam is deze zomer te zien hoe zij op haar specifieke manier in New York de sporen zocht van de stromen immigranten die daar een eeuw geleden de Verenigde Staten binnenkwamen. In de geexposeerde serie gaat het in het bijzonder om de joodse landverhuizers die door vervolging, armoe en honger uit oost- en midden-Europa naar de beloften van de Goldene Mediene in Amerika werden gedreven. Zij kwamen hoofdzakelijk in twee golven, de eerste tussen 1880 en 1914, de tweede in de jaren twintig. Het waren er vele honderdduizenden die na het passeren van de toegangspoort op Ellis Island een plekje zochten in de Newyorkse buitenwijk Lower East Side. Later ontstonden er joodse wijken in de Bronx en in Brooklyn. Na de verscherping van de Amerikaanse immigratiewetten begon de joodse gemeenschap aan de Lower East Side in de jaren dertig te verlopen. Van de vijfhonderd gebouwen die toen als synagogen dienden zijn de meeste nu verlaten, andere zijn nog bij een slinkende groep oude mensen in gebruik. Met een werkbeurs van WVC maakte Wijnanda Deroo in 1988 en 1989 reizen naar New York om aan de Lower East Side de restanten van vroeger te vinden. Zij fotografeerde in bij voorbeeld een bakkerij, een kosjer restaurant, in de synagogen, een ontmoetingscentrum, in een ruimte met een ritueel bad. Zij werkt altijd in zwart en wit en met het bestaande licht, dat door de ramen van buiten kan komen of van de aanwezige lampen. Een enkele keer zijn in de foto's mensen aanwezig, in de bakkerij en het restaurant bij voorbeeld, maar ze zijn in hun bewegingsonscherpte vervaagd tot schimmen, ze behoren al bij de talloze afwezigen die eens de lucht in de ruimte in beroering brachten. Die ruimte wordt door de lens van Deroo's camera tot in alle hoekjes afgetast, ondanks de melancholieke donkerte zijn haar foto's uiterst gedetailleerd; het meestal schaarse licht raakt alles toch even aan, een verschoven plank in de vloer, een slijtplek hier, een verbrokkeling daar, een scheur in de muur, motieven op restanten behang. De geschiedenis wordt tastbaar.

Eerder hield Wijnanda Deroo zich bezig met onder meer hotelkamers en de ateliers van kunstenaars. Zij was docente aan de academies van Arnhem en Breda, maar wijdt zich de laatste jaren uitsluitend aan haar eigen fotografie. De tentoonstelling over de Lower East Side is behalve in Amsterdam ook in het Jewish Museum van New York te zien.