Katten van Amsterdam; Witte bef + voetjes/kleur: smoke

Vandaag had ik het liefst een kat aan een mes geregen. Maar welke? Een paar jaar geleden had ik in een vlaag van waanzin een moeder en vier jongen uit Barcelona mee naar Amsterdam genomen, op een hemeltergende tocht langs voor dieren verboden hotels. Drie van die Spaanse kleintjes kon ik onderbrengen bij vrienden en kennissen. De moeder en een dochter brachten het totale kattenbestand in mijn huis op vijf. Dat liep eerst op de totale oorlog uit. De Amsterdammers verdedigden hun gebied te vuur en te zwaard tegen de Spaanse indringsters. Die oorlog veranderde in een wapenstilstand van maanden en ten slotte gedoogden ze elkaar. Echte vriendschap, laat staan liefde is er uit dit gedwongen samenzijn nooit voortgekomen.

Een van de vijf katten had nu op een stapeltje brieven gepist, gezeken, die woorden schieten nog tekort voor de stank die uit de enveloppen opsteeg. Het moest net gebeurd zijn, je zag hoe de urine zich in het papier vrat om tot stilstand te komen in de vorm van een eiland met van die roestkleurige rafels aan de rand. Ik stelde vloekend de schuldvraag, tevergeefs natuurlijk. De ene kat sliep, een twee deinde nuffig naar de keuken en de andere drie wendden hoofs hun kop af van mijn driftaanval, alsof ze zich voor mijn gedrag een beetje schaamden. Even dacht ik erover de hele zwik dan maar om te brengen. Het was niet de eerste keer dat ze papieren of boeken hadden bevuild. Het huis leek zo langzamerhand wel een grote kattebak waarin naar hartelust werd gebraakt, gescheten of gepist. De Spaanse dochter was er ook al in geslaagd de ijskast open te breken. Zelfs het geheim van een toch wel met vernuft aangebrachte klem had ze op een dag weten te ontraadselen. Dat zag ik toen de laatste rest achterham in de kamer uit haar bek bungelde.

Ik beheerste me, wierp nog een blik op mijn beminde ellendelingen en verliet het huis om af te koelen. Wat maakte het ook uit. In zeker opzicht was het huishouden door de vijf katten zelfs goedkoop geworden.

De stof van een nieuwe bank krabden ze in een paar weken aan flarden, de rechter poot van de piano was tot krabpaal gepromoveerd en in het zwarte linoleum zaten hier en daar lichte plekken, de nooit helemaal weg te werken moeten van uitwerpselen die daar ooit waren gedeponeerd. Wie zoveel katten tot zijn huisgenoten maakt hoeft nooit meer een meubelstuk, een muziekinstrument of een vloerbedekking te vervangen.'s Morgens om tien uur loop ik naar het Vondelpark. Het grijze licht kleurt bij mijn stemming, mijn hoofd staat niet naar een jubelende zon. Ik probeer alle katten van de wereld te vergeten, maar ze laten mij niet met rust. Op een boom is een biljet met een tekst in handschrift geplakt. Het is een affiche, dat op tientallen andere plekken in en om het park moet hangen: 'Onze oude bijna/ blinde rode kater/ is donderdagnacht/ (19 juli '90) weggelopen!/ Beloning!/ Bischot Vondelstraat 136/ tel.839244 b.g.g. 427317.' Een zo goed als blinde kat alleen op stap in Amsterdam.

Vooral uit het nummer dat bij geen gehoor kan worden gebeld spreekt genegenheid en tragiek. Ik mag me gelukkig prijzen dat mijn vijftal rustig thuis zit, wat voor vernielingen ze op dit ogenblik ook aanrichten.

Hoe vaak heb ik niet met briefjes naar een kat gezocht. Ik heb ze nooit op bomen geplakt, omdat die meestal te vluchtig worden bekeken. De kassa van de slager, de groenteman en de supermarkt zijn de beste plekken voor een aanplakbiljet dat tegelijkertijd een paspoort en een opsporingsbevel is. Daar blijft de kijkdichtheid immers het grootst. De brievenbus ligt ook voor de hand, al heb ik daarover nog eens moeten twisten met een PTT-beambte die de post in een grote zak op kwam halen. Hij vond dat een particulier bericht niet op dit busje in gemeentebezit thuis hoort.

Ook bij de ingang van het Vondelpark hangt het biljet over de blinde kater. Heel goed, dit kan niemand ontgaan. Het bedekt voor een deel de mededelingen over de openluchtvoorstellingen.

En vlak naast de blinde kater schittert ander verdriet: 'Lady is weg/ 16 juli 1990/ zwarte poes van 4 jaar/ witte bef + voetjes/ kleur: smoke, lichte kleur/ beharing onder zwarte haren/ schuw voor vreemden: wit-zilver bandje + penning/ beige vlooienbandje/ Lady laat zich niet aaien/ Kijkt u eens in uw schuurtje/ Barbara/ Nicolaas Maesstraat 116/020-6623965.' In het park klapwiekt een reiger weg. Twee waterhoentjes leren hun pluizig jong zwemmen. Wat zou Barbara met beharing onder zwarte haren hebben bedoeld? Ineens begrijp ik haar, het slot van de vorige regel moet worden mee gelezen: lichte kleur beharing onder zwarte haren.

Op het gras en de paden is geen kat te zien. Zoals altijd zijn er wel veel honden, die hier voornamelijk als tussenpersoon dienst doen. Door hun aanwezigheid kunnen de eigenaars met elkaar in gesprek komen. Ik denk aan de kat die jaren geleden uit mijn huis ontsnapte, een hemels dier, we respecteerden elkaars bestaan. Wij haalden bij elkaar wat er te halen viel en lieten elkaar verder met rust. Bijna jankend van verdriet zocht ik hem en kwam ten slotte bij een vrouw terecht, die van haar huis een opvangstcentrum voor katten had gemaakt. Zij liet mij binnen en in de keuken zag ik een onvergetelijk beeld. Tweeentwintig katten zaten in een halve cirkel op de ijskast, de wasmachine, de tafel, het aanrecht en keken mij onbeweeglijk aan. Mijn dier was er ook bij, ik kon mij niet vergissen, dezelfde tekening, dezelfde vacht, diezelfde altijd licht geloken ogen. Vlak voor de huisdeur wist hij weer te ontsnappen, gelukkig, 's nachts zat hij voor de deur. Hij had zijn huis natuurlijk toch kunnen vinden.

Later bleek dat er een onverklaarbare persoonsverwisseling had plaatsgevonden. De kat die 's nachts weer voor mijn deur zat was niet gecastreerd. En ik wist heel zeker dat het ontsnapte dier die behandeling wel had ondergaan. Toch leek de nieuwkomer in alles op hem. Het was of mijn kat voor de rest toch liever buiten wilde wonen en, om mij niet alleen te laten, zijn dubbelganger naar mij toe had gestuurd. 'Kat gezocht 'Mickey'/ Hoge beloning/ Uiterlijk (1 jr. oud)/ Wit met zwarte vlekken/ zwarte oortjes + neus/ sterk gebouwd/ geen halsbandje/ gelieve te bellen: 020-6620325.'

Natuurlijk, het kengetal van Amsterdam behoort ook te worden vermeld. Een ontsnapte kat kan best de stad verlaten, gaat de provincie in, bereikt misschien de grenzen van zijn land. Als de kans er in zit, hoe groot moet dan het verspreidingsgebied voor de aanplakbiljetten zijn? Het biljet met Mickey hangt net buiten het park. Alleen op dit affiche staat ook een tekening van de kat, onbeholpen en toch heel trefzeker heeft de (jonge?) vriend of vriendin Mickey weergegeven, de vlekken, de oortjes, de neus, het is er allemaal.

Ik ga een viswinkel binnen en koop een pond wijting, dat eet mijn vijftal het liefst. De morgen heeft nog een mededeling voor mij in petto: 'Op vakantie en nog steeds op zoek naar iemand die met plezier uw huisdieren en planten wil verzorgen? Bel dan 762646 of 6627575.' De aard van dit bedrijfje heb ik niet meer onderzocht. Maar misschien kan het daar beginnen, kan daar de centrale worden opgericht die systematisch in elke kelder en achter elke boom of struik kijkt om de verdwenen katten van Amsterdam op te sporen.