Hilversum eist restauratie-subsidies

HILVERSUM, 31 juli De gemeente Hilversum heeft bij de Raad van State beroep aangetekend tegen de beschikking van minister d'Ancona (WVC) om geen subsidie meer te geven voor de restauratie van het Hilversumse raadhuis. De minister komt door haar voorganger gedane toezeggingen niet na, meent de gemeente.

De AROB-procedure tegen de minister van cultuur is een nieuwe noodsprong van Hilversum om de restauratie van haar 'jonge monumenten' te betalen. De stad bezit relatief veel panden in de stijl van het 'nieuwe bouwen'. De gebouwen uit de jaren twintig en dertig zijn aan restauratie toe.

De rijksoverheid besteedt per jaar ongeveer 87 miljoen aan restauratie van gebouwen, maar dit bedrag wordt via een vaste verdeelsleutel verdeeld over de gemeenten, grotendeels op basis van het aantal monumenten van voor 1850. Hilversum krijgt een kleine miljoen gulden per jaar, veel te weinig voor herstel van de jonge monumenten.

B en W kwamen begin 1987 met het geruchtmakende plan een schilderij van Mondriaan te verkopen om met de geschatte opbrengst van zes a zeven miljoen Hotel Gooiland (1936) te restaureren. Maar de toenmalige minister van WVC, Brinkman, verbood verkoop van het schilderij naar het buitenland, waarna Hilversum zich tevreden moest stellen met 2,5 miljoen gulden van het Stedelijk Museum in Amsterdam.

In 1988 heeft Brinkman met Hilversum een principe-afspraak gemaakt over de restauratie van het raadhuis van architect W. M. Dudok uit 1931, Hotel Gooiland en het voormalige sanatorium Zonnestraal (1927). Als andere gemeenten het hun toegewezen bedrag voor restauratie niet helemaal zouden opmaken, zou dat geld worden besteed aan de drie panden in Hilversum, aldus plaatsvervangend hoofddirecteur cultuurbeheer van het ministerie, R. Sakko.

De restauratie van het raadhuis kost 27 miljoen gulden, waarvan de gemeente zelf 17 miljoen voor haar rekening neemt. WVC heeft vorig jaar op basis van de in 1988 gemaakte afspraak 3,6 miljoen gulden bijgedragen voor de eerste fase van restauratie, het herstel van de toren.

De tweede bouwfase zou in september van dit jaar beginnen. Maar begin juli werden B en W opgeschrikt door een schrijven van minister d'Ancona: 'De financiele (extra) inspanningen die van de zijde van het ministerie van WVC voor de grote jonge monumenten in Hilversum zijn verricht, te weten 3,7 miljoen voor Gooiland en (totaal) 3,6 miljoen voor het raadhuis, zijn voor deze monumenten het maximaal haalbare gebleken.' Het ministerie wil nog wel bijdragen aan de restauratie van het voormalig sanatorium Zonnestraal, net als Hotel Gooiland van de hand van architect J. Duiker. Hieraan was tot nu toe nog geen geld besteed omdat het gebouw nog geen bestemming had. Nu de vakcentrale FNV onderzoekt of het voormalige sanatorium kan worden gebruikt voor scholing, kan de restauratie waarschijnlijk dit najaar beginnen. Herstel van Zonnestraal is voor WVC nu belangrijker dan de restauratie van het raadhuis, aldus Sakko.

Hilversum vindt dat 'er zodanig vertrouwen is gewekt dat het WVC niet vrijstaat de subsidiering ineens te stoppen', aldus mr. G. J. M. Heuft van de afdeling juridische zaken. Heuft wijst op verschillende documenten en een toespraak waarin Brinkman zich voor restauratie zou hebben uitgesproken.

Als minister d'Ancona haar besluit van 2 juli niet herroept, volgt een bodemprocedure bij de Raad van State. Die kan 1 tot 2 jaar duren, maar Hilversum kan de Raad vragen het ministeriele besluit te schorsen en een voorlopige voorziening te treffen.