Kwalificatiespelers beheersen strijd om Nederlandsetennistitel; Lucky loser wint op Melkhuisje

HILVERSUM, 30 juli De internationale tenniskampioenschappen van Nederland op het Melkhuisje in Hilversum genoten gisteren een twijfelachtige primeur. Het evenement gaat de geschiedenis in als het eerste officiele toernooi in het moderne proftennis waarin de finale is betwist door twee spelers die zich pas via kwalificatiewedtrijden toegang tot het hoofdtoernooi hadden verschaft. Eduardo Masso, een Argentijn met een Belgisch paspoort, en de Spanjaard Francisco Clavet vormen ook bepaald geen spelers waar de tenniswereld wakker van ligt. Niettemin deed Clavet (148 op de ATP-ranking) in de finale tegen Masso (296 op de ATP-ranking) wat hij gezien het duidelijke verschil tussen beide spelers op de wereldranglijst wel verplicht was. Clavet won in vier sets (3-6, 6-4, 6-2, 6-0) en toucheerde daarmee een hoofdprijs van 30.960 dollar, ruim de helft van het bedrag (52.004 dollar) dat de 21-jarige Spanjaard vorig jaar in een heel seizoen bij elkaar sloeg.

Niettemin beschouwden Masso, die afgelopen zaterdag top tien-speler Emilio Sanchez in de halve finale nog had verslagen, en Clavet alleen het behalen van de eindstrijd in Hilversum al als een mijlpaal in hun carriere. In tegenstelling tot de groot-verdieners aan de top bewegen zij zich in een wereld van weinig glamour en glitter. Het beste voorbeeld daarvan vormt Francisco Clavet die dit jaar al veertien keer kwalificaties heeft moeten spelen om te worden toegelaten tot een of ander hoofdtoernooi. Negen keer overleefde hij de voorronden meer dan welke speler ook in het proftennis maar niet in Hilversum. Daar werd hij hij in de derde ronde van de kwalificatie verslagen door zijn landgenoot Costa. Maar door het wegvallen van de Fransman Leconte werd Clavet alsnog als zogeheten lucky-loser aan het deelnemersschema in Hilversum toegevoegd. Waar hij prompt voor de primeur zorgde dat hij de eerste lucky loser was die een officieel ATP-toernooi won.

Paradoxaal genoeg beschouwt Clavet de lijdensweg van kwalificatiewedstrijden niet als een doodlopende route naar het succes. Clavet: 'Ik heb in verschillende hoofdtoernooien al een paar keer een ronde gewonnen. Dat komt omdat je uitgerekend in de kwalificaties goed kunt wennen aan de baansoort, de ballen etc. Je hebt dan een voordeel wanneer je aan het hoofdtoernooi begint. Maar dat ik hier zou winnen had ik natuurlijk nooit gedacht.'

Spierblessure

Door zijn overwinningen in Hilversum tegen Novacek, Haarhuis, Jaite (een top tien speler wat bonus-punten oplevert), Camporese en Masso zal Clavet binnenkort een positie in de top 100 innemen, waardoor hij wordt verlost van het spelen van kwalificatiewedstrijden. Voor zijn tegenstander van gisteren Eduardo Masso geldt dat nog niet. De 26-jarige Argentijn die met een Belgische is getrouwd en in Brussel woont stond twee jaar geleden al 75 op de ATP-ranking maar maakte daarna ondermeer door een spierblessure bij de buik die gisteren ook weer opspeelde een vrije val op de wereldranglijst. Toch was Masso in Hilversum als verliezend finalist zo mogelijk nog opgewekter dan Clavet. Masso: 'Voordat ik naar Hilversum kwam had ik 13 wedstrijden achter elkaar gewonnen in satelliet-toernooien. Dat vormde voor mij al een bewijs dat ik in vorm was. Dan moet je je kans grijpen. Dat heb ik hier gedaan. Ik heb Prpic, Aguilera, Bruguera en Emilio Sanchez hier verslagen. Spelers die stuk voor stuk tot de beste graveltennissers ter wereld behoren. Maar ik heb voornamelijk plezier in mijn spel. Wanneer je steeds maar aan je ranking op de wereldranglijst loopt te denken kom je niet meer aan spelen toe.' Nog meer dan over zijn blessure klaagde Masso over vermoeidheid die hem in de finale tegen Clavet parten had gespeeld. Anderhalve set werd Clavet bestookt met verraderlijk gecamoufleerde drop-volleys en met raket-snelheid gelanceerde ballen vanaf de base-line van Masso. Daarna stortte de Argentijn volledig in en kon Clavet de wedstrijd onverstoorbaar naar zich toe trekken.

Dat het gebodene in de eindfase nog maar weinig met acceptabel tennis van doen had kon toernooi-directeur Piet van Eijsden nauwelijks verontrusten. Hij sprak na afloop van een topevenement, met een record-recette (16- tot 18000 toeschouwers in een week) en tevreden gezichten bij deelnemers, publiek en sponsors. Van hem hoeft het toernooi dat op de te kleine accommodatie bijna uit zijn voegen barst niet meteen te verhuizen naar een andere lokatie. De KNLTB (Van Eijsden: 'Het Melkhuisje is een meelifter met de tennisbond') onderhandelt daarover al geruime tijd met de gemeente Hilversum. Maar nu al staat vast dat het 250.000 dollartoernooi volgend jaar opnieuw op het Melkhuisje zal worden gehouden. Wel wordt er via Eurosport en de Avro volgend jaar met 17 a 18 uur live-televisie nog meer aandacht aan het evenement besteed dan dit jaar. Ook al kijkt geen mens naar die uitzendingen, dan nog heeft dat een aantrekkingskracht op de sponsors als de magneet op de spijker. Zodat Van Eijsden nu alvast filosofeert om in ieder geval het prijzengeld in de toekomst op te trekken. Van Eijsden: 'We blijven als toernooi zitten in het rijtje Gstaad, Stuttgart, Hilversum, Kitzbuhel. Er zijn spelers die van een vast patroon uitgaan en die toernooien vast in hun schema opnemen. Daardoor ben je altijd verzekerd van een goed deelnemersveld.'

Afzeggingen

Het feit dat in dergelijke gevallen op het laatste ogenblik altijd afzeggingen dreigen van gerenommeerde spelers in Hilversum bleven zonder opgaaf van reden toppers als Gomez, Leconte en Courier weg neemt Van Eijsden daarbij maar voor lief. Van Eijsden: 'Het is in de nieuwe situatie in ieder geval zo dat je als toernooi altijd kunt rekenen op een betere bezetting dan vroeger. Als Melkhuisje moest ik de laatste vijf jaar soebatten om een, hooguit twee spelers uit de top tien. En die kwamen dan vaak nog niet eens. Nu is het zo dat we zelfs na de afzeggingen van Leconte en Gomez nog acht spelers uit de top dertig hadden. Dat is hier nog nooit vertoond. Bovendien geloof ik dat de krachtsverhoudingen in het tennis dichter bij elkaar zijn komen te liggen. Zeker bij de spelers net onder de absolute top. Toronto werkte deze week met een prijzengeld van 1.200.000 dollar. Daar trokken zeven spelers zich terug. Dus garanties heb je als organisatie nooit. Daarom kan ik met deze situatie wel leven.'