Kreisky

IN ZIJN memoires schrijft de oude Bruno Kreisky peinzend over een ervaring als jongeman. Eerst in 1935 en dan na de Anschluss drie jaar later wordt de joodse austromarxist opgesloten en twee keer ontmoet hij ook een nazi die deugt. In 1938 helpt een nazi hem om aan de Gestapo te ontvluchten naar ballingschap in Zweden. De psychologische ongrijpbaarheid van de politicus Bruno Kreisky is later gebleven. De zoon van joodse ouders die demonstratieve contacten met Gaddafi zocht; de anti-zionist Kreisky wiens broer Paul naar Israel was geemigreerd; de socialist Kreisky die een deel van zijn familie in de holocaust had verloren en vervolgens jarenlange vetes uitvocht met nazi-jager Simon Wiesenthal. 'Ik ken de psyche van de mensen. Als je ze wilt veranderen moet je ze overtuigen, niet opjagen', zei Kreisky later eens.

Was het opportunisme van een bondskanselier die de macht slechts kon verwerven door het gespleten Oostenrijkse verleden met de mantel der liefde te bedekken? Dat zou kunnen, want in zekere zin belichaamde Kreisky met zijn facade van gemoedelijkheid de slinksheid van het dagelijks leven, die in de tradities van Midden-Europa past. Of was het berusting, omdat de burgerij in politiek opzicht altijd laf is, zoals Kreisky zich eens liet ontvallen? KREISKY KON met zijn houding rekenen op felle kritiek van iedereen die een fundamentele zuivering van 'Ehemaligen' als een daad van gerechtigheid beschouwde. Voor wie langs die morele lijnen van deugen versus niet-deugen Kreisky de maat nam en dat gebeurde voornamelijk buiten Oostenrijk deugde Kreisky dus niet en was hij ook daarom een passend symbool van de Alpenrepubliek. Was het maar zo eenvoudig. Kreisky en diens generatie hadden hun wereldbeeld gevormd in het interbellum. De Donau-republiek was toen een gehavend en geamputeerd stukje Donau-monarchie geweest. Het merendeel had er zich afgevraagd, waarom dat kind met het waterhoofd Wenen eigenlijk nog bestond en voor hetzelfde geld hadden de geallieerden er in 1919 ook een eind aan kunnen maken. Alle kwalen van Midden-Europa waren op Wenen neergestreken van het eeuwenoude antisemitisme tot de recente klassenstrijd, van het langgerekte verval van een even milde als wereldvreemde aristocratie tot de pseudo-frisheid van het klerikaal-corporatieve fascisme. Hitler had er in 1938 een eind aan gemaakt en het was als een bevrijding gevierd. Zeven jaar later hadden de geallieerden het land veroverd en het was wederom als een bevrijding gevierd. In 1955 kreeg Oostenrijk met meer geluk dan wijsheid de zelfstandigheid terug. Kortom, wie de historische, ideologische, politieke en geografische chaos van het Europa van de twintigste eeuw wenst te documenteren, kan in Wenen terecht.

TEGEN DIE achtergrond was het Kreisky die het neutrale Oostenrijk in de tijd van de Ontspanning een politieke rol gaf. Samen met Willy Brandt en Olof Palme beheerste hij een tijdlang het internationale toneel en maakte Oostenrijk groter dan het was. Zonnekoning noemden ze hem zelfs enige tijd.

Voorzover Oostenrijk nog steeds gebukt gaat onder een xenofoob getint gevoel van gekwetstheid heeft Kreisky in zijn dertien jaren als kanselier zijn land geen definitieve wending kunnen geven. Anderzijds was Kreisky de eerste kanselier, of liever: socialistische monarch, die Oostenrijk na 1918 een gevoel van eigenwaarde gaf. Of dat genoeg is voor na het jaar 2000? Zelf zou hij op zo'n vraag waarschijnlijk hebben geantwoord: 'Ach, wissen Sie, dann san wi alle tot.'