Teevee

Even rust. Tour de France achter de rug, en de WK is ook over. (Al eerder heb ik hier betoogd dat het gebruiken van afkortingen alleen maar goed te praten is als het bedrijfs- of beroepsjargon betreft, dus geen 'teevee' - maar hoe minder tijd we besteden aan de WK hoe beter.) De Tour volgde ik in het Nederlands, de WK grotendeels in het Belgisch, het Hongaars en het Zuidamerikaanse Spaans. Om met het laatste te beginnen, alle Zuidamerikaanse commentatoren hebben hetzelfde maniertje: ze spreken staccato, zeer snel, een beetje zoals voor-oorlogse radio-omroepers en houden daarbij twee tonen aan, d.w.z. zes of zeven lettergrepen op g en de achtste op een van e naar c zakkende toon. Dit gaat gewoon altijd door, ta-ta-ta-ta-ta-ta-ta-taoooooooh; ta-ta-ta-ta-ta-ta-taooooooh, steeds maar weer, zonder pauze. Wie goed luisterde tijdens de Tour de France kon op de achtergrond Colombiaanse en Costaricaanse omroepers horen - ditmaal echt radio - die diezelfde riedel aanhielden. Het is uiterst vermoeiend ernaar te luisteren, maar misschien is dat wel de bedoeling.

Toch is het luisteren naar Jean Nelissen en Mart Smeets ook vermoeiend.

Dat ligt niet aan hun toon van oude heren-brood-met-krenten om in hun genre te blijven, nee, het ligt aan het woordgebruik. Vooral Smeets lijdt aan de veronderstelling dat wij gediend zijn van rennersjargon, alsof we het nieuws over de invasie in Panama wilden horen in Amerikaanse legertaal. Dat de renners het af en toe niet zo nauw nemen met de grammatica is niet erg, maar waarom moet een groot deel van het verslag in zulk krom Nederlands? Ik geef een paar voorbeelden. Het werkwoord presteren is overdrachtelijk. Je presteert iets of je presteert niets. Maar 'hij presteert dit jaar niet', is krom Nederlands. Wat is er tegen om te zeggen: hij presteert dit jaar weinig? Het 'van voren rijden' is af en toe aardig, maar Smeets mag van mij best een keer zeggen dat iemand vooraan rijdt. Dan is er een uitdrukking voor een rijder die 'bijgehaald' is (ingehaald) en dat is zoiets als 'dan is het weer gedaan voor de moeite' met de klemtoon op gedaan. Waarschijnlijk Vlaams. Nogmaals, het mag allemaal, maar Smeets is bij mijn weten geen Vlaming, noch een wielrenner, en dan nog, hij mag het best eens gebruiken als hij een renner ondervraagt, om in het gevlij te komen, om te laten zien 'he, ouwe stoemper, we klappen allemaal dezelfde taal', maar niet zo sec, achter de monitor, tegen ons thuis. Het is net alsof je een stukje leest waarin herhaaldelijk bargoense woorden staan. Hoe mooi ook, je blik blijft haken, dingen die de aandacht niet verdienen krijgen die wel, er komt een verkeerde nadruk. Wieltje pakken, stukzitten, koersen, pakken (voor innemen), puur op de macht, het zijn allemaal woorden uit de taal van de zogenaamde insider, die op die manier wat terugverdient voor het feit dat hij niet zelf fietst. Rik de Saedeleer en Jan Mulder hebben allebei gevoetbald, maar ze bedienen zich niet voortdurend van voetbaljargon, een jargon dat ik overigens nog liever heb dan die vakbondstaal van de trainers die geen normaal woord meer kunnen uitbrengen.

Overigens hebben wij het niet zo slecht met de Nederlandse televisie.

Ik mocht enige tijd het Hongaarse aanbod bekijken en het Duitse en wat later het Amerikaanse, maar het aanbod van onze drie zenders steekt daar met kop en schouders bovenuit. Vooral Amerika is erbarmelijk. Temeer omdat de paar goede series die ze daar hebben door ons zijn weggekocht en dus onze dunk van het Amerikaanse aanbod onevenredig hebben verhoogd.

Toch heb ik er nog eentje ontdekt die ik de Nederlandse zuildirecteur (wat maakt mij het uit wie het uitzendt - en ik denk u ook niet) graag wil aanbevelen: 'The Boys'. Ik heb maar een halve aflevering gezien maar dat stuk was verrassend goed geschreven en voortreffelijk geacteerd door vier bekende oude tweede-plansacteurs waar ze er zoveel van hebben in de Verenigde Staten. Volgens mij gaat het om vier mannen die vaak 's avonds met elkaar pokeren en dan het een en ander bespreken. Een van de tafelgenoten zei tien minuten niets maar ging niet zoals Nederlandse acteurs doen toch zitten meespelen. Nee hij keek peinzend en bleef verder doodstil zitten. Perfect gespeeld, graag op de buis. Alvast bedankt.

En voor degene die het koopt heb ik hier nog een gratis idee erbij: elke maandagavond, tien minuten, los, met Willem van Hanegem, over het voetbal van de afgelopen week, het voetbal in het algemeen, spelers die zijn opgevallen, trainers die zijn opgevallen en andere stokpaardjes van Van Hanegem. Als Willem eigen ideeen heeft, dan moeten die zonder pardon worden uitgevoerd. Die man is altijd leuk, en bovendien zeer, zeer origineel. Als aangever iemand die niet zelf wil schitteren maar Van Hanegem aanvoelt en kan sturen. Ik dacht wellicht Jan Mulder, als die zin en tijd heeft. Hij voelt Van Hanegem in ieder geval aan, getuige een briljant stuk over een televisiefilmpje van Willem, wat volgens Jan niet lang genoeg had kunnen duren. In dat programma laat Willem o.a. zijn zoontje, 14 maanden oud, geheel in voetbaltenue, aan een rekstok hangen, ondersteboven, aan de knietjes. 'En je traint je buikspieren', zei Willem, 'en je blijft hangen tot ik terug ben.'

Het ventje geeft nog een soort knikje. Nauwelijks is Willem weg of het ventje valt naar beneden. Buiten beeld horen we Van Hanegem nog zeggen: 'Nou al... '.