Spanning in het EMS legt bodem onder rentetarieven

UTRECHT, 28 juli De snelle rentedaling zoals die zich de laatste anderhalve maand voordeed heeft zich afgelopen week niet voortgezet. De middellange rentewijzer bleef met 8 3/4 procent op vrijwel hetzelfde niveau liggen als de voorgaande week. Hierbij zorgde de koersval maandag op Wall Street, die het blijvend instabiele beeld van de Amerikaanse aandelenmarkt bevestigde, voor enige onrust aan het rentefront.

De dollar moest tegen de achtergrond van de berichten over de zorgelijke situatie van de bankensector in de Verenigde Staten terug, en zakte tegenover de gulden tot in de buurt van het laagste niveau in de laatste 2 jaar. De andere factor die vooralsnog een bodem onder de rentetarieven legt betreft de spanning in het EMS. Ondanks interventies van diverse centrale banken bleven mark, franse frank en gulden onder in het stelsel liggen, terwijl de lire en vooral de peseta zich op de maximale bovengrens bevonden. Dat landen met een fundamenteel sterke valuta hun munten moeten steunen tegenover de zwakkere valuta is op zich een vrij ongewone situatie. Sinds evenwel de Duitse mark, de 'anker' valuta van het EMS, aan kracht heeft verloren in het licht van de onzekere monetaire consequenties van de Duitse eenwording, zijn de kansen op een herschikking verminderd. Dit heeft de attractiviteit van de 'traditioneel' zwakkere maar hogerrentende valuta verhoogd.

Hoewel de verhoging van de speciale beleningsrente van twee weken terug dus geen effect had op de guldenpositie in het EMS, bleef de gulden/mark verhouding (uiteindelijk de bepalende factor voor het wisselkoersbeleid van de centrale bank) rond de spilkoers noteren. DNB handhaafde het tarief op laatste speciale belening dan ook op 8 procent. Ook fundamenteel gezien is er geen reden te twijfelen aan de kracht van de gulden. Dit werd afgelopen week nog eens bevestigd door het inflatiecijfer over juni: de prijzen daalden in deze maand met 0,1 procent hetgeen een opnieuw meevallend inflatietempo van 2,2 procent op jaarbasis inhoudt. Bovendien verlaagde het CPB de schatting voor 1991 van 2,5 procent naar 2 procent. Voorlopig evenwel zullen speculaties omtrent een Japanse disconto-verhoging en de valutaire ontwikkelingen in het EMS een verdere rentedaling bemoeilijken.

Eurokapitaalmarkt. De Japanse centrale bank liet deze week haar sporen na op de internationale kapitaalmarkten. Onduidelijk ingrijpen van deze monetaire autoriteit op de Japanse geldmarkt wakkerde de vrees aan voor een op til zijnde verhoging van de korte rente, leidend tot fors lagere koersen op de kapitaalmarkt. Het rendement op langlopende Japanse staatsleningen bereikte de afgelopen week zelfs het hoogste niveau sinds 6 jaar.

De Amerikaanse obligatiemarkt had maandag de hulp van een wegzakkende Dow-Jones nodig om de door Japan geindiceerde rentestijgingen te boven te komen. Beleggers zien met name staatsleningen als een veilige haven in geval van wegzakkende aandelenkoersen. Per saldo bleef de Amerikaanse rente dan ook nagenoeg onveranderd.

Overigens kleeft er wel een nadeel aan dit 'flight to quality'-effect. In het licht van het ten opzichte van Japan afgenomen rente-ecart kan het omvangrijke beroep dat de Amerikaanse overheid de volgende maand op de kapitaalmarkt gaat doen met enige zorg tegemoet worden gezien. De interesse van Japanse beleggers voor Amerikaans vastrentend papier zal de afgelopen week niet bepaald zijn toegenomen hoewel naar schatting 75 procent van de Japanse aankopen worden doorgesluisd naar Europa. Echter ook ten opzichte van de Duitse rente is het ecart afgenomen zodat ook uit die hoek vanuit rente-oogpunt bezien geen extra vraag-impuls te verwachten valt.

Op de eurokapitaalmarkt werden de bovenstaande ontwikkelingen vooral weerspiegeld in het omzet-volume alsmede op de emissie-aktiviteiten. Ondanks het 'flight to quality'-effect en de ten opzichte van de meeste Europese valuta lagere dollar konden de koersen op de Eurodollarmarkt de binnenlandse ontwikkelingen volgen. Verantwoordelijk hiervoor is naar alle waarschijnlijkheid de Japanse yen, die ten opzichte van de dollar terrein moest prijsgeven. De belangstelling op de eurokapitaalmarkt ging vooral uit naar leningen in de hoogrentende Canadese dollar-sector. Een ruggesteun hierbij vormde de Canadese dollar zelf, die ten opzichte van zijn Amerikaanse evenknie het hoogste punt sinds 10 jaar bereikte.

Bron: Rabobank Nederland