Schandaal zorgt weer voor onrust op Tokiose beurs

TOKIO, 27 juli De beurskoersen in Tokio leden vandaag opnieuw onder een curieuze nawee van Zwarte Maandag, de internationale beurscrash op 19 oktober 1987. Het Nikkei-gemiddelde (van 225 geselecteerde fondsen) tuimelde aanvankelijk met bijna 1000 yen (3,2 procent). Later op de dag herstelde de Nikkei zich enigszins en sloot ten slotte 506 yen (1,56 procent) lager.

Oorzaak is de bekendmaking eerder deze week door de Japanse Belastingdienst dat meer dan tien Japanse effectenhuizen voor 100 miljoen gulden zullen worden beboet. De effectenhuizen zouden hun klanten compensatie hebben gegeven voor beursverliezen uit 1987 en die hebben afgetrokken van hun eigen belastingaangifte. Alle betrokken firma's hebben ontkend dat er sprake zou zijn van onrechtmatigheden.

Vriendelijk gezegd is het een kwestie van verschil in interpretatie tussen de Belastingdienst en de effectenhuizen. Het is goede gewoonte in deze sector om vette klanten geheel informeel een bepaald rendement te garanderen. Na Zwarte Maandag zakte de gemiddelde prijs van aandelen op de beurs van Tokio 3836 yen, oftewel 15 procent. In geval van zo'n groot koersverlies is het, in de optiek van een effectenmakelaar, niet meer dan service om te proberen iets van die verliezen weer goed te maken.

Dat is, volgens de Belastingdienst, gebeurd door obligaties te verkopen aan deze klanten onder de marktprijs, en ze vervolgens terug te kopen voor de marktprijs. Dit hebben de effectenmakelaars in kwestie op hun belastingaangifte aangemerkt als een verliespost. Maar de Belastingdienst beschouwt ze als zakenonkosten. Tot de bedrijven, die bij elkaar voor 100 miljoen gulden worden aangeslagen, horen ook Yamaichi en Daiwa, twee van de vier grootste effectenhuizen van Japan.

Het bericht van de Belastingdienst drukte vandaag opnieuw de stemming op de beurs van Tokio, al is het van een heel andere orde dan een tegenvallende economische indicator. De vooruitzichten voor het bedrijfsleven zijn er weliswaar niet minder gunstig om geworden, maar wel komen de aantrekkelijke constructies waardoor relatief risicoloos belegd kan worden onder druk te staan. Als het Daiwa moeilijk wordt gemaakt om zijn klanten een toegezegde winst toe te spelen, dan kan het aantrekkelijker zijn om je geld gewoon bij een bank onder te brengen.

Een andere koersdrukkende factor is de geur van schandaal die er om de belastingaanslag heen hangt. 'Het is puur pychologisch', zegt een analist van Salomon Brothers. 'Maar zodra zich iets irreguliers voordoet, dan zie je dat iedereen geneigd is een afwachtende houding aan te nemen. De Belastingdienst is aan het wroeten en wie weet wat er nog meer boven water komt. In het ergste geval leidt het weer tot een slappe markt zoals we aan het begin van dit jaar hebben gezien (toen de aandelenkoersen 25 procent aan waarde verloren, red.). Maar aangezien op de obligatiemarkt niets zorgwekkends is gebeurd, loopt het niet zo'n vaart.'