Ondernemers willen grotere betrokkenheid bijontwikkelingshulp

ROTTERDAM, 27 juli De werkgeversorganisaties NCW en VNO vinden dat minister Pronk van ontwikkelingssamenwerking meer aandacht moet besteden aan de rol die het Nederlandse bedrijfsleven in ontwikkelingslanden kan spelen. Zij hebben dat deze week in een brief aan de minister duidelijk gemaakt.

NCW en VNO lopen met hun brief vooruit op een nota over het toekomstig ontwikkelingsbeleid die in september zal verschijnen en binnenkort door de Raad voor Ontwikkelingssamenwerking (ROS) zal worden behandeld.

De werkgevers wijzen er op dat uit studies van internationale organisaties als de OESO, de Wereldbank en de VN blijkt dat particuliere ondernemingen een essentiele rol spelen in het ontwikkelingsproces. Pronks optreden tot nu toe geeft de werkgevers de indruk dat hij inkomensoverdracht van rijke industrielanden naar ontwikkelingslanden vooral van overheid tot overheid (eventueel via een organisatie als de VN) wil doen plaatsvinden.

Ook vrezen NCW en VNO dat Pronk in de zogeheten 'ontbinding' van de ontwikkelingshulp (die een ontwikkelingsland ontslaat van de verplichting verleende hulp in het land van herkomst te besteden) verder zal gaan dan andere donorlanden. Nu al gaat Nederland daar in verder dan de meeste andere donorlanden (de Scandinavische wellicht uitgezonderd). Deze Nederlandse houding benadeelt het bedrijfsleven onevenredig.

De minister zou bij zijn bezoeken aan ontwikkelingslanden vaker het lokale ondernemingsklimaat ter sprake moeten brengen. Particuliere investeerders laten zich vaak afschrikken door een ondoorzichtige of onvolledige wet- of regelgeving (bij voorbeeld wat betreft belastingen, vestigingseisen, invoerbeperkingen en overheveling van winsten) en door tekorten aan de 'fysieke' infrastructuur: wegen, havens en telecommunicatie. Het ICC (de Internationale Kamer van Koophandel) heeft deze problemen uitputtend geinventariseerd.

Omdat aan investeringen in ontwikkelingslanden vaak extra risico's zijn verbonden zou er voor investeringen met voldoende 'ontwikkelingsrelevantie' een aparte (gedeeltelijke) garantiereregeling moeten komen. (De Wet Herverzekering Investeringen geldt alleen binnen Nederland.) De mogelijkheden van de Multilateral Investment Guarantee Agency (MIGA) van de Wereldbank zijn te beperkt. Een uitgewerkt voorstel voor de POPM-regeling (Particuliere Ontwikkelings- en Participatiemaatschappijen) heeft de minister al enige tijd geleden ontvangen.