Neerslaan opstand 1956 veroordeeld

PRAAG, 25 juli Het Sovjet-ingrijpen in Hongarije in 1956 is 'ontoelaatbaar' geweest. Dat zei gisteren in Praag Gennadi Gerasimov, de woordvoerder van het Sovjet-ministerie van buitenlandse zaken. Hij voegde daaraan toe dat de interventie, waarmee de opstand tegen het stalinisme in Hongarije bloedig werd onderdrukt, onderwerp is van een algehele heroverweging van de Sovjet-geschiedenis. Hetzelfde geldt voor de Sovjet-invasie in Tsjechoslowakije in 1968. Het Hongaarse parlement heeft maandag in een resolutie het Sovjet-parlement gevraagd het Sovjet-ingrijpen in 1956 waarbij 32.000 doden vielen als 'illegaal' te veroordelen. Zelf heeft het Hongaarse parlement zich uitdrukkelijk gedistantieerd van de onderdrukking van de opstand, die nu officieel een volksrevolutie wordt genoemd, en de ter dood of tot langdurige gevangenisstraf veroordeelde leiders gerehabiliteerd.

Gerasimov zei gisteren niet op de hoogte te zijn van het verzoek aan de Opperste Sovjet. Maar, zo voegde hij daaraan toe, 'we zijn zelf bezig met een heroverweging van onze geschiedenis. De gebeurtenissen in Hongarije in 1956 en die in 1968 in Tsjechoslowakije zullen daarbij zeker als ontoelaatbaar worden beschouwd.' Sovjet-minister van buitenlandse zaken Sjevardnadze heeft de inval van 1968 al eind vorig jaar veroordeeld. (AP)